139.331 Uitgaven (x1000)
1. Perspectief voor het landelijk gebied

1. Perspectief voor het landelijk gebied

139.331 Uitgaven (x1000)

Perspectief voor het landelijk gebied

Terug naar navigatie - Perspectief voor het landelijk gebied

Het Beleidskader Perspectief voor het landelijk gebied (PS, 24 mei 2024) en de hierbij behorende doelenboom vormen deze coalitieperiode het kompas voor onze inzet. Aan de doelenboom hebben wij de voorwaarde verbonden dat het realiseren van doelen haalbaar en betaalbaar moet zijn; wijzigingen zijn aan de orde als beleid van de nieuwe regering hiertoe aanleiding geeft.

Blijvende prioriteit is nodig voor de grote uitdagingen waar het landelijk gebied van Limburg voor staat. De in gang gezette transitie vraagt de komende jaren majeure inzet van middelen en instrumenten om de landbouw te verduurzamen en toekomstperspectief te bieden, de natuur en waterkwaliteit te verbeteren, stikstof- en broeikasgasemissies terug te dringen en verdroging en wateroverlast tegen te gaan. Die uitdaging is niet kleiner geworden nu wij weten dat het wetsvoorstel Transitiefonds wordt ingetrokken. Het regeringsakkoord geeft aanleiding om (via IPO) opnieuw met het Rijk in overleg te treden over onze rol in de transitie van het landelijk gebied, waarbij wij uiteraard uitvoering zullen blijven geven aan onze wettelijke taken. Tegelijkertijd worden wettelijke taken uitgebreid doordat de Europese Natuurherstelverordening voorjaar 2024 is aangenomen en de komende twee jaar een Nationaal Herstelplan opgesteld zal moeten worden.

Blijvend zetten wij ons in voor de leefbaarheid van het landelijk gebied en het behoud van het unieke Limburgse landschap. Daarnaast geven wij uitvoering aan het Aanvalsplan Waterkwaliteit, het Masterplan Bodemvitaliteit en stimuleren wij initiatieven op het gebied van natuur en landschap die het bereiken van de hierbij gestelde doelen ondersteunen. Met dit alles willen wij bijdragen aan perspectief voor het landelijk gebied, voldoen aan (inter)nationale verplichtingen en weer houdbare vergunningen verlenen voor nieuwe (economische) ontwikkelingen in Limburg. Er is veel te doen, de urgentie is groot. 

Nog onduidelijk is hoe de nieuwe regering de transitie van het landelijk gebied wil faciliteren en welke consequenties dit heeft voor de ambitie om doelen en opgaven gebiedsgericht met onze partners uit te werken tot concrete maatregelen. Waar in deze begroting gesproken wordt over het LPLG (Limburgs Programma Landelijk Gebied), wordt dan ook gedoeld op het LPLG of een nieuw construct dat past bij de nieuwe koers van het kabinet. Het is van belang dat het Rijk ons passende randvoorwaarden in de vorm van langjarige middelen en instrumenten beschikbaar stelt en generieke maatregelen neemt. Wij gaan onverminderd door met het uitvoering geven aan de opgaven met de beschikbare (rijks)middelen. Om beleid en praktijk bij elkaar te brengen is tegelijkertijd inzicht nodig in wat er op het erf en in de gebieden speelt. De ontwikkeling van het landelijk gebied is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van Rijk, Provincie en regionale partners. 

Perspectief en verduurzaming van de landbouw en aandacht voor voedselzekerheid is nodig onder meer via het Blijversbudget, dat centraal staat bij de ontwikkeling van de landbouw in het landelijk gebied; dit is in deze begroting opgenomen in Programma 3 Werken aan een toekomstbestendige economie. Wij zetten in op agrarisch natuurbeheer, de legalisatie van de PAS-melders en een extra impuls op natuur-, landschap- en waterherstel. 

Via het programma WRL (Waterveiligheid en Ruimte Limburg) werkt de Provincie samen met het Waterschap Limburg en de Limburgse gemeenten aan een klimaatrobuust watersysteem dat bestand is tegen weersextremen. Door middel van aanpassingen in het watersysteem en in de ruimtelijke ordening is het mogelijk om de kans op overstromingen, zoals wij die in de zomer van 2021 hebben ervaren, te verkleinen.

Onze beleidskaders

Terug naar navigatie - Onze beleidskaders

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

1.1. Natuur en landschap

Terug naar navigatie - 1.1. Natuur en landschap

Ten aanzien van Natuur en Landschap streven wij deze statenperiode de volgende doelstellingen na:

  • wij hebben de kwaliteit van het Limburgse landschap versterkt, en daarmee ook de leefbaarheid van het landelijk gebied zowel voor de mens als de natuur;
  • in 2027 is de bescherming van en de staat van instandhouding ten gunste van biotopen en leefgebieden van dieren en planten verbeterd;
  • in 2027 is uitstoot van broeikasgassen en ammoniak door de landbouw in Limburg verminderd. 

 Wat merkt de Limburger ervan?

Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.

Indicatoren bij 'wij hebben de kwaliteit van het Limburgse landschap versterkt, en daarmee ook de leefbaarheid van het landelijk gebied zowel voor de mens als de natuur'

Indicator D_3a: Percentage groenblauwe dooradering binnen het landelijk gebied in Limburg t.o.v. landelijke streefwaarde.
Bron: Data beleidscluster

Indicator D_3b: Percentage groenblauwe dooradering binnen de groenblauwe mantel in Limburg t.o.v.  landelijke streefwaarde.
Bron: Data beleidscluster

Indicatoren bij 'In 2027 is de bescherming van en de staat van instandhouding ten gunste van biotopen en leefgebieden van dieren en planten verbeterd'

Indicator D_1aa: Trend van het gerealiseerde areaal ANLb in Limburg tussen 2023 en 2027.
Bron: Data beleidscluster

Indicator D_1ac: Realisatie verwerving ontwikkelopgave
Bron: Data beleidscluster

Indicator D_1ad: Realisatie inrichting ontwikkelopgave
Bron: Data beleidscluster

 

Indicator R_1a_1b: Areaal nieuw ingerichte natuur (BBV)
Bron: Data beleidscluster

Sinds het begrotingsjaar 2018 is de Provincie verplicht BBV-indicatoren te publiceren. De beleidsindicatoren zijn in overleg met het IPO vastgesteld in 2017. De onderstaande indicator is een dergelijke BBV indicator en is dan ook niet direct gerelateerd aan het wel of niet behalen van de in het beleidskader opgenomen doelstellingen.

Indicator R_3a: Percentage van het oppervlakte Limburgs gebied onder gesubsidieerd natuurbeheer (BBV)
Bron: Data beleidscluster

De onderstaande indicator is een BBV indicator en is dan ook niet direct gerelateerd aan het wel of niet behalen van de in het beleidskader opgenomen doelstellingen.

Indicator D_1bb: Trends van het voorkomen van diersoorten in Limburg.
Bron: CBS

 

Indicatoren bij 'In 2027 is uitstoot van broeikasgassen en ammoniak door de landbouw in Limburg verminderd'

Indicator D_2a: De daling van de ammoniakemissie in Limburg door de landbouw, afgezet tegen de reductieopgave van 3Kton tussen 2018 en 2030.
Bron:  Rijksoverheid (Emissieregistratie.nl)

Indicator D_2b: De daling van de CO2-eq emissie, afgezet tegen de reductieopgave van 0,3 Mton tussen 2018 en 2030.

Bron: Rijksoverheid (Emissieregistratie.nl)I

Wat gaan we daarvoor doen?

1.3. Water

Terug naar navigatie - 1.3. Water

De beken zijn schoon, lopen meanderend door het landschap, zijn ecologisch gezond en passeerbaar voor vissen. De beken kunnen omgaan met langere perioden van droogte en sterke neerslag. Er is weinig wateroverlast vanuit de beken en ze vallen zo weinig mogelijk droog. De natuur en de landbouwgebieden hebben een aanvaardbare last van droogte en er is voldoende grondwater van een goede kwaliteit voor drinkwater, voedselvoorziening, natuur en industrie.

Verder is de Maas veiliger tegen hoogwater en is de ruimtelijke kwaliteit langs de Maas op diverse plekken verbeterd. 

Om het bovenstaande te bereiken streven wij deze collegeperiode ten aanzien van Water de volgende doelstellingen na:

  • in 2027 is er een duurzamer, robuuster en ecologisch gezonder watersysteem dat beter kan omgaan met wateroverlast en droogte en dat voorziet in voldoende water en verbeterde kwaliteit;
  • in 2027 is de Limburgse bodem verbeterd.

Wat merkt de Limburger ervan?

Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.

Indicatoren bij 'In 2027 is er een duurzamer, robuuster en ecologisch gezonder watersysteem dat beter kan omgaan met wateroverlast en droogte en dat voorziet in voldoende water en verbeterde kwaliteit' 

Indicator D_5a: Km beektrajecten of waterlichamen waar de ecologische doelen zijn behaald.
Bron: Data beleidscluster

Indicator D_5d: Ecologische toestand van oppervlaktewater en grondwater (BBV).
Bron: KRW

Indicator D_5e: Onttrokken hoeveelheid voor de Drinkwatervoorziening afgezet tegen de beschikbare vergunde ruimte.
Bron: WML en data VTH

Indicatoren bij 'in 2027 is de Limburgse bodem verbeterd'

Indicator D_6a: Organisch stofgehalte meten: Mineral Associated Organic Matter (MAOM) in relatie tot Particulate Organic Matter (POM).
Bron: HAS

Indicator D_6b: N30-60-90 metingen: Deze meting geeft informatie over de stikstofniveaus in je bodem op verschillende dieptes (0-30 cm, 30-60 cm en 60-90 cm).
Bron: HAS

Indicator D_6c: Biologische activiteit meten a.d.h.v. phospholipid fatty acids (fosfolipidenvetzuren, PFLA).
Bron: HAS

Wat gaan we daarvoor doen?

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?

Voor het realiseren van de activiteiten benoemd in het beleidskader 'Perspectief voor het landelijk gebied' bedragen de uitgaven € 139,33 mln.  

Middels deze programmabegroting vragen wij Provinciale Staten in te stemmen met het beschikbaar stellen van totaal € 1,40 mln. in 2025 (€ 0,42 mln. in 2026 en € 0,26 mln. in 2027). Deze hebben betrekking op:

•    Natuur en Landschap 2024-2027 voor initiatieven op het gebied van natuur en landschap (bossen, exoten, wilde zwijnen en vermaatschappelijking/parken). Dekking ten laste van de programmareserve Natuur en Landschap voor resp. € 1,07 mln., € 0,29 mln. en € 0,14 mln.;
•    Structurele procesmiddelen Maasdal € 0,13 mln.). Deze worden gedekt ten laste van het begrotingsresultaat.

De dekking van de programmalasten in 2025 bestaat uit:
•    € 45,98 mln. aan baten. Bestaande uit: € 44,01 mln. aan specifieke uitkeringen van het Rijk, € 1,14 mln. opbrengst grondwaterheffing, € 0,83 mln., Europese subsidie;
•    € 10,23 mln. inzet van reserves waarvan € 3,20 mln. onttrekkingen uit programmareserves en € 7,03 mln. onttrekkingen uit diverse bestemmingsreserves.  

Voor een nadere toelichting hiervan wordt verwezen naar de producten van dit programma, onderdeel Geld. 

Het nadelige exploitatieresultaat ad € 83,13 mln. wordt gedekt uit de algemene dekkingsmiddelen (programma 9. Financiën en overhead). 

Bedragen x €1.000

Verbonden partijen inzake Perspectief voor het landelijk gebied

Terug naar navigatie - Verbonden partijen inzake Perspectief voor het landelijk gebied

Door de uitvoering van de Regeling Beëindiging Veehouderijtakken (RBV) en de Ruimte voor Ruimte (RvR) via de verbonden partijen Provincie Limburg Commandiet B.V., RVR C.V. en RVR Beheer B.V., is inmiddels een ruimtelijke kwaliteitsverbetering van het Limburgse landelijk gebied gerealiseerd. Naar verwachting zal de terugverdienopgave door genoemde verbonden partijen in 2027 zijn gerealiseerd, hun activiteiten zijn thans in afbouw. 

De Waterleiding Maatschappij Limburg (WML) beheert het leidingennetwerk en de drinkwatervoorziening in Limburg.