8.2.1. Bestuurlijke verhoudingen
De Provincie draagt zorg voor een goed openbaar bestuur, waarbij bekwaamheid, kwaliteit, betrouwbaarheid en toegankelijkheid sleutelelementen zijn. Dit is ook zo nadrukkelijk geschetst in het beleidskader Provincie Midden in de Samenleving. In 2025 hebben wij hier op diverse manieren invulling aan gegeven: door nadrukkelijk de samenwerking met de Limburgse gemeenten en andere overheden op te zoeken en daarbij ook onze eigen provinciale organisatie steeds verder te verbeteren en te organiseren onder andere via het nog lopende Organisatie Ontwikkel Traject (OOT). In deze context dient ook de relatie met het IPO genoemd te worden waar wij ook in 2025 weer in nauw en structureel contact hebben gestaan.
Provincies hebben de wettelijke taak om op onderdelen toezicht te houden op gemeenten, gemeenschappelijke regelingen en het Waterschap. Dit betreft het toezicht op de gemeentefinanciën, huisvesting vergunninghouders, informatie- en archiefbeheer, onderdelen van ruimtelijke ordening en erfgoed. Dit hebben wij vanuit onze wettelijke taak ook in 2025 verder uitgevoerd.
Binnen bestuurlijke verhoudingen vielen diverse activiteiten die veelal een regulier en structureel karakter hadden. Hieronder de belangrijkste activiteiten voor 2025:
- Wij vervulden onze vertegenwoordigende rol in de interbestuurlijke overleggremia vanuit IPO en Interbestuurlijk Toezicht en werkten verder aan de vernieuwing van het toezicht op de gemeentefinanciën.
- Wij werkten aan de versterking van de gemeentelijke uitvoeringskracht met het programma Gemeentelijke Uitvoeringskracht Nieuwe Stijl, waarbij wij nauw samenwerkten met gemeenten. Binnen dit programma startten wij met een vertrouwelijke bestuurlijke gespreksronde langs alle 31 gemeenten inzake hun uitvoeringskracht. Daarnaast vond er een wetenschappelijke verkenning plaats naar nationale goede voorbeelden van effectieve samenwerking en krachtenbundeling inclusief het komen tot een gedragen definitie van uitvoeringskracht. Daarbij werd ook expliciet de arbeidsmarkt voor de publieke sector in ogenschouw genomen. Tenslotte werd vanuit een programmatische versterking verder invulling gegeven aan de versterking uitvoeringskracht en volgde er een voorstel een aantal concrete handelingsperspectieven ter versterking van de uitvoeringskracht. Dit proces loopt nog verder in 2026.
- Ook werkten wij in 2025 aan een responsieve overheid mede door een provinciale contactfunctionaris die burgers en instellingen wegwijs maakt in vraagstukken waarvoor niet direct een antwoord of loket beschikbaar was.
- Wij experimenteerden verder met het dienstbaarheidsbeginsel in een aantal pilots binnen het VTH-beleid om problemen in de leefwereld van burgers beter te kunnen adresseren.
- Wij werkten ook in 2025 verder aan een aanpak voor het terugdringen van de (ervaren) regeldruk. Dit deden wij in nauwe samenwerking met gemeenten, maar wij bekeken ook de mogelijkheden voor het terugdringen van provinciale regeldruk in vereisten, criteria of andere lastendruk voor burgers, instellingen en bedrijven.
- Wij gaven ook in 2025 verder uitvoering aan het Jongerenparticipatieplan 2024-2027 via diverse actielijnen en initiatieven.
De vertegenwoordiging in het IPO en de uitvoering van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT) betreffen doorlopende activiteiten. Wij voerden het systematisch toezicht uit op de domeinen Erfgoed, Huisvesting Vergunninghouders, Informatie- en archiefbeheer en Omgevingswet. Op de nieuwe toezichtdomeinen zoals toezicht op de bibliotheken en Versterking Regie op de Volkshuisvesting bereidden wij ons voor door het toezichtregime op te stellen en deze, ook in IPO-verband, af te stemmen met de provinciale wettelijke taken.
De vernieuwing op toezicht is een doorlopend traject, zo ook in 2025. We geven gemeenten de ruimte om de omgevingswet in te voeren en helpen hen hierbij. De resultaten van de invoering van de omgevingswet geven in 2026 een eerste beeld. Op het domein Erfgoed vertoont de taakbehartiging door gemeenten een stijgende lijn. Op de taakbehartiging huisvesting vergunninghouders lopen wij landelijk voorop ondanks de grote uitdagingen en wijzigingen in wetgeving. De taakbehartiging op informatie- en archiefbeheer is in de afgelopen jaren sterk verbeterd. Wij voeren doorlopend gesprekken met gemeenten en treden op daar waar het moet en helpen hen daar waar het kan. Wij voeren het toezicht risico- en effectgericht uit.
Voor het programma Gemeentelijke Uitvoeringskracht Nieuwe Stijl werd voor het zomerreces 2025 de eerste fase afgerond, bestaande uit een bestuurlijke gespreksronde. Aansluitend volgde een programmatische aanpak en parallel daaraan een wetenschappelijke verkenning naar uitvoeringskracht. De opbrengsten van de bestuurlijke gespreksronde en de verdiepende en validerende gespreksronde worden medio maart 2026 vertaald naar concrete handelingsperspectieven ter versterking van de uitvoeringskracht. Ook wordt dan de wetenschappelijke verkenning met een gedragen definitie van uitvoeringskracht en voorbeelden ter versterking van de uitvoeringskracht opgeleverd.
Voor de uitvoering van product Bestuurlijke verhoudingen zijn in 2025 de lasten begroot op € 16,02 mln. De realisatie 2025 bedraagt € 15,83 mln. Hierdoor ontstaat er een voordelig verschil van € 0,19 mln. Dit verschil in 2025 heeft met name betrekking op:
- hogere dotatie aan de voorziening APPA van € 0,92 mln. De daadwerkelijke toevoeging aan de APPA-voorziening bedraagt in 2025 € 1,91 mln., terwijl in de begroting was uitgegaan van € 0,99 mln. De hogere dotatie van € 0,92 mln., is het gevolg van de invoering van het nieuwe pensioenstelsel. Op basis van landelijk onderzoek door het Rijk hebben provincies en gemeenten de APPA-voorziening aangepast, wat heeft geleid tot deze verhoging.
- niet bestede middelen jongerenparticipatieplan van € 0,39 mln. De uitvoering van het meerjarig jongerenparticipatieplan (GS 25-02-2025) loopt door in 2026.
- lagere kosten IPO van € 0,11 mln. doordat de compensabele btw hoger bleek te zijn dan geraamd.
- diverse kleinere onderbestedingen hebben geleid tot een aanvullend overschot van € 0,42 mln.
Om te voldoen aan onze verplichtingen en verdere uitvoering van bestaand beleid mogelijk te maken, wordt € 0,44 mln. overgeboekt naar 2026 e.v. via de overboekingsvoorstellen.