Toelichting in Exploitatie genomen gronden
Laerbroeck
Het noordelijk deel van het plangebied Hout-Blerick / Laerbroeck, was tot ruim tien jaar geleden een glastuinbouwgebied. De Provincie Limburg heeft indertijd het voortouw genomen in de aankoop en sanering van de aanwezige glasopstanden, vanwege de situering in het stroomgebied van de Maas. Dit heeft destijds geresulteerd in een gedeeltelijk uitgevoerde gebiedsontwikkeling: de sanering van de kassen is afgerond. De herontwikkeling van het gebied, waaruit ook de kosten gedekt zouden worden, is niet uitgevoerd. De Provincie Limburg is bij de sanering grondeigenaar geworden in het gebied (omvang eigendom 36 ha met een huidige boekwaarde van € 12,69 mln.).
Medio 2023 is het Programma Baarlo – Hout-Blerick met het daarin opgenomen voorkeursalternatief vastgesteld door de betrokken partners, te weten het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat, het Waterschap Limburg en de gemeenten Venlo en Peel & Maas. Met dit besluit en de ondertekening van de bestuursovereenkomst komt het project in de planuitwerkingsfase waarin de maatregelen verder worden uitgewerkt.
In de planuitwerkingsfase van het deelplan “Herinrichting buitendijks middengebied Laerbroeck’ worden de mogelijkheden nader onderzocht om de ruimtelijke kwaliteit in het gebied te versterken door waar mogelijk het huidig agrarisch gebied te transformeren naar kleinschalig cultuurlandschap en natuurlijke waarden. Ook wordt onderzocht of hier water gebufferd kan worden. De aldaar aanwezige woningen zullen worden aangekocht door het Ministerie. Onderzocht wordt hierbij of deze woningen verplaatst kunnen worden naar binnendijkse locaties (in het Programma aangewezen zoeklocaties). Eén van deze binnendijkse locaties is de locatie Tangveld, in eigendom van de Provincie Limburg. De locatie Tangveld is een potentiele ontwikkelingslocatie voor herbouw en woningbouw.
Voor het project is een voorziening getroffen, zoals besloten door PS (Jaarrekening 2010 en 2013). De voorziening bedraagt € 10,28 mln. Het saldo dat resteert bedraagt ten opzichte van de boekwaarde € 2,41 mln., welk bedrag minimaal gelijk is aan de agrarische waarde van deze gronden 36 ha à € 7,00 per m² (voor binnendijkse gronden) en € 6,50 per m² (voor buitendijkse gronden). Het verwacht resultaat einde project is € 0 (omdat de som van de agrarische waarde van de provinciale gronden en de getroffen voorziening gelijk is aan de boekwaarde).
Vanwege de projectfase en de benodigde uitwerking van de plannen, worden er (vooralsnog) geen financiële mutaties verwacht/doorgevoerd ten opzichte van de begroting in 2023. De uitkomst van het grondverwervingsproces (dat uitgevoerd wordt door het Waterschap Limburg) is cruciaal voor het financiële resultaat voor de grondexploitatie Laerbroeck. Dit proces loopt conform planning vanaf Q2 2024 t/m 2025/2027 (afhankelijk van planonderdeel en soort verwerving).
IPS/Yard
De grondexploitatie IPS/Yard is gelegen in de directe omgeving van het VDL Nedcar bedrijvencomplex en heeft als doel de economische structuur van Limburg te versterken door de duurzame doorontwikkeling van VDL Nedcar mogelijk te maken. In 2022 zijn de gronden grotendeels geleverd aan VDL Nedcar. De nog te leveren gronden dienen nog gesaneerd te worden omdat een deel van de gronden verontreinigd is met PFAS. Investeringen (zoals de sanering) worden gerealiseerd als zicht bestaat op continuïteit van VDL Nedcar en de daarmee samenhangende werkgelegenheid, welke blijkt uit een schriftelijke onvoorwaardelijke bevestiging van VDL Nedcar aan Gedeputeerde Staten. Ministerie van EZK en Provincie blijven in gesprek over de investeringen. de met het Rijk overeengekomen leningsovereenkomst en afsluiting van de grondexploitatie.
De boekwaarde (van -€ 2,894 mln.) heeft betrekking op de gemaakte kosten en de leningsovereenkomst met EZK. Op basis van de overeengekomen leningsovereenkomst, vervalt een positief danwel negatief resultaat aan het ministerie EZK. Het verwacht resultaat einde project is derhalve € 0 (vanuit perspectief Provincie).
Toelichting overige grondvoorraden
Californië II
De gebiedsontwikkeling Californië moet ruimte gaan bieden aan grootschalige glastuinbouw. In 2011 is Californië B.V. een overeenkomst aangegaan met de Provincie Limburg voor het voorfinancieren van de gronden die benodigd zijn voor het deelgebied Californië II. Inmiddels zijn alle benodigde gronden verworven. De in voorraad zijnde gronden Californië worden, op basis van gemaakte afspraken met Californië B.V., op kostprijsbasis (oorspronkelijk verwervingskosten met toeslag voor rente en apparaatskosten) doorverkocht. Aan de afspraken ligt een afnameverplichting ten grondslag. De belangstelling vanuit de markt voor afname van gronden in Californië II blijkt tot op heden erg beperkt te zijn. Californië B.V. onderzoekt alternatieve scenario’s.
Anticiperende aankopen
Door PS is in 2014 (kenmerk G-14-010) een revolverend krediet beschikbaar gesteld van € 22,1 mln. voor het verrichten van anticiperende aankopen. Met deze middelen worden gronden aangekocht, met als insteek het aanjagen van toekomstige projecten en ontwikkelingen. Dit kunnen gronden zijn die mogelijk direct benodigd zijn voor toekomstige projecten dan wel indirect benodigd zijn als ruilgrond. Deze gronden worden in voorkomende gevallen voor marktconforme prijzen gekocht (zuiver vermogenswaarde, dus geen volledige schadeloosstelling cf. Onteigeningswet).
De boekwaarde van de voorraad gronden die in eigendom zijn gekomen via anticiperende aankopen, bedraagt per 1 januari 2023 € 4,438 mln. De voorraad bestaande uit hoofdzakelijk agrarische gronden omvat in totaal 62,4 ha. Dit resulteert in een gemiddelde grondwaarde van € 7,11 per m². De verwachting is dat deze gemiddeld genomen minimaal tegen deze waarde verkocht kunnen worden.
De (beoogde) strategische verwerving van het perceel Groeve Mourik Brunssum (zie hieronder de toelichting op de herontwikkeling Oostflank Brunssum) is nog niet verwerkt in het bovenstaande overzicht boekwaarden en verwachte resultaten lopende projecten en legt een relatief grote (tijdelijke) claim op de gereserveerde middelen voor anticiperende aankopen. Als onderdeel van de opgestarte “Strategische Alliantie Grondaankopen (SAGa)” zal bezien worden in hoeverre aanvullende middelen voor anticiperende aankopen nodig zijn.
Oostflank Brunssum
Het streven is om gezamenlijk met onze partners in de regio, de gemeente Brunssum, de Stadsregio Parkstad Limburg en de gemeente Heerlen (Ontwikkelingsmaatschappij Beitel-Zuid BV), te komen tot een integrale herontwikkeling van de Groeve Mourik te Brunssum. Hierbij wordt een “Brownfield-locatie” getransformeerd tot een duurzame bedrijfslocatie met maatschappelijke en regionale meerwaarde. Hierbij dient oog te zijn voor zorgvuldig ruimtegebruik, de gewenste economische structuurversterking van de regio, passende werkgelegenheid en een verbeterde omgevingskwaliteit. Daarnaast biedt een herontwikkeling kansen om de bestaande ecologische verbinding tussen de Natura2000 gebieden “Brunssummerheide” en Teverenerheide te betrekken. Daarmee biedt de herontwikkeling ook kansen voor natuurontwikkeling.
De huidige Groeve Mourik heeft een omvang van circa 76 ha en ook nabijgelegen provinciale percelen met een gezamenlijke oppervlakte van circa 10 hectare worden betrokken bij de beoogde ontwikkeling. De provinciale percelen betreffen zogenaamde “restpercelen” vanuit de realisatie van de Buitenring Parkstad Limburg.
De Provincie heeft voor de voorbereidingsfase een krediet van € 0,5 mln. gereserveerd waarvan medio 2023 nog € 0,24 mln. resteert.
Het proces van de herontwikkeling bestaat (grofweg) uit drie stappen:
1. de strategische verwerving van het perceel Groeve Mourik Brunssum;
2. het opstellen en vaststellen van de ontwikkel- en samenwerkingsstrategie;
3. de realisatie van de herontwikkeling.
Stap 1, de strategische verwerving vindt plaats op basis van een optie tot koop zoals deze in 2011 is overeengekomen met de firma Mourik en afliep op 1 juli 2022. Besluitvorming over het lichten van de optie heeft plaatsgevonden op 28 juni 2022 (GS DOC-00290582). De behandeling van deze strategische verwerving in Provinciale Staten heeft op 30 september 2022 (G-22-026) plaatsgevonden.
Met inachtneming van (gewijzigd) Amendement 150, Kuntzelaers en c.s. inzake “Wensen en Bedenkingen” en motie 2902 Van Caldenberg, Kuntzelaers inzake “Publieke zeggenschap en revenuen Groeve Mourik door respectievelijk voor de Provincie”, zijn wensen en bedenkingen kenbaar gemaakt. Deze wensen en bedenkingen als vastgelegd in Amendement 150 en motie 2902 vormen het kader voor de beoogde herontwikkeling en hebben als zodanig geen betrekking op de strategische verwerving specifiek. Op basis daarvan is vervolgens de (concept) koopovereenkomst tussen Provincie Limburg en firma Mourik nader uitgewerkt.
In de (concept) koopovereenkomst is op basis van de indexering de verwerving bepaald op circa € 20 mln. Hiervan wordt € 5,7 mln. betaald door de gemeente Brunssum en de Stadsregio Parkstad. De Ontwikkelingsmaatschappij Beitel-Zuid BV, waarvan de gemeente Heerlen enig aandeelhouder is, heeft daarbij aangegeven eveneens voor € 5 mln. te willen participeren.
Dekking van de verwerving vindt plaats vanuit de met dit doel gereserveerde middelen (FCL 81115 Anticiperende aankopen).
Stap 2, de besluitvorming over de ontwikkel- en samenwerkingsstrategie door PS is voorzien in het vierde kwartaal van 2023. Bij positieve besluitvorming wordt het oprichten van een BV beoogd die stap 3, de realisatie van de herontwikkeling, als opgave krijgt. De financiële doorwerking (zoals restant voorbereidingskrediet, startkapitaal deelneming, financiering deelneming, risicoreserve en doorleving perceel Groeve Mourik Brunssum) kan naar verwachting in de Voorjaarsnota 2024 verwerkt worden.
Toelichting onderhanden werk: Ontwikkelopgave Natuur
Het (concept) Limburgs Programma Landelijk Gebied wordt verder doorontwikkeld en naar verwachting medio 2024 definitief vastgesteld. Vanwege de urgentie wordt het doen van anticiperende grondtransacties om de natuur- en landbouwtransitie te stimuleren reeds geïntensiveerd (al dan niet via gebiedsprocessen). Voor de nadere toelichting van dit onderdeel, zie programma 1.1 Perspectief voor het landelijk gebied – Natuur en landschap.