3. Werken aan een toekomstbestendige economie
Werken aan een toekomstbestendige economie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Werken aan een toekomstbestendige economieDe Provincie Limburg richt zich op het creëren van gunstige voorwaarden voor een toekomstbestendige en flexibele regionale economie. We streven naar een economisch klimaat waarin innovatie, duurzaamheid en slimme technologieën centraal staan en snel tot wasdom komen. Tegelijkertijd zien we ons gesteld voor uitdagingen, mede als gevolg van recente ontwikkelingen zoals het Peter Wennink-rapport, het Draghi-rapport en veranderingen in nationaal en internationaal beleid. Deze trends onderstrepen het belang van versterking van onze concurrentiepositie, stimulering van innovatie en het borgen van veiligheid, waaronder de defensiesector.
Met een focus op groene industriepolitiek investeren we in de opbouw van de circulaire economie binnen Limburg. De doorontwikkeling van de Brightlands campussen blijft een belangrijke pijler, waarbij we aanvullend werken aan de oprichting van een provincie-dekkend conventiebureau. Dit moet de zakelijke markt versterken en zakelijk toerisme bevorderen met behulp van de Brightlands-initiatieven. Ook ondersteunen we overige toeristische sectoren en stimuleren we mkb-innovatie die inspeelt op maatschappelijke vraagstukken in uiteenlopende sectoren. Om innovatieve mkb’ers te faciliteren, werken we aan de inrichting van ondersteuningsfondsen.
Aantrekkelijkheid van Limburg als vestigingslocatie voor bedrijven en talent is een belangrijk speerpunt. Hiervoor voeren we een gerichte acquisitiestrategie en zetten we in op waardering van vakmanschap, versterking van het beroepsonderwijs en ondersteunen we een lerende en samenwerkende maakindustrie. Het vergroten van de beschikbaarheid van gekwalificeerd personeel is hiervoor essentieel, zeker gezien de recente arbeidsmarktontwikkelingen.
Gezien de actuele nationale en internationale politieke situatie, blijft het van groot belang een sterke en innovatieve regio te zijn. Dit vraagt mogelijk om herprioritering en aanvullende inzet binnen het toekomstig economisch beleid van de provincie.
Met het ‘Blijversbudget’ richten we ons op het bevorderen van innovatie en conceptontwikkeling in de agrarische sector, zodat het platteland toekomstperspectief houdt met minder milieubelasting. Dit instrument maakt onderdeel uit van de transitie naar een duurzamere landbouw.
Tot slot benutten we de grensoverschrijdende ligging van Limburg optimaal. In samenwerking met het Rijk zetten wij in op de gezamenlijke kandidatuur met België en Duitsland voor de Einstein Telescope in de Euregio Maas-Rijn, waarmee wij de internationale samenwerking en verdienkracht verder versterken. We blijven daarnaast betrokken bij omvangrijke projecten zoals de verduurzaming van Chemelot en Maastricht Aachen Airport (MAA).
Onze beleidskaders
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Onze beleidskaders- Werken aan een Toekomstbestendige Economie 2024-2027 (PS 12 april 2024)
- 2e Gewijzigd Statenvoorstel inzake Brightlands - visie en rol Provincie Limburg (PS 24 juni 2022)
- Gewijzigd Statenvoorstel Brightlands Campus Greenport Venlo - campus en vastgoed - visie en inzet tot 2030 (PS 19 december 2022)
- Statenvoorstel Campus Vastgoed Greenport Venlo inzet en visie tot 2030 (PS 10 februari 2023)
- Statenvoorstel inzake Uitwerking transitie Maastricht Aachen Airport (PS 16 december 2022)
Voor een aantal majeure integrale ontwikkelingen zijn door Provinciale Staten afzonderlijke kaderstellende besluiten genomen die toezien op inzet en middelen: verduurzaming Chemelot, Brightlands, VDL/NedCar en MAA.
Wat hebben we bereikt?
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt?3.1. Vestigingsklimaat van morgen
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt? - 3.1. Vestigingsklimaat van morgen- In 2027 zijn onze acquisitieresultaten verbeterd, kennen we het Limburgse bedrijfsleven beter en is het zakelijk toerisme gegroeid.
- In 2027 is de acquisitiesamenwerking met stakeholders in Limburg dusdanig versterkt dat nieuwe potentiële leads die kansrijk zijn voor Limburg, in gezamenlijkheid worden verkend.
- In 2027 zijn de (ruimtelijke) randvoorwaarden gecreëerd voor de beoogde versterking van het toekomstbestendig en kwalitatief hoogwaardig vestigingsklimaat in 2027.
De voortgang richting de realisatie van de gestelde doelen is een continu en dynamisch proces. De in 2025 uitgevoerde werkzaamheden, onder andere op het gebied van acquisitie en het op diverse fronten versterken van de samenwerking met partners, dragen hier direct aan bij. Ook het beter in kaart brengen van het vestigingsklimaat in Limburg vormt een belangrijke basis voor het behalen van de doelstellingen in 2027. De ingezette koers biedt daarmee vertrouwen in het bereiken van de doelstellingen op het gebied van acquisitie, samenwerking en het duurzaam versterken van een toekomstbestendig en kwalitatief hoogwaardig vestigingsklimaat.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren worden in het voorjaar geactualiseerd middels de P&C beleidsmonitor voor Limburg voorjaar 2026.
3.2. Innovaties voor de maatschappelijke opgaven
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt? - 3.2. Innovaties voor de maatschappelijke opgavenEr is actief en succesvol ingezet op de ontwikkeling van de innovatiekracht van het Limburgse MKB. Daarbij maken wij gebruik van het specifiek daarvoor opgezette programma Limburg Toekomstbestendig en deelname van het Limburgse MKB aan Europese gefinancierde projecten en nationale innovatieprogramma's zoals de MIT-regeling: MKB-innovatiestimulering Regio en Topsectoren. Daarnaast onderzoeken wij in hoeverre flankerend beleid de concurrentiekracht van MKB-bedrijven kan versterken. Hierbij zijn de volgende moties meegenomen:
- Motie 3057 2e Gewijzigde Motie 3057 Jenneskens c.s. inzake MKB-toets voor provincie;
- Motie 3059 Gewijzigde Motie Schyns c.s. Beter zicht op het Limburgse vestigingsklimaat;
- Motie 3192 Berghorst c.s. inzake Zorg Innovatie Hub;
- Toezegging 9697 Beschouwende notitie betreffende het Financieel instrumentarium start- en scale-ups;
- Toezegging 9571 Evaluatie MKB-fondsen.
De ontwikkeling van de Brightlands campussen ligt op koers, maar ziet zich ook gesteld voor nieuwe uitdagingen. De campussen vervullen hun rol in het samenbrengen van kennis, onderwijs en ondernemerschap op vier locaties in Limburg goed. Er wordt gewerkt aan groei en verdere professionalisering. Er vindt ook meer en meer samenwerking plaats tussen de vier Brightlands campussen. Ontwikkelingen in de omgeving zoals mondiale tegenwind voor circulaire economie, of een terugtrekkende aandeelhouder, of de krapte aan talent werpen uitdagingen op. Daarnaast ontstaan er ook nieuwe kansen bijvoorbeeld op dossiers als defensie, verduurzaming van Chemelot of de impuls voor een geïntegreerde gebiedsontwikkeling in Maastricht.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren worden in het voorjaar geactualiseerd middels de P&C beleidsmonitor voor Limburg voorjaar 2026.
3.3. Een gezonde arbeidsmarkt
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt? - 3.3. Een gezonde arbeidsmarkt- In 2027 is de flexibiliteit en robuustheid van de onderwijsinfrastructuur (MBO, HBO en WO) in Limburg versterkt en vergroot.
- In 2027 is er een Leven Lang Ontwikkelen-infrastructuur die de inwoners van Limburg in staat stelt om hun kennis en vaardigheden op peil te houden.
- In 2027 werken onderwijs, bedrijfsleven en overheid samen aan de kritische factor human capital bij het doen slagen van de transities.
De uitvoering van het onderwijs- en arbeidsmarktbeleid ligt op koers. De beoogde doelstellingen voor 2025 zijn behaald waardoor samenwerking met onderwijs- en arbeidsmarktpartijen is geïntensiveerd en succesvolle aanvragen zijn ingediend bij nationale en Europese regelingen. Tevens is in 2025 het Actieprogramma Talent Charter 2035 door PS goedgekeurd, waarmee een impuls gegeven wordt aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt door enkele structurele arbeidsmarktuitdagingen (op het gebied van arbeidsparticipatie, arbeidsomvang, arbeidsmarktpositie en arbeidsproductiviteit) aan te pakken.
Wat merkt de Limburger ervan?
- Nieuwe onderwijs- en arbeidsmarktinitiatieven rondom basisvaardigheden, trinationaal onderwijs en vakmanschap.
- Toegankelijke dienstverlening via GIP’s tot en met 2028.
- Zichtbare impuls op (regionale) talentontwikkeling met start van werkgeversaanpak.
- Kansen voor iedereen om zich te ontwikkelen en duurzaam inzetbaar te blijven op een veranderende arbeidsmarkt.
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren worden in het voorjaar geactualiseerd middels de P&C beleidsmonitor voor Limburg voorjaar 2026.
3.4. Verduurzaming en circulaire economie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt? - 3.4. Verduurzaming en circulaire economie- Tegen 2027 heeft de Limburgse economie een grotere mate van circulariteit bereikt door de implementatie van R-strategieën, waarmee we in lijn zijn met de nationale doelstelling van 50% circulariteit tegen 2030.
- In 2027 werken we met onderwijs, bedrijfsleven en overheid intensief samen om de circulaire transitie te versterken.
- In 2027 zijn de ruimtelijke, juridische, digitale en financiële randvoorwaarden zo ingericht om de uitrol van kansrijke ontwikkelingen mogelijk te maken.
We liggen op koers, in 2025 heeft de Provincie Limburg samen met partners flinke stappen gezet richting een circulaire economie. Meer dan 160 projecten zijn ondersteund, het onderwijs is verrijkt met open source leermodules, er is meer samenwerking bij bedrijventerreinen en er zijn belangrijke stappen gezet richting een circulair Chemelot. Ondanks beperkte opschaling op enkele thema’s, leggen we een stevige basis voor verdere groei. Knelpunten liggen vooral op het gebied van Europese en landelijke regelgeving, marktopname en opschalingssnelheid.
Wat merkt de Limburger ervan?
De mondiale klimaat- en natuurdoelen zijn niet haalbaar zonder het grondstoffengebruik terug te dringen. Daarnaast is vanwege geopolitieke ontwikkelingen de beschikbaarheid van grondstoffen in de toekomst geen vanzelfsprekendheid en kunnen daarmee samenhangende prijsfluctuaties nadelig uitpakken voor burgers en bedrijven. De noodzaak om minder en efficiënter grondstoffen te gebruiken is dan ook zowel vanuit economische- als vanuit milieuoverwegingen evident en dat is precies waar de transitie naar een circulaire economie zich op richt. Door slim productontwerp zijn minder of minder schadelijke grondstoffen nodig, is reparatie mogelijk zodat producten en onderdelen langer meegaan en is hoogwaardige recycling eenvoudiger te realiseren waardoor over de hele levensduur minder grondstoffen nodig zijn. En naarmate bedrijven meer circulair opereren, zijn ze meer toekomstbestendig.
De ambitie van 50% circulariteit in 2030 blijkt zowel op Europees, landelijk en provinciaal niveau nog niet haalbaar. Dit heeft te maken met belemmeringen waar de Provincie geen invloed op heeft. We gaan echter onverminderd door met onze inzet op die punten waar een provinciale rol te spelen valt. Daarnaast is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. Zoals aanbevolen door de Zuidelijke rekenkamer (rapport Zuidelijke Rekenkamer Circulaire Economie Provincie Limburg, januari 2026) volgen wij samen met het Rijk, andere provincies en externe instellingen zoals het CBS een lerende aanpak om de monitoring van de transitie naar een circulaire transitie te verbeteren. Op termijn zal hierdoor beter meetbaar zijn hoe Limburg ervoor staat in de circulaire economie en of de gestelde doelen worden behaald.
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren worden in het voorjaar geactualiseerd middels de P&C beleidsmonitor voor Limburg voorjaar 2026.
3.5. Gezonde toekomst voor de land- en tuinbouw in Limburg
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat hebben we bereikt? - 3.5. Gezonde toekomst voor de land- en tuinbouw in Limburg- In 2027 is er meer kennis over de land- en tuinbouw in Limburg en daardoor begrip ten aanzien
van de sector en de transities.
In 2027 zijn er 120 agrarische koplopers en innovatoren ondersteund met het marktrijp maken van kansrijke innovaties en concepten ten behoeve van de transities. Daarnaast zal er eind 2025 een uitgebalanceerd pakket beschikbaar zijn ten behoeve van de transities in de landbouw. Hierbij besteden we minimaal de helft van het beschikbare budget aan oplossingen die duurzaam en diervriendelijk zijn.
We werken aan een communicatiestrategie, waarmee we gaan zorgen voor actieve informatie naar de Limburgse agrariërs ten aanzien van kennis- en informatieoverdracht en regelingen. Daarnaast beogen we met de communicatiestrategie ook educatieve en kleinschalige initiatieven te ondersteunen gericht op de relatie tussen boer en burger.
Tot slot werken we aan een platform waar partijen die betrokken zijn bij het perspectief van de blijvende ondernemer in Limburg met elkaar spreken over de strategie en aanpak om deze ondernemers teondersteunen met het uitstippelen van de toekomstontwikkeling van hun bedrijf.
Met onze inspanningen in 2025 liggen we voor een groot gedeelte op koers om onze doelen te bereiken. Door deze inspanningen kunnen we in 2026 ook concreet zaken gaan uitvoeren die onze agrarisch ondernemers gaan helpen met het verduurzamen en toekomstbestendig maken van hun bedrijf.
Wat merkt de Limburger ervan?
In 2025 zijn diverse Limburgse agrofood ondernemers ondersteund met het ontwikkelen van innovaties voor een duurzame landbouw. Dit is met name gedaan door gebruik te maken van diverse fondsen en regelingen zoals de Europese programma's (Interreg, OPzuid en NSP) en de eigen provinciale regeling Economie en Innovatie. Met deze ontwikkelingen werken deze ondernemers aan een gunstig ondernemersklimaat voor de agrofood én aan oplossingen voor de maatschappelijke opgaven zoals duurzaamheid (stikstof, klimaat en water) en diervriendelijkheid.
Van de bestede middelen in 2025 is 72% besteed aan projecten en investeringen die duurzaam/diervriendelijk zijn.
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren worden in het voorjaar geactualiseerd middels de P&C beleidsmonitor voor Limburg voorjaar 2026.
Wat heeft het ons gekost?
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat heeft het ons gekost?Voor het behalen van de resultaten van programma 3 Werken aan een Toekomstbestendige Economie bedragen de lasten in 2025 € 69,56 mln. Dit is € 1,86 mln. lager dan de begroting na wijziging 2025.
Een belangrijke oorzaak van deze hogere lasten wordt verklaard door een afwaardering van NV Holding Businesspark Luchthaven Maastricht ad € 19,26 mln.. Van deze afwaardering heeft € 9,48 mln. betrekking op een geplande afwaardering conform begroting. Dit zijn de agiostortingen van de Provincie in NV HBLM in 2025. Conform het kredietbesluit van PS van 16 december 2022 worden deze agiostortingen direct afgewaardeerd. Daarnaast is er een aanvullende afwaardering van € 9,78 mln. Deze afwaardering is volledig gedekt uit de risicoreserve Financieel Instrumentarium Sturing in Samenwerking, aangezien al sinds 2020 het conservatieve uitgangspunt wordt genomen dat een mogelijke afwaardering van de boekwaarde op HBLM tot de mogelijke scenario’s behoord. Tot vorig boekjaar was ons standpunt dat het perspectief in de business case van HBLM nog voldoende was om het verschil tussen de boekwaarde en het eigen vermogen van de vennootschap te overbruggen. Dit ondanks het verwateringseffect (van 100% naar 60% van de aandelen) door de aandelenuitgifte in 2023 aan Schiphol Nederland BV.
Naast de overschrijding als gevolg van bovenstaande afwaardering is er sprake van onderbesteding op overige budgetten, zoals diverse procesmiddelen en subsidies welke vanaf 2026 in uitvoering zullen komen worden overgeboekt naar 2026 en verder.
Daarnaast bedragen de baten in 2025 € 7,29 mln. Dit is € 3,37 mln. hoger dan de begroting na wijziging 2025. De belangrijkste oorzaken zijn:
- vrijval voorziening deelneming BV Campus Vastgoed Greenport € 3,95 mln.;
- decentralisatie uitkering Pilots toekomstbestendige bedrijventerreinen € 0,71 mln.;
- vrijval voorziening lening Greenport Venlo Brighthouse € 0,62 mln.;
- daartegenover een lagere Interim rentevergoeding 2024 Chemelot Campus Vastgoed CV. Deze rentevergoeding was in 2025 voorzien en wordt begin 2026 uitbetaald -€ 1,54 mln.
Voor de verdere uitvoering van bestaand beleid wordt per saldo € 19,46 mln. overgeboekt naar 2026 e.v. via de overboekingsvoorstellen, zie hoofdstuk ‘Doorwerking naar begroting 2026 - 2029’.
Het exploitatieresultaat 2025 van dit programma bedraagt € 37,44 mln. Dat is € 8,48 mln. hoger dan begroot.
De financiële afwijkingen tussen de begroting en de realisatie bij de verschillende producten zijn toegelicht bij "Wat gaan we daarvoor doen?", onderdeel ‘Geld’.
Verbonden partijen inzake Werken aan een toekomstbestendige economie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Verbonden partijen inzake Werken aan een toekomstbestendige economieHet Limburgs Instituut voor Ontwikkeling en Financiering (LIOF), MKB-Leningenfonds en Limburgs Business Development Fund (LBDF) vervullen gezamenlijk de financieringsfunctie gericht op stimulering van bedrijfsinvesteringen, start-ups en doorontwikkeling van het midden- en kleinbedrijf. Elk van deze verbonden partijen is gericht op een specifieke doelgroep met specifieke financieringsvraagstukken.
Voor de Brightlands campussen dienen de drie venture fondsen Chemelot Ventures, Brightlands Venture Partners (BVP) fonds IV en Brightlands Agrofood Fund (BAF) als financieringsinstrument voor start-ups en scale-ups.
Provincie Limburg Aviation Valley Commandiet (PLAC BV) en de daaraan gelieerde entiteiten richten zich specifiek op de ontwikkeling van het bedrijventerrein aangrenzend aan Maastricht Aachen Airport. N.V. HBLM (en de dochtervennootschappen MAABI B.V., MAA B.V) en N.V. ALTMAA dragen bij aan de logistieke en toeristische sectoren van de Limburgse economie.
Limburgse Herstructureringsmaatschappij Bedrijventerreinen (LHB) B.V. is in een afrondende fase en beheert de opwaardering van de Limburgse bedrijventerreinen.
De Brightlands Chemelot Campus entiteiten dragen bij aan de ontwikkeling van een campus met de focus op nieuwe, biobased materialen, (bio)circulaire duurzame chemische productie en biomedische innovaties door de investeringen in vastgoed en innovatie-ontwikkelingen. Maastricht Health Campus B.V. zet zich in voor de ontwikkeling van een internationaal erkende valorisatiecampus in de sectoren Life Sciences en Health. De entiteiten van de Brightlands Campus Greenport Venlo focussen op duurzame technologische ontwikkelingen op het gebied van gezonde voeding, future farming en (bio)circulaire economie. De Brightlands Smart Service Campus entiteiten, Campus Management & Development (CMD) B.V. en Campus Huisvesting (CHV) B.V. focussen op data science en smart services, met als doel de ontwikkeling van een campus van Europees niveau met hoog innovatief vermogen en ondernemerschap.