7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg
Een bereikbaar en toegankelijk Limburg
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Een bereikbaar en toegankelijk LimburgIn 2025 zetten we onze inzet op de uitvoering van het Beleidskader "Een bereikbaar en Toegankelijk Limburg" voort. We werken aan de bereikbaarheid voor personen- en goederenverkeer - evenals de ontsluiting van het platteland. Toegankelijke en betaalbare mobiliteit is namelijk een kerntaak van de Provincie. Dat komt primair tot uiting in de wettelijke verantwoordelijkheden op het gebied van beheer en onderhoud van provinciale infrastructuur en het regionale openbaar vervoer. Daarnaast zetten we in op gedragsverandering, multimodaliteit, verduurzaming en verkeersveiligheid. Hiermee dragen we bij aan de verbetering van de leefbaarheid in Limburg.
Over het algemeen liggen we binnen dit programma op koers. Een aantal resultaten uit de doelenboom is reeds in 2024 gerealiseerd. Ook in 2025 leveren we een aantal resultaten op of werken we aan de resultaten die we in 2026 of 2027 zullen realiseren. Kanttekening hierbij is dat de impact van onze inspanningen grotendeels afhangt van andere factoren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het huidige Rijksbeleid ten aanzien van de verduurzaming van mobiliteit of de invloed van afleiding in het verkeer op de verkeersveiligheid.
Nadere informatie over onze doelen, te bereiken resultaten en ingezette middelen vindt u verder in deze programmaverantwoording.
Onze beleidskaders
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Onze beleidskadersHet vigerende beleidskader is het beleidskader 'Een bereikbaar en toegankelijk Limburg'. De 'Nota infrastructurele kapitaalgoederen 2024 - 2027' is gelijktijdig met het beleidskader vastgesteld. In lijn met het beleidskader is op 10 december 2024 het 'Ontwikkelplan OV' door het college van Gedeputeerde Staten vastgesteld. Dit betreft, net als de Nota infrastructurele kapitaalgoederen, het verdiepend beleid rondom onze wettelijke taken.
Wat willen we bereiken?
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Wat willen we bereiken?7.1. Mobiliteit en bereikbaarheid
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Wat willen we bereiken? - 7.1. Mobiliteit en bereikbaarheidWe werken aan een bereikbaarder en verkeersveiliger Limburg voor iedereen. Daarmee dragen we bij aan een duurzamer, leefbaarder en aantrekkelijker mobiliteitssysteem.
Ten aanzien van mobiliteit en bereikbaarheid streven we deze collegeperiode de volgende doelstellingen na:
- In 2027 zijn dorpen en buitenwijken van steden beter bereikbaar t.o.v. 2023;
- In 2027 is er sprake van een verbeterde bereikbaarheid van Limburg nationaal en internationaal (goederen en personen) t.o.v. 2023;
- In 2027 vinden er meer duurzame verplaatsingen plaats (goederen en personen) t.o.v. 2023;
- In 2027 is de verkeersveiligheid verbeterd t.o.v. 2023.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.
Deze grafiek toont de gemiddelde reisafstanden in kilometer voor inwoners van Limburg van hun woonadres naar de dichtstbijzijnde voorzieningen over de afgelopen 10 jaar. De meegenomen voorzieningen zijn: huisartsenpraktijk, apotheek, ziekenhuis (incl. en excl. buitenpolikliniek, grote supermarkt, overige dagelijkse levensmiddelen, kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, basisonderwijs, voortgezet onderwijs en bibliotheek. De indicator sluit hiermee aan op de methodiek die door het CROW gehanteerd wordt voor de landelijke monitoring van Regionale Mobiliteitsprogramma's (RMP). De afstand tot voorzieningen is in de afgelopen 10 jaar relatief stabiel gebleven, maar laat in de laatste twee jaar een geringe stijging zien.
Deze grafiek toont het gemiddeld aantal verplaatsingen per persoon per dag in Limburg. De informatie over het verplaatsingsgedrag komt voort uit het landelijke onderzoek Onderweg in Nederland (ODiN) van het CBS. Het gaat om reguliere verplaatsingen op Nederlands grondgebied inclusief binnenlandse vakantiemobiliteit. De gegevens zijn beschikbaar voor de jaren 2018 tot en met 2023. Het aantal verplaatsingen per persoon per dag is in 2023 gelijk aan het niveau in 2018. In de tussengelegen jaren is sprake geweest van een daling.
Deze grafiek toont het aandeel duurzame voertuigen ten opzichte van het totaal aantal voertuigen in het actieve wegvoertuigenpark. Het gaat om voertuigen die deel uitmaken van het actieve Nederlandse wegvoertuigenpark op 1 januari van het betreffende jaar. De gegevens zijn gebaseerd op het kentekenregister van het RDW. Voor de personenauto's en bedrijfsmotorvoertuigen wordt een uitsplitsing gemaakt naar brandstofsoort. Voertuigen met brandstofsoorten 'elektrisch' en 'plug-in hybride' zijn gekenmerkt als duurzame voertuigen. Over de afgelopen drie jaar is een jaarlijkse stijging van het aandeel duurzame voertuigen zichtbaar.
Deze indicator bevat het aandeel kilometers afgelegd door duurzame personenauto's in Limburg. De indicator is samengesteld door het wegvoertuigenpark dat geregistreerd is in Limburg en in Nederland per brandstofsoort, het aantal personenauto's dat gedurende het betreffende jaar op de weg in Limburg kan zijn geweest opgenomen en het gemiddeld jaarkilometrage. Voertuigen met brandstofsoorten 'elektrisch' en 'plug-in hybride' zijn gekenmerkt als duurzame voertuigen. Het aandeel van de afgelegde kilometers met duurzame voertuigen is de afgelopen 3 jaar gestegen, maar betreft nog een klein deel van het totaal.
Onderstaande grafiek toont de CO2-uitstoot van verkeer en vervoer inclusief auto(snel)wegen (fossiele brandstoffen) in kton volgens verbruiksbenadering in de provincie Limburg van 2020 t/m 2023. De bron hiervoor is Emissieregistratie, zij verdelen de CO2-emissies op basis van een verdeelmodel over alle gemeenten. Dit model is ten dele gebaseerd op verkeersmetingen, met name op het hoofdwegennet. De verdeling op het onderliggende wegennet is gebaseerd op verdeelsleutels, zoals het aantal woningen binnen de bebouwde kom. Vanwege een gewijzigde meetmethodiek laten we alleen de data vanaf 2020 zien.
Deze grafiek toont de Modal Split naar afgelegde afstand in kilometer per vervoerswijze. Dit betreft het gemiddelde aantal kilometers dat een persoon op een dag aflegt. De afstand naar vervoerwijze is op basis van de ritvervoerwijze zodat ook voor- en natransport apart gemeten zijn. Bijvoorbeeld bij een verplaatsing van huis naar het werk met achtereenvolgens de fiets naar het station, de trein en te voet naar kantoor worden de kilometers voor de drie vervoerwijzen apart geteld.
Deze grafiek toont het aandeel van het vervoerd gewicht van betreffende modaliteit ten opzichte van het totaal aan vervoerd gewicht. De cijfers hebben betrekking op de binnenvaart, het weg- en spoorvervoer. Het onderzoek betreffende de binnenvaart is gebaseerd op integrale waarneming van alle reizen op de Nederlandse vaarwegen. Het onderzoek betreffende het wegvervoer is gebaseerd op een aselecte steekproef onder bedrijfsvoertuigen. Het onderzoek betreffende spoorvervoer is gebaseerd op integrale waarneming van vervoerde tonnen en tonkilometers over het spoor op Nederlands grondgebied. De gegevens over de afgelopen 3 jaar laten kleine fluctuaties zien, maar zijn in grote lijnen stabiel.
Deze grafiek toont het aantal geregistreerde verkeersongevallen per 100.000 inwoners in Limburg. De verkeersongevallen informatie is afkomstig uit STAR-data (Via-stat). Het aantal inwoners is afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De registratie van verkeersongevallen vindt plaats door de politie. Niet alle verkeersongevallen en slachtoffers worden geregistreerd. Hoe ernstiger de afloop van een ongeval, hoe groter de kans dat registratie plaatsvindt. Na een daling in 2020 is het aantal verkeersongevallen per 100.000 inwoners de afgelopen jaren gestegen.
Deze grafiek toont het aantal geregistreerde verkeersslachtoffers (verkeersgewonden, verkeersdoden en gecombineerd) per 100.000 inwoners in Limburg. De verkeersslachtofferinformatie is afkomstig uit STAR-data (Via-stat). Het aantal inwoners is afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De registratie van verkeersongevallen vindt plaats door de politie. Niet alle verkeersongevallen en slachtoffers worden geregistreerd. Hoe ernstiger de afloop van een ongeval, hoe groter de kans dat registratie plaatsvindt. Na een daling in de jaren 2020 en 2021 is het aantal verkeersslachtoffers per 100.000 inwoners de afgelopen jaren gestegen.
Aandeel van het provinciale wegennet waarbij de reistijd in spitstijd maximaal 1,5 keer zo lang is als in de dalperiode (reistijdverhouding). De reistijdverhoudingen zijn gebaseerd op Floating Car Data die landelijk door het Nationaal Dataportaal Wegverkeer (NDW) worden ingekocht bij Be-Mobile. De gerealiseerde snelheden en reistijdverhoudingen spits t.o.v. dal vormen een indicator voor de monitoring (doorstroming/bereikbaarheid) en helpen ons bij het identificeren van mogelijke capaciteitsknelpunten op het wegennet. De reistijdverhouding is voor zowel de ochtend- als avondspits nagenoeg onveranderd. Tijdens het drukste kwartier is in alle kwartalen sprake van een lichte daling van het aandeel ten opzichte van het voorgaande jaar.
Aandeel van het rijkswegennet in en nabij Limburg waarbij de reistijd in spitstijd maximaal 1,5 keer zo lang is als in de dalperiode (reistijdverhouding). Voor methodiek, zie indicator D_56_aa hierboven.
De reistijdverhouding in de ochtend- en avondspits is nagenoeg onveranderd. Tijdens het drukste kwartier is in kwartaal 1 en kwartaal 3 sprake van een lichte daling van het aandeel ten opzichte van het voorgaande jaar. In kwartaal 2 is sprake van een lichte stijging van het aandeel.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
In 2025 werken we aan de uitvoering van het Beleidskader 2024-2027 'Een Bereikbaar en Toegankelijk Limburg’.
Bij onderstaande resultaten treedt vertraging op:
- Ten aanzien van het project Fietsbrug Roermond - Haelen voorzien wij wederom een vertraging vanwege de haalbaarheidsonderzoeken en de financiële dekking aan de zijde van de gemeenten. Afhankelijk hiervan zal er in 2026 een besluit over het vervolg van dit project genomen moeten worden. De Provincie Limburg heeft voor dit project een maximumbedrag van € 3,50 miljoen gereserveerd. De subsidie voor dit project zal vanwege deze vertraging niet in 2025 verleend kunnen worden. De middelen dienen overgeboekt te worden naar 2026. We blijven de overige fietsprojecten uit het beleidskader "Focus op Fiets" 2020-2023, die onder regie van de gemeenten worden uitgevoerd, monitoren zodat deze tijdig gerealiseerd worden.
- In het BO MIRT hebben we afspraken gemaakt met het Rijk en gemeenten over de realisatie deelmobiliteitshubs. De verwachting is dat dit niet in 2025 gerealiseerd gaat worden. Het aanbod van deelmobiliteit in Limburg is namelijk beperkt. Limburg is hierin niet uniek en volgt de landelijke trend waarin in met name (hoog)stedelijke gebieden deelmobiliteitsaanbieders actief zijn. Om het aanbod van deelmobiliteit te vergroten en daarbij de deelmobiliteitshubs te realiseren werken we mee in het landelijk programma Natuurlijk Deelmobiliteit en hebben we de afstemming met gemeenten op dit onderwerp geïntensiveerd. Daar de realisatie niet in 2025 gaat plaatsvinden, dienen zowel de Provinciale middelen, als ook de Rijksmiddelen naar 2026 overgeboekt te worden.
- In november 2024 hebben we in het BO MIRT aandacht gevraagd voor de realisatie van Zaarderheiken. Rijkswaterstaat voert daarvoor de stikstofberekeningen opnieuw uit. Bij een positieve uitkomst kan de uitvoering starten. Een nieuwe uitvoeringsplanning is nog niet bekend.
Bij onderstaande resultaten lopen we op koers:
- We stellen een mobiliteitsvisie 2050 op die we breed afstemmen met onze partners om zo tot een gedragen visie 2050 te komen.
- We borgen continu de Limburgse belangen in verschillende nationale programma's zoals bijvoorbeeld Toekomstbeeld Fiets. Wij zijn tevreden als Limburgse opgaven in deze programma's te vinden zijn. Naar aanleiding hiervan hebben wij in 2025 cofinanciering van het Rijk ontvangen voor de doorfietsroutes Weert-Nederweert en Sittard-Avantis.
- We blijven onze mobiliteitsdata op orde houden. Dit doen we onder andere via de verkeersmeetnetten en het verkeersmodel. Dit gebruiken we o.a. voor Provinciale projecten.
- We gaan de samenwerking aan met de Verkeerscentrale Zuid-Nederland (Rijkswaterstaat) om in geval van calamiteiten en/of incidenten de bereikbaarheid van Limburg te verbeteren door het toepassen van verkeersmanagement.
- Via de Verkeersactieve school blijven wij, samen met alle Limburgse gemeenten, basis- en voortgezet onderwijsinstellingen actief ondersteunen in het uitvoeren van structurele verkeerseductie met thema’s zoals afleiding in het verkeer, fiets, grote voertuigen, verkeersgedrag, verkeerskennis en schoolroute. Wij zijn tevreden als jaarlijks minimaal 90% van de (speciaal) basisscholen en voortgezet (speciaal) onderwijsinstellingen in Limburg deelnemen en dus Verkeersactieve school zijn.
- In 2025 starten wij, in samenwerking met alle Limburgse gemeenten, met de doelgroepenaanpak gedragsbeïnvloeding verkeersveiligheid. Daarbij gaan we verkeersveilig gedrag stimuleren in de doelgroepen jongeren (18-24 jaar), volwassenen (25-59 jaar) en ouderen (60 jaar en ouder) door deze doelgroepen lokale gedragsinterventies aan te bieden op een uniforme wijze. Dit doen we voor de prioritaire thema’s rijden onder invloed van alcohol en/of drugs, afleiding in het verkeer en snelheid. Hierbij streven wij naar minimaal 9 uitgevoerde gedragsinterventies.
- We voeren minimaal 5 campagnes uit van de Limburgse campagnekalender in het kader van verkeersveiligheid. Hierin hebben we onder andere aandacht voor snelheid in het verkeer, fietsverlichting, rijden onder invloed van alcohol en drugs en afleiding in het verkeer.
- We blijven samenwerken met Limburgse gemeenten, Provincie Noord-Brabant en het Rijk op het gebied van laadinfrastructuur. Hiervoor is een nieuwe concessie gegund. Wij zijn tevreden als in 2025 de eerste laadpalen uit deze nieuwe concessie gerealiseerd zijn in Limburg. In afstemming met de gemeenten bepalen we halfjaarlijks de laaddruk van het bestaande netwerk aan laadpalen op basis waarvan we nieuwe laadpalen bijplaatsen (laadpalen worden geplaatst op plaatsen waar de druk het hoogst is).
- Met de regio’s Noord-, Midden- en Zuid-Limburg maken we meerjarige afspraken over structurele gedragsverandering (zowel personen als goederen) via de doelgroepenaanpak. Ook de rol van SmartwayZ.NL nemen we hierin mee; in december 2024 heeft de Programmaraad van SmartwayZ.NL ingestemd met het nieuwe werkprogramma.
- We continueren onze deelname aan het landelijk programma Goederenvervoercorridors voor o.a. beveiligd vrachtwagenparkeren, clean energy hubs en digitalisering.
Tijd
Wij voeren de onder kwaliteit genoemde activiteiten in 2025 uit. Het borgen van de Limburgse belangen in nationale programma's is daarbij een continu proces, evenals het inwinnen van data en het op orde houden van onze verkeersmeetnetten.
Ten aanzien van de fietsbrug Roermond - Haelen en de realisatie van deelmobiliteitshubs gaan we de planning niet halen (zie voor de toelichting het kopje kwaliteit). De middelen dienen daarom overgeboekt te worden naar 2026.
Geld
Voor de uitvoering van product 7.1.1. Mobiliteitsvisie en uitvoeringsprogramma wordt het budget in 2025 verlaagd met € 6,61 mln. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Nieuwe middelen
Doorfietsroutes Weert-Nederweert en Sittard-Avantis
Het Rijk heeft op 12 mei 2025 een specifieke uitkering toegekend voor het realiseren van twee doorfietsroutes (in het kader van de Tijdelijke regeling stimulering Veilig, slim, doelmatig en duurzaam gebruik mobiliteitsinfrastructuur 2023-2027). Het toegekende bedrag van € 2,28 mln. is zowel als last en baat opgenomen in de Najaarsnota 2025.
Tijdelijke regeling Slim, Veilig, Duurzaam mobiliteitsinfra 2023-2027
Het Rijk heeft een specifieke uitkering toegekend (€ 1,95 mln.) voor de uitvoering van diverse projecten uit het uitvoeringskader Slim Veilig Duurzaam. Dit wordt in samenwerking met de regio opgepakt, met als doel het stimuleren van het nemen van maatregelen die slimmer, veiliger, doelmatiger en duurzamer gebruik van mobiliteitsinfrastructuur beogen te bevorderen. Het bedrag is opgenomen in de jaren 2025, 2026 en 2027 (resp. € 0,30 mln., € 1,15 mln., € 0,50 mln.).
Faseringen
Zoals hierboven onder Kwaliteit is opgenomen, is er vertraging ontstaan bij:
- Het fietsproject Roermond-Haelen (€ 3,5 mln.);
- Slim veilig duurzaam, specifiek deelmobiliteitshubs (€ 0,69 mln.).
Daarnaast dient voor onderstaande projecten een aangepaste financiële fasering plaats te vinden:
- SmartwayZ.NL (€ 0,88 mln.). Naar aanleiding van het nieuwe werkprogramma dient de fasering van de provinciale middelen te worden aangepast.
- Minder Hinder Aanpak (€ 0,11 mln.). Partijen hebben een Addendum op de Samenwerkingsovereenkomst ondertekend, met een projecttermijn tot en met 2027. De beschikbare middelen moeten voor de duur van de overeenkomst beschikbaar blijven en worden gefaseerd.
- Laadinfrastructuur (€ 0,50 mln.). De samenwerkingsovereenkomst loopt tot 2030. De beschikbare middelen moeten voor deze gehele periode beschikbaar blijven en worden opnieuw gefaseerd;
- Digitalisering (€ 0,30 mln.); In het BO MIRT zijn meerjarige afspraken gemaakt over Digitalisering. Om aan alle verplichtingen met het Rijk te kunnen voldoen moet dit restant behouden blijven en worden overgeboekt naar 2026.
- Doorontwikkeling Verkeersmeetnet en verkeersmodel (€ 0,41 mln.). Het betreft een meerjarige opdracht tot en met 2027 waarvoor, vanwege het contract, de middelen gefaseerd dienen te worden;
- Verkeerseducatiebeleid (€ 1,00 mln.), de samenwerkingsovereenkomst met de gemeenten loopt tot en met schooljaar 2028-2029. De middelen dienen conform deze looptijd gefaseerd te worden;
- Parallelbaan Zaarderheiken (€ 1,25 mln.). Vanwege bovengenoemde vertraging zullen de Provinciale middelen niet meer in 2025 aan Rijkswaterstaat beschikbaar gesteld worden. De middelen moeten daarom overgeboekt worden naar 2026;
- Rhombusproject CEF1. Vanwege financiële afrekening door Europa, die in 2026 pas gaat plaatsvinden wordt de daarvoor benodigde co-financiering overgeboekt naar 2026 (€ 0,14 mln.).
Overige bijstellingen
Het budget Samenwerking regio's wordt in 2025 verlaagd (€ 0,50 mln.) in verband met de geactualiseerde planning van de uitgaven dit jaar.
Bij de Najaarsnota wordt de begroting van product 7.1.1. Mobiliteitsvisie en uitvoeringsprogramma structureel verhoogd met € 0,09 mln. vanwege de CAO-bijstelling van de personeelskosten.
Kwaliteit (indicator)
OranjeTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje
7.2. Openbaar vervoer en wegbeheer
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Wat willen we bereiken? - 7.2. Openbaar vervoer en wegbeheerWe werken aan een bereikbaarder en verkeersveiliger Limburg voor iedereen. Daarmee dragen we bij aan een duurzamer, leefbaarder en aantrekkelijker mobiliteitssysteem.
Ten aanzien van het openbaar vervoer en wegbeheer streven we deze collegeperiode de volgende doelstellingen na:
- In 2027 is de kwaliteit van het openbaar vervoer voor de Limburgers verbeterd t.o.v. 2023.
- In 2027 zijn dorpen en buitenwijken van steden beter bereikbaar t.o.v. 2023.
- In 2027 is de verkeersveiligheid verbeterd t.o.v. 2023.
- In 2027 voldoet het provinciale infrastructurele areaal aan het kwaliteitsniveau ‘Basis'.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.
Het areaal voldoet aan het kwaliteitsniveau 'Basis', ja/nee (D_61a)
Ja, het areaal voldoet aan het kwaliteitsniveau Basis, zoals dat is gedefinieerd door het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW).
Deze grafiek toont de gemiddelde reisafstanden in kilometer voor inwoners van Limburg van hun woonadres naar de dichtstbijzijnde voorzieningen over de afgelopen 10 jaar. De meegenomen voorzieningen zijn: huisartsenpraktijk, apotheek, ziekenhuis (incl. en excl. buitenpolikliniek, grote supermarkt, overige dagelijkse levensmiddelen, kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, basisonderwijs, voortgezet onderwijs en bibliotheek. De indicator sluit hiermee aan op de methodiek die door het CROW gehanteerd wordt voor de landelijke monitoring van Regionale Mobiliteitsprogramma's (RMP). De afstand tot voorzieningen is in de afgelopen 10 jaar relatief stabiel gebleven, maar laat in de laatste twee jaar een geringe stijging zien.
Deze grafiek toont het aantal geregistreerde verkeersongevallen per 100.000 inwoners in Limburg. De verkeersongevallen informatie is afkomstig uit STAR-data (Via-stat). Het aantal inwoners is afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De registratie van verkeersongevallen vindt plaats door de politie. Niet alle verkeersongevallen en slachtoffers worden geregistreerd. Hoe ernstiger de afloop van een ongeval, hoe groter de kans dat registratie plaatsvindt. Na een daling in 2020 is het aantal verkeersongevallen per 100.000 inwoners de afgelopen jaren gestegen.
Deze grafiek toont het aantal geregistreerde verkeersslachtoffers (verkeersgewonden, verkeersdoden en gecombineerd) per 100.000 inwoners in Limburg. De verkeersslachtofferinformatie is afkomstig uit STAR-data (Via-stat). Het aantal inwoners is afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De registratie van verkeersongevallen vindt plaats door de politie. Niet alle verkeersongevallen en slachtoffers worden geregistreerd. Hoe ernstiger de afloop van een ongeval, hoe groter de kans dat registratie plaatsvindt. Na een daling in de jaren 2020 en 2021 is het aantal verkeersslachtoffers per 100.000 inwoners de afgelopen jaren gestegen.
CROW publiceert jaarlijks de OV-Klantenbarometer, een grootschalige landelijk onderzoek naar de mening van reizigers over het openbaar vervoer. We zien al jaren een stabiel cijfer, net onder 8. Dit is in lijn met het Nederlandse beeld, dat in 2024 op 7,8 uitkomt.
Het percentage gehaalde treinaansluitingen op knooppunten in Limburg van Arriva (aankomst) naar NS (vertrek). Een aansluiting telt mee als beide treinen hebben gereden. Hij geldt als gehaald wanneer de aankomsttijd van de eerste trein plus de minimaal benodigde overstaptijd kleiner dan of gelijk aan de vertrektijd van de tweede trein is. De treinen waartussen de aansluiting meetelt voor dit cijfer worden jaarlijks samen met de betrokken vervoerders vastgesteld. De data van ProRail over 2023 in Maastricht is niet volledig. In Heerlen is de aankomstpunctualiteit in 2024 gedaald ten opzichte van het voorgaande jaar.
Het percentage gehaalde treinaansluitingen op knooppunten in Limburg van NS (aankomst) naar Arriva (vertrek). Een aansluiting telt mee als beide treinen hebben gereden. Hij geldt als gehaald wanneer de aankomsttijd van de eerste trein plus de minimaal benodigde overstaptijd kleiner dan of gelijk aan de vertrektijd van de tweede trein is. De treinen waartussen de aansluiting meetelt voor dit cijfer worden jaarlijks samen met de betrokken vervoerders vastgesteld. De aankomstpunctualiteit is in Roermond en Heerlen gedaald ten opzichte van het voorgaande jaar.
Deze indicator toont de aansluitpunctualiteit op 3 belangrijke bus knooppunten: Ell - Niesstraat, Gulpen busstation en Hoensbroek busstation. De aansluiting telt als gehaald wanneer de aankomsttijd van de eerste bus plus de minimaal benodigde overstaptijd kleiner dan of gelijk aan de vertrektijd van de tweede bus is. Het percentage is van 2023 naar 2024 amper gewijzigd.
Percentage van de treinen/bussen die binnen 3 minuten na de geplande aankomsttijd arriveren op een knooppunt of eindstation. De hier weergegeven punctualiteit is het gemiddelde over alle maanden van het betreffende jaar. Dit zijn de niet-gecorrigeerde totalen (cijfers die gebruikt worden in de afrekening kunnen daardoor licht afwijken). De punctualiteit voor bus is licht afgenomen. De ontwikkeling van punctualiteit voor trein verschillen sterk per treintraject, voor de trajecten van RS 11 en RS 18 zijn is deze in 2023 vergelijkbaar met het voorgaande jaar. Voor de trajecten RS 12, RS 15 zijn deze licht gedaald. Uitzondering betreft het traject RE18 Maastricht-Heerlen-Aachen, waar sprake is van een sterke daling.
Alle uitgevallen kilometers (uitgedrukt in een percentage ten opzichte van de geplande dienstregeling) die zijn ontstaan door de vervoerder (materieelstoringen, logistieke redenen of door personeel). Niet-verwijtbare rituitval (b.v. sein-, wissel-, overweg- en stroomstoringen) zijn hiervoor al in mindering gebracht. Rituitval vanwege stakingen telt niet als verwijtbaar en is daarom niet meegenomen in de cijfers. Ook uitgevallen ritten waarvoor treinvervangend busvervoer is ingezet, worden niet meegeteld onder verwijtbare rituitval. De rituitval voor bus en elektrische trein is in 2023 gestegen. De rituitval van diesel treinen is gelijk gebleven ten opzichte van 2022.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
De beschikbare middelen worden geprogrammeerd op basis van onderhoudsprioriteit waarbij, conform de CROW-onderhoudssystematiek het onderhoudsniveau 'Basis' van de provinciale arealen wordt geborgd. Op het moment dat onderhoud wordt uitgevoerd, wordt vanaf 2025 ook gekeken welke maatregelen gecombineerd kunnen worden uitgevoerd om te voldoen aan het functioneel, administratief, duurzaam en circulair kader en natuurinclusief kader. Daarnaast wordt binnen de beschikbare middelen gekeken welke maatregelen op hoog risicolocaties ten behoeve van verkeersveiligheid kunnen worden uitgevoerd.
Tijd
Het beheren en onderhouden van de provinciale infrastructuur is een continu proces conform de onderhoudsprogrammering die is opgenomen in de verplichte paragraaf 'Onderhoud kapitaalgoederen' als onderdeel van de Programmabegroting 2025. Naar verwachting worden alle onderhoudswerkzaamheden binnen de termijn van de Nota Infrastructurele Kapitaalgoederen NIK 2024-2027 uitgevoerd.
Zoals in de Voorjaarsnota 2025 opgenomen is er bij twee projecten vertraging ontstaan:
- Project N595 Wittemer Allee; de start van de realisatiefase is naar achteren verschoven i.v.m. een beroepsprocedure;
- Fase 1 van project N598 Reconstructie De Hut – De Plank; de start is afhankelijk van stikstof en de planning van kabel- en leidingenbeheerders.
Geld
Voor de uitvoering van product 7.2.1. Infrastructuur wordt het budget in 2025 verhoogd met € 7,61 mln. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Nieuw
Doorfietsroute Weert-Nederweert
Het Rijk heeft op 12 mei 2025 een specifieke uitkering toegekend voor het realiseren van de doorfietsroute Weert-Nederweert. Voor de realisatie van het provinciale deel wordt een bedrag van € 0,20 mln. toegevoegd aan het investeringskrediet van de N266-N275 Nederweert. Dit bedrag is zowel als last en baat opgenomen in het bij deze Najaarsnota toegevoegde investeringsbesluit. Per saldo heeft dit geen consequenties voor de begroting. Verwezen wordt naar het als bijlage opgenomen investeringskrediet.
Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij (ZLSM)
Voor de ZLSM is een Toekomstvisie ZLSM in voorbereiding, die naar verwachting in het eerste kwartaal van 2026 aan PS wordt voorgelegd. Ter overbrugging van de komende periode zijn middelen nodig om te kunnen voldoen aan de financiële verplichtingen die voortvloeien uit de overeenkomsten. Maar ook om de geldende overeenkomsten waar nodig te actualiseren, voor de betaling van het door ZLSM uitgevoerd beheer en onderhoud en het voldoen van verzekeringspremies. In 2025 en 2026 wordt hiervoor jaarlijks een bedrag van € 0,19 mln. toegevoegd aan de exploitatiebegroting. Dit bedrag wordt gedekt uit het resultaat.Budgetbijstellingen
Binnen het product 7.2.1. Infrastructuur vindt een verschuiving plaats tussen een aantal budgetten. Dit heeft te maken met het actualiseren van de verdere doorkijk voor 2025, zoals toegelicht onder het kopje Kwaliteit. Dit heeft geen gevolgen voor het totaal beschikbare bedrag.
In verband met de ontbinding van de Anterieure Overeenkomst Gebiedsontwikkeling VDL Nedcar vinden er verschuivingen plaats binnen de budgetten van dit project:
- € 1,37 mln. blijft in 2025 beschikbaar voor de afhandeling van nog lopende verplichtingen; in 2026 is nog € 10,13 mln. beschikbaar;
- € 0,75 mln. is nodig voor de fietsoversteek Holtummerweg (verwezen wordt naar het als bijlage opgenomen investeringskrediet);
- € 6,25 mln. is nodig voor de dekking van gerealiseerde uitgaven.
Deze bedragen worden gedekt uit de Bruteringsreserve VDL Nedcar. Een restant van de bruteringsreserve (€ 16,47 mln.) valt vrij ten gunste van het resultaat. Voor de herontwikkeling van VDL Nedcar blijft dan nog een bedrag van € 15 mln. gereserveerd in de Bruteringsreserve.
Overige bijstellingen
Bij de Najaarsnota wordt de stelpost kapitaallasten risicocomponent in 2025 verlaagd (€ 0,83 mln.). Dit betreft het in 2025 gereserveerde bedrag voor kapitaallasten voor eventuele ophoging van een investeringskrediet ná het initieel kredietbesluit. In 2025 zijn geen kredieten opgehoogd.
Daarnaast wordt bij de Najaarsnota de begroting van product 7.2.1. Infrastructuur structureel verhoogd met € 0,45 mln. vanwege de CAO-bijstelling van de personeelskosten.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Groen -
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
Wij gaan in 2025 verder met de uitvoering van het Beleidskader 2024-2027 'Een Bereikbaar en Toegankelijk Limburg’.
- Arriva blijft volgens de concessieafspraken uitvoering geven aan de concessie.
- We voeren samen met Arriva een Mid-Term Review op de concessie uit, dit houdt in dat er een evaluatie plaatsvindt waarbij wordt bezien of de afspraken uit de concessie zijn nagekomen.
- We geven een impuls aan de bereikbaarheid van het platteland. We zullen dit samen met partners benaderen vanuit het concept publieke mobiliteit. In 2025 werken we met onze partners aan een gedeeld perspectief op publieke mobiliteit en zijn tevreden als we gestart zijn met de eerste uitwerkingen van dit concept in concrete initiatieven.
- In 2025 zetten we in op brede uitrol van Dal Vrij Limburg. We zijn tevreden als alle gemeenten meedoen en de gehele doelgroep gebruik kan maken van dit product. We monitoren en analyseren de effecten en rapporteren hierover in 2026.
- In 2025 geven we verder invulling aan het Uitvoeringsprogramma Toegankelijkheid dat in 2024 is vastgesteld. Dit betekent onder andere samen met Arriva invulling geven aan reisassistentie op stations en het toegankelijk maken van haltes/busstations met de beschikbare middelen.
- In 2025 geven we uitvoering aan de subsidieregeling Wensbus. We monitoren de voortgang conform de subsidieregeling.
- In 2025 ronden we de uitrol van het nieuwe Productenpalet af. We zijn tevreden wanneer de nieuwe producten beschikbaar zijn en gebruikt worden door een aanzienlijk deel van de reizigers. Daarbij houden we rekening met de vertraagde uitrol van de nieuwe landelijke OV-pas waardoor sommige producten pas in 2026 volledig kunnen worden geëffectueerd.
- Het Convenant ‘Decentralisatie stoptreindiensten Roermond-Maastricht Randwyck en Sittard-Heerlen in Limburg’ eindigt per 1 januari 2025. In dit convenant heeft het Rijk de intentie uitgesproken om tot passende afspraken te komen over de exploitatiebijdrage voor de gehele regionale concessieperiode (t/m 2031). In het BO MIRT is met de staatssecretaris afgesproken dat hier in de eerste helft van 2025 afspraken over worden gemaakt. Vanwege de val van het Kabinet is vertraging ontstaan in het vastleggen van nieuwe afspraken. In de Weerstandsparagraaf van de Begroting 2026 is hiervoor een aparte format opgenomen.
Tijd
Het concessiebeheer en het ontwikkelen van het Limburgse openbaar vervoer is een continu proces. De onder 'omschrijving' genoemde onderwerpen worden in 2025 afgerond.
In 2016 hebben het Rijk en de Provincie Limburg een Convenant ‘Decentralisatie stoptreindiensten Roermond-Maastricht Randwyck en Sittard-Heerlen in Limburg’ afgesloten. Voor de periode 2017 t/m 2024 is op grond van het Convenant door het Rijk een jaarlijkse exploitatiebijdrage van € 6 mln. toegekend, met inbegrip van inflatie. Deze bijdrage is niet verder geïndexeerd.
We blijven ons inzetten om snel tot de noodzakelijke structurele afspraken te komen. Ten aanzien van het Convenant zijn ten tijde van het opstellen van de najaarsnota 2025 de financiële afspraken nog niet geformaliseerd. Gelet op de intentie van het Rijk om tot verlenging van de financiële afspraak te komen, is in de begroting 2025 rekening gehouden met de Rijksbijdrage. Zodra de nieuwe financiële afspraken zijn geformaliseerd, zal het effect van een eventuele wijziging hiervan in een volgend P&C-document worden verwerkt in de exploitatiebegroting van 2025 en verder. Er zijn echter nog geen nieuwe afspraken gemaakt.
Geld
Voor de uitvoering van product 7.2.2. Openbaar vervoer wordt het budget in 2025 verhoogd met € 17,79 mln. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Nieuw
Om de gevolgen van de vertraagde realisatie van de Maaslijn op te vangen, en een verlengde exploitatie van de Maaslijn met dieseltreinen mogelijk te maken, dient Arriva voor de daarbij optredende meerkosten voor € 44,5 mln. te worden gecompenseerd (€ 34,4 mln. in 2025 en € 10,1 mln. in 2027). Een daartoe strekkend Statenvoorstel met begrotingswijziging is in september 2025 door uw Staten behandeld.
Faseringen
Bevoorschotting exploitatiebijdrage Arriva 2025
In verband met optredende meerkosten exploitatie Maaslijn is besloten de bevoorschotting aan te passen. Hiervoor wordt de bevoorschotting van de nog te verlenen exploitatiebijdrage 2026 versneld voor een deel uitgekeerd in 2025 (€ 17,75 mln.).
Overige bijstellingen
Bij de Najaarsnota wordt de begroting van product 7.2.2. Openbaar vervoer structureel verhoogd met € 0,05 mln. vanwege de CAO-bijstelling van de personeelskosten.
Kwaliteit (indicator)
OranjeTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje
7.3. Limburg nationaal en internationaal verbinden
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Wat willen we bereiken? - 7.3. Limburg nationaal en internationaal verbindenWe werken aan een bereikbaarder en verkeersveiliger Limburg voor iedereen. Daarmee dragen we bij aan een duurzamer, leefbaarder en aantrekkelijker mobiliteitssysteem.
Ten aanzien van Limburg nationaal en internationaal verbinden streven we deze collegeperiode de doelstellingen zoals geformuleerd voor product 7.1. na.
Wat merkt de Limburger ervan?
De doelstellingen en indicatoren voor product 7.3 zijn gelijk aan product 7.1.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
Wij gaan in 2025 verder met de uitvoering van het Beleidskader 2024-2027 'Een Bereikbaar en Toegankelijk Limburg’.
- We blijven ons inzetten om aanspraak te maken op de verschillende Europese fondsen voor de invulling van onze mobiliteitsopgaven;
- Ook zetten we onze inzet voor de Limburgse mobiliteitsopgaven bij het Rijk voort. In lijn met de 2e Gewijzigde Motie 3190 Franssen c.s. inzake "Geen uitstel meer Versnelling A2-verbreding noodzakelijk" roepen we het Rijk op zo snel mogelijk tot realisatie van de A2 wegverbreding over te gaan;
- We blijven sturen op tijdige realisatie van de elektrificatie en partiële spoorverdubbeling van de Maaslijn;
- We blijven ons onverminderd inzetten voor de internationale verbindingen Weert-Hamont-Antwerpen en de Intercity (Randstad)-Eindhoven-Heerlen-Aken;
- We blijven in contact met onze grensoverschrijdende partners om verdere mogelijkheden van grensoverschrijdende busverbindingen te bespreken. De ticketing en tarifering is daarbij ook een belangrijk gespreksonderwerp;
- We blijven bij het Rijk lobbyen voor een goede multimodale bereikbaarheid over de weg en de vaarwegen.
Wij zijn tevreden als de reiziger zich ongehinderd over de grens kan verplaatsen met het openbaar vervoer. Daarnaast zijn wij tevreden als Limburg multimodaal bereikbaar is via de weg (o.a. A2-Weert-Eindhoven, A67), water (o.a. Julianakanaal en de Maas) en het spoor.
Tijd
Voor de realisatie van bovengenoemde opgaven zijn we veelal afhankelijk van andere partijen, waaronder het Rijk. We voeren een stevige lobby richting Rijk en Europa om de projecten volgens planning te kunnen uitvoeren en afronden. Dit blijft een doorlopend proces.
Ten aanzien van de A2 wegverbreding 't Vonderen - Kerensheide heeft Rijkswaterstaat ons geïnformeerd over de vertraging vanwege aanvullende faunamaatregelen die getroffen dienen te worden. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat zal hierover een besluit dienen te nemen. Gezien de huidige politieke situatie is het onzeker wanneer dit besluit genomen zal worden.
Geld
Voor de uitvoering van product 7.3.1. Limburg nationaal en internationaal verbonden wordt het budget in 2025 verlaagd met € 13,03 mln. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Fasering
Voor de realisatie van de Europese middelen, die wij hebben ontvangen voor de projecten Rhombus, zijn wij grotendeels afhankelijk van de verzoeken van andere partijen voor bevoorschotting. In verband met de nog in te dienen verzoeken, wordt een totaalbedrag van € 13,06 mln. overgeboekt naar 2026. Dit betreft een bijdrage van Europa, die zowel als last en baat wordt overgeboekt.
Overige bijstellingen
Bij de Najaarsnota wordt de begroting van product 7.3.1. Limburg nationaal en internationaal verbonden structureel verhoogd met € 0,03 mln. vanwege de CAO-bijstelling van de personeelskosten.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje
Uitvoering begroting 2025: budgetrealisatie
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Uitvoering begroting 2025: budgetrealisatieDe lasten van de gewijzigde begroting 2025 voor dit programma tot aan deze najaarsnota bedragen € 216,76 mln., bestaande uit € 178,36 mln. reguliere middelen, € 15,86 mln. personeelskosten en € 22,54 mln. kapitaallasten.
In onderstaande grafiek presenteren wij alleen de reguliere middelen vanwege de beïnvloedbaarheid van deze posten. Het betreft de bestedingen en juridische verplichtingen tot 8 september 2025 (gerealiseerd) en de op dat moment resterende vrije ruimte binnen de vastgestelde budgetten.
De realisatie van de exploitatiemiddelen over 2025 bedraagt tot 8 september 2025 afgerond 73%. Van het resterende deel (€ 48,10 mln.) wordt bij deze najaarsnota een totaalbedrag van € 22,33 mln. (10%) doorgeschoven naar 2026 en verdere jaren. Tegelijkertijd wordt een bedrag van € 17,75 mln. van 2026 naar 2025 overgeboekt voor bevoorschotting OV-concessie.

Wat mag het kosten?
Terug naar navigatie - 7. Een bereikbaar en toegankelijk Limburg - Wat mag het kosten?In deze Najaarsnota 2025 wordt het budget voor het programma Een bereikbaar en toegankelijk Limburg aangepast op basis van de hierboven beschreven voortgang.
Wij stellen voor om € 22,22 mln. extra geld toe te voegen aan het budget voor de volgende onderdelen:
- Doorfietsroutes Weert-Nederweert en Sittard-Avantis (€ 2,8 mln.). Het Rijk heeft een specifieke uitkering toegekend voor het realiseren van deze twee doorfietsroutes.
- Uitvoeringskader Slim Veilig Duurzaam (€ 0,30 mln.). Het Rijk heeft een specifieke uitkering toegekend voor het stimuleren van het nemen van maatregelen die slimmer, veiliger, doelmatiger en duurzamer gebruik van mobiliteitsinfrastructuur beogen te bevorderen.
- Bevoorschotting exploitatiebijdrage Arriva 2025. In verband met optredende meerkosten exploitatie Maaslijn is besloten de bevoorschotting aan te passen en een deel van de exploitatiebijdrage 2026 uitgekeerd in 2025 (€ 17,75 mln.).
- Programmakosten in verband met beëindiging Anterieure Overeenkomst VDL Nedcar (€ 1,37 mln.).
Daarnaast gaan de personeelskosten elk jaar met € 0,61 mln. omhoog, vanwege de CAO loonstijgingen.
Verder wordt het budget verlaagd met een bedrag van € 1,33 mln. in verband met bijstelling van een aantal budgetten.
Tot slot wordt een bedrag per saldo € 4,58 mln. aan faseringen (doorschuiven en naar voren halen van middelen)opgenomen.
Door deze wijzigingen stijgt het totale budget van het programma (lasten en stortingen in de reserves) van € 213,34 mln. naar € 219,10 mln.
Voor meer informatie verwijzen wij naar de toelichtingen op product-niveau onder ‘Wat gaan we daarvoor doen?’, bij het onderdeel Geld.