Uit de financiële balans per 31 december 2023 (Pepperflow, Jaarstukken 2023), valt af te lezen dat Provincie Limburg een balanstotaal heeft van € 2.187 mln. De volgende onderdelen van deze balans komen direct voort uit de activiteiten behorend bij de financieringsfunctie:
- De activazijde van de balans toont de bezittingen van de Provincie. De Provincie bezit voor in totaal € 1.124 mln. aan obligaties, deposito’s en uitstaande langlopende geldleningen en voor nog eens € 208 mln. aan kortlopende uitzettingen en liquide middelen;
- De passivazijde laat zien hoe de activa zijn gefinancierd. Hieruit valt af te lezen dat het overgrote deel van de provinciale activa met eigen vermogen is gefinancierd (€ 1.670 mln.) en in relatief beperkte mate met vreemd vermogen. De vaste schuldpositie bestaat ultimo 2023 uit € 47,4 mln. aan opgenomen langlopende geldleningen.
De activa zoals hierboven bij het eerste gedachtestreepje beschreven zijn onderverdeeld in de volgende twee financieringsportefeuilles:
1. Portefeuille Uitzettingen (tijdelijk) overtollige liquide middelen;
2. Portefeuille Uitzettingen uit hoofde van het publieke belang.
De opgenomen geldleningen, zoals vermeld bij het tweede gedachtestreepje, zijn ondergebracht in de volgende financieringsportefeuille:
3. Portefeuille Opgenomen geldleningen.
In tabel 4.1 wordt het portefeuille overzicht van de drie voornoemde financieringsportefeuilles weergegeven. In de tabel wordt de verwachte nominale hoofdsom per aanvang boekjaar 2025-2029 weergegeven, rekening houdend met de reguliere contractuele aflossingen. Er wordt hierbij geen rekening gehouden met toekomstige nieuwe uitzettingen of opnames in dezelfde portefeuille, omdat dit afhankelijk van bestuurlijke besluitvorming nog ongewis is. Vrijvallende middelen komen in beginsel toe aan het schatkistbankieren rekening-courant en de aflossingen op opgenomen geldleningen worden betaald uit ditzelfde rekening-courant. Het schatkistbankieren rekening-courant is een portefeuille onderdeel van de portefeuille Uitzettingen (tijdelijk) overtollige liquide middelen.
De verwachte totale nominale waarde van de drie financieringsportefeuilles samen per aanvang 2025 bedraagt naar verwachting € 1.137,8 mln. en per aanvang 2026 € 981,4 mln. Dit houdt in dat de drie gedefinieerde financieringsportefeuilles in 2025 naar verwachting met circa € 156,4 mln. dalen. Deze middelen zullen enerzijds op basis van de begrote investeringsplanning verschuiven naar de materiële vaste activa (bijvoorbeeld als gevolg van grondaankopen of investeringen in infrastructuur) en zullen anderzijds conform de programmabegroting worden ingezet als financiering van de inzet van de programmareserves 2024-2027 (de bestuurlijke intensiveringsmiddelen uit het coalitieakkoord).
De totaal verwachte renteopbrengst per portefeuille per boekjaar wordt eveneens in tabel 4.1 gepresenteerd. In de verwachte renteopbrengst zijn voorzichtigheidshalve uitsluitend de renteopbrengsten opgenomen gebaseerd op bestaande getekende leningcontracten. Dit maakt dat de te ontvangen variabele rente op rekening-courant en rente op eventuele toekomstige uitzettingen en opnames hierin (nog) niet zijn meegenomen. Afhankelijk van het werkelijke saldo op rekening-courant, de ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkten en het risicoprofiel van toekomstige uitzettingen zullen de te realiseren rentebaten gedurende het begrotingsjaar tot een begrotingsvoordeel kunnen leiden. Dit maakt dat in tabel 4.1 in beginsel van boekjaar tot boekjaar een daling in de rentebaten wordt gepresenteerd, wat periodiek met de realisatie van variabele rentebaten en toekomstige uitzettingen zal worden aangevuld. De totaal verwachte renteopbrengsten in boekjaar 2025, zoals verwerkt in de programmabegroting, bedraagt vooralsnog € 28,8 mln.
Financiële karakteristieken per portefeuille
Elke financieringsportefeuille (en ook elk portefeuille onderdeel) heeft zijn eigen kenmerken die hieronder beknopt worden benoemd:
- Portefeuille Uitzettingen van (tijdelijk) overtollige liquide middelen - Deze portefeuille heeft een relatief hoge liquiditeitswaarde, omdat een aanzienlijk deel van de portefeuille in direct beschikbaar rekening-courant en/of bijna direct opeisbare rijks-deposito’s (d.w.z. binnen één á enkele werkdagen) is ondergebracht. Ook is het kredietrisico binnen deze portefeuille relatief laag, omdat de tegenpartij altijd een overige Nederlandse overheidsorganisatie is dan wel een financiële instelling met een sterke kredietrating (minimaal A bij twee van de drie grote ratingbureaus). Daar staat tegenover dat de rentepercentages vaak lager zijn, omdat een groot deel van de portefeuille kortlopend uitstaat en er weinig tot geen risico-opslagen zijn toegevoegd;
- Portefeuille Uitzettingen uit hoofde van het publieke belang - Het primaire doel van deze portefeuille is het tegemoet komen aan partijen die met haar activiteiten het publiek belang in Limburg dienen. De portefeuille heeft een lage liquiditeitswaarde, omdat geldleningen aan verbonden partijen en derden marktpartijen een relatief lange looptijd kennen en slechts in (zeer) beperkte mate vervroegd afgelost (kunnen) worden. Gegeven het maatwerk in de leningsovereenkomsten is er tevens vrijwel geen secundaire markt om deze geldleningen voortijdig met cessie aan derden over te kunnen dragen. Ook is het kredietrisico op deze portefeuille aanzienlijk hoger en is het aanvraagproces en het leningbeheer intensiever dan in de overige portefeuilles. Daar staat tegenover dat de rentepercentages binnen deze portefeuille vaak meerdere procentpunten hoger liggen als resultante van de toegevoegde marktconforme risico-opslagen;
- Portefeuille Opgenomen geldleningen – De Provincie heeft goede toegang tot de (sector)banken en overige financiële instellingen voor het kortlopend (< 1 jaar) en langlopend (> 1 jaar) inlenen van gelden, waardoor de toegankelijkheid tot het inlenen van aanvullende liquiditeiten toereikend is. Over het algemeen geldt hoe korter de inleenperiode hoe gunstiger de rentetarieven zijn, met dien verstande dat de rentelasten ook sneller kunnen stijgen bij marktverschuivingen (renterisico). Vooralsnog heeft de Provincie geen aanvullende liquiditeitsbehoefte voor eigen gebruik. De Provincie heeft wel langlopend opgenomen geldleningen ten behoeve van specifieke projecten.