3. Werken aan een toekomstbestendige economie
Werken aan een toekomstbestendige economie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Werken aan een toekomstbestendige economieWe werken aan de randvoorwaarden voor een veerkrachtige en wendbare regionale economie. Een economie die toekomstbestendig is en waarin slimme en duurzame innovaties snel tot ontwikkeling komen. We staan ook voor een groot aantal uitdagingen. Recente ontwikkelingen, zoals het rapport van Draghi, de Clean Industrial Deal en zowel landelijke als geopolitieke ontwikkelingen versterken de focus op thema’s als concurrentiekracht, innovatie en veiligheid (defensie).
Vanuit groene industriepolitiek versterken we de circulaire economie in Limburg. De lijn voor de Brightlands campussen zetten we door. We werken mee aan een conventiebureau voor héél Limburg dat gebruik maakt van de Brightlands kansen en zo het zakelijk toerisme stimuleert. Ook andere toeristische bedrijvigheid ondersteunen we. We stimuleren innovaties in het MKB gekoppeld aan de maatschappelijke opgaven in alle sectoren en ondersteunen de inrichting van fondsen voor innovatieve MKB'ers. We werken er de komende jaren aan om aantrekkelijker te worden voor werknemers en bedrijven om zich hier te vestigen. Daar hoort een selectieve acquisitie-aanpak bij. We maken ons sterk voor een juiste waardering van vakmanschap, het beroepsonderwijs en onze verwerkende industrie (van groot tot klein), met blijvend leren, ontwikkelen en samenwerken als uitgangspunten. Wij zetten ons in om de beschikbaarheid van voldoende en adequaat opgeleide arbeidskrachten te verbeteren, wat een noodzakelijke randvoorwaarde is om in te kunnen inspelen op de uitdagingen in het sociaal en economisch domein. Tegelijkertijd zijn er veel landelijke en geopolitieke ontwikkelingen. Ontwikkelingen waardoor het extra belangrijk is om een sterke innovatieve regio te zijn en te blijven. Dit vergt extra inzet en mogelijk een shift in focus in de toekomst voor het provinciale economische beleid.
Via het ‘Blijversbudget’ gaat de Provincie gerichte innovatie en conceptuele ontwikkeling ondersteunen, die de bedrijvigheid op het platteland perspectief op een minder milieubelastend voortbestaan biedt. Daarmee vullen we de instrumentenkoffer om succesvol de transitie in de landbouw te maken.
We werken aan de kansen die onze (lands- en provincie)grenzen bieden. Samen met het Rijk delen we de ambitie om te komen tot een kandidatuur met de regeringen van België en Duitsland, om de Einstein Telescope in de Euregio Maas-Rijn, te realiseren. Die internationale ligging en grensoverschrijdende samenwerking zijn belangrijk voor onze nieuwe verdiencapaciteit. We blijven inzetten op een aantal omvangrijke en langlopende projecten als verduurzaming Chemelot en MAA.
Onze beleidskaders
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Onze beleidskaders- Werken aan een Toekomstbestendige Economie 2024-2027 (PS 12 april 2024)
- 2e Gewijzigd Statenvoorstel inzake Brightlands - visie en rol Provincie Limburg (PS 24 juni 2022)
- Gewijzigd Statenvoorstel Brightlands Campus Greenport Venlo - campus en vastgoed - visie en inzet tot 2030 (PS 19 december 2022)
- Statenvoorstel Campus Vastgoed Greenport Venlo inzet en visie tot 2030 (PS 10 februari 2023)
- Statenvoorstel inzake Uitwerking transitie Maastricht Aachen Airport (PS 16 december 2022)
Voor een aantal majeure integrale ontwikkelingen zijn door Provinciale Staten afzonderlijke kaderstellende besluiten genomen die toezien op inzet en middelen: verduurzaming Chemelot, Brightlands, VDL/NedCar en MAA.
Wat willen we bereiken?
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken?3.1. Vestigingsklimaat van morgen
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken? - 3.1. Vestigingsklimaat van morgen- In 2027 zijn onze acquisitieresultaten verbeterd, kennen we het Limburgse bedrijfsleven beter en is het zakelijk toerisme gegroeid.
- In 2027 is de acquisitiesamenwerking met stakeholders in Limburg dusdanig versterkt dat nieuwe potentiële leads die kansrijk zijn voor Limburg, in gezamenlijkheid worden verkend.
- In 2027 zijn de (ruimtelijke) randvoorwaarden gecreëerd voor de beoogde versterking van het toekomstbestendig en kwalitatief hoogwaardig vestigingsklimaat in 2027.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren voor deze doelstellingen zijn nog in ontwikkeling.
Beschrijving bereikte versterking acquisitiesamenwerking (D_19a)
Om nieuwe bedrijven aan te trekken in Limburg is er vanuit de Provincie één centraal aanspreekpunt, die korte lijnen heeft met LIOF, de Brightlands campussen, gemeenten en het bedrijfsleven. Dit zorgt voor een meer gerichte en gecoördineerde aanpak. De aanpak is selectief, met oog voor maatschappelijke factoren, en richt zich op duurzame vestiging en bedrijven die bijdragen aan de duurzame economie van de toekomst.
Deze tabel bevat jaargegevens over de productiecomponenten van het bruto binnenlands product. Het Bruto Regionaal Product is de totale waarde van alle goederen en diensten die in een regio (bijvoorbeeld Limburg) in één jaar zijn geproduceerd. De volumeontwikkeling van het bruto regionaal product is een gebruikelijke maatstaf voor de economische groei van een regio. Deze grafiek visualiseert dus hoe snel (of langzaam) de economie van Limburg groeit of krimpt over meerdere jaren. Dit is gemeten in procentuele verandering van het Bruto Regionaal Product ten opzichte van voorgaand jaar.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft onlangs de nationale rekeningen gereviseerd. Daarbij worden nieuwe bronnen, methoden en concepten doorgevoerd in de nationale rekeningen. Dit doen zij eens in de vijf jaar, om te zorgen dat het beeld van de Nederlandse economie weer optimaal aansluit bij alle onderliggende statistieken, bronnen en internationale richtlijnen voor het samenstellen van de nationale rekeningen. Om een breuk tussen twee jaren te voorkomen (reeksbreuk) worden ook de voorafgaande jaren (= de hele tijdreeks) herzien. De getoonde cijfers wijken dus af van de vorige P&C Beleidsmonitor.
De cijfers van 2022 en 2023 zijn nog voorlopig. In december komt het cijfer van 2024 beschikbaar.
Dit project is nog in ontwikkeling en het Limburgbrede congresbureau zal naar verwachting in het derde kwartaal van 2025 van start gaan. Daarom zijn er nog 0 ingediende bidbooken.
Gebied |
2024 |
|---|---|
Limburg |
0 |
Dit project is nog in ontwikkeling en het Limburgbrede congresbureau zal naar verwachting in het derde kwartaal van 2025 van start gaan. Daarom is de totale economische waarde van de door MCB geworven congressen nog 0.
Gebied |
2024 |
|---|---|
Limburg |
0 |
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
- In 2025 leiden de acquisitieleads tot het vestigen van nieuwe bedrijven in Limburg.
- In 2025 gaat het vernieuwde congresbureau - dat voortkomt uit het Maastricht Convention Bureau - van start en richt zich op het binnenhalen van internationale meerdaagse congressen met een focus op wetenschap en innovatie.
- In 2025 wordt gewerkt aan de duurzame verankering van de TEFAF in Limburg.
- In 2025 wordt gewerkt aan een meerjarige programmatische samenwerking van alle provincies op het thema routestructuren met de landelijke stichtingen Wandelnet en Fietsplatform.
- In 2025 is uitvoering en invulling gegeven aan (Gewijzigde Motie 3061 Berghorst c.s. inzake Vitaal toerisme in balans met de omgeving).
- In 2025 is tenminste één project gerealiseerd dat bijdraagt aan de internationale samenwerking en profilering van de Brightlands campussen.
Tijd
Activiteiten zijn continu doorlopend en duren de volledige collegeperiode.
Geld
Voor de uitvoering van product 3.1.1. Vestigingsklimaat van morgen wordt het budget in 2025 verhoogd met € 0,15 mln. ten behoeve van een aanvullende projectsubsidie in 2025 aan het MECC ter ondersteuning van een duurzame verankering van de TEFAF in Limburg. Deze middelen worden gedekt uit de programmareserve Economie, actielijn Internationale economische samenwerking en diplomatie.
De procesmiddelen Einstein Telescoop zijn gericht op ondersteuning van het netwerk-partnerschap en het uitwerken van de propositie die nodig is voor de aanvraag met betrekking tot het Flagship Einstein Telescope. Wij schuiven een bedrag van € 0,40 mln. door naar 2027 op basis van het verwachte uitgavenpatroon.
Verder wordt het Knelpuntenfonds in 2025 verhoogd met € 0,20 mln. voor een bijdrage van de Provincie Limburg voor een acquisitieproject.
De kapitaallasten stijgen met € 1,40 mln. in verband met afwaardering financiële activa.
De personeelskosten gaan met € 0,06 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje -
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
Omgevingsfonds
De toegezegde provinciale bijdrage van in totaal € 8,75 mln. aan de stichting wordt in de vorm van een subsidie in tranches verstrekt op basis van de jaarlijks aan te leveren voortgangsrapportages inclusief geactualiseerd liquiditeitsoverzicht (in 2024 € 851.840 en in 2025 € 1.601.600). Met deze bijdrage dragen wij bij aan de leefkwaliteit van de regio.
Provinciaal Inpassingplan MAA proefdraaien
De in het kader van de luchthavenbesluitprocedure opgestelde m.e.r.-notitie is in het najaar van 2024 ter beoordeling voorgelegd aan het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W). Het Ministerie heeft deze beoordelingsnotitie op haar beurt voor advies aan de Commissie MER voorgelegd. Het advies van de Commissie is in maart 2025 gepubliceerd. Het is aan de minister van I&W om aan te geven of de beoordelingsnotitie ten grondslag kan liggen aan de door de minister te nemen mer-beoordelingsbeslissing en om naar aanleiding van het advies van de Commissie MER aanbevelingen aan MAA kenbaar te maken, zodat de luchthaven haar verdere uitwerkingen kan doen en de voorbereidingen ten behoeve van het indienen van de aanvraag Luchthavenbesluit kan afronden.Luchthavenbesluit
De in het kader van de luchthavenbesluitprocedure opgestelde m.e.r.-notitie is in het najaar van 2024 ter beoordeling voorgelegd aan het Ministerie van Intrastructuur en Waterstaat (I&W). Het ministerie heeft deze beoordelingsnotitie op haar beurt voor advies aan de Commissie MER voorgelegd. Het advies van de Commissie is in maart 2025 gepubliceerd. Het is aan de Minister van I&W om aan te geven of de beoordelingsnotitie ten grondslag kan liggen aan de door de minister te nemen mer-beoordelingsbeslissing en om naar aanleiding van het advies van de Commissie MER aanbevelingen aan MAA kenbaar te maken, zodat de luchthaven haar verdere uitwerkingen kan doen en de voorbereidingen ten behoeve van het indienen van de aanvraag Luchthavenbesluit kan afronden.Route development fund
De ontvangen bijdragen van de gemeente Maastricht om in te zetten op het stimuleren van lijnverbindingen vanaf MAA naar intercontinentale luchthavens ter bevordering van de verankering van het zakelijk toerisme in de regio naar bijvoorbeeld het MECC en de TEFAF worden voor € 0,6 mln. ingezet in 2025.Ontsluiting luchthaven
Voor het verbeteren van de ontsluiting van de luchthaven (verbeteren verkeersveiligheid Vliegveldweg en voorterreinen MAA) heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat in de vorm van een specifieke uitkering (SPUK) aan de Provincie een bedrag van € 3,5 mln. inclusief BTW beschikbaar gesteld. De Provincie leidt de middelen door aan de gemeente Beek en MAA die dit project gaan uitvoeren. De gemeente Beek en MAA dragen zelf ieder € 2 mln. bij. De voorbereiding van dit project is gestart en vergt nog de nodige tijd. Met de planning van de start van de uitvoering wordt rekening gehouden met de verwachte extra toestroom van passagiers medio 2027 als gevolg van de baansluiting bij Eindhoven Airport.Tijd
De beoogde bijdrage aan het Omgevingsfonds voor 2025 heeft conform planning plaatsgevonden. De bijdrage aan het Route development fund heeft slechts voor een gedeelte plaatsgevonden, het restantbudget wordt doorgeschoven naar 2026.
Door het uitblijven van duidelijkheid over het stikstofbeleid van het Rijk en de val van het kabinet, is het aannemelijk dat het PIP en het Luchthavenbesluit doorschuiven naar 2026. Of dit daadwerkelijk het geval zal zijn, is afhankelijk van het ministerie van I&W en de LVNL.De “Ontsluiting luchthaven” genoemde werkzaamheden worden in 2027 voorzien. De voorbereiding van dit project is gestart en vergt nog de nodige tijd. Naar verwachting worden de SPUK-gelden in 2026 aan MAA en gemeente Beek doorgeleid, voor de uitvoering hiervan.
Geld
Voor de uitvoering van product 3.1.3. Maastricht Aachen Airport wordt het budget in 2025 verlaagd met € 9,62 mln. lasten en € 0,20 mln. baten. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Faseringen
Wij faseren een totaalbedrag van € 9,63 mln.
- Wij schuiven een bedrag van € 2,89 mln. door naar de begroting van 2026. Dit betreft de specifieke uitkering (SPUK) voor de ontsluiting Maastricht Aachen Airport van € 2,89 mln. exclusief btw (lasten en baten). De voorbereidingen voor de werkzaamheden aan de ontsluiting van de luchthaven zijn inmiddels gestart en vergen de nodige tijd. De uitvoering van deze werkzaamheden staat gepland voor 2027. Met het oog op doorgeleiding in 2026 naar MAA en de gemeente Beek dienen deze middelen in 2026 beschikbaar te zijn.
- Op basis van de ontvangen liquiditeitsprognose van MAA is uit het budget éénmalige NEDAB kosten dit jaar een bedrag van € 4,36 mln. afgeroepen ten behoeve van achterstallig onderhoud. Hiervoor was € 10,90 mln. voorzien in 2025. De resterende middelen worden in 2026 en volgende jaren afgeroepen door MAA. Derhalve wordt er € 6,54 mln. overgeheveld naar 2026.
- De ontvangen bijdragen van de gemeente Maastricht om in te zetten op het stimuleren van lijnverbindingen vanaf MAA naar intercontinentale luchthaven worden in 2025 toegekend uit het Route development fund € 0,60 mln. Hiervoor was € 0,80 mln. voorzien in 2025. Derhalve vloeit de resterende € 0,20 mln. terug naar de balanspost vooruitontvangen bijdragen overheden.
Overige bijstellingen
De personeelskosten gaan met € 0,01 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
GroenGeld (indicator)
Groen
3.2. Innovaties voor de maatschappelijke opgaven
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken? - 3.2. Innovaties voor de maatschappelijke opgaven- In 2027 is de innovatiekracht van het Limburgse MKB verbeterd, waardoor ondernemers via maatschappelijk verantwoorde innovaties en ondernemerschap bijdragen aan een duurzaam, circulair, gezond en digitaal Limburg.
- In 2027 zijn er meer startende innovatieve ondernemers vanuit de ecosystemen, het onderwijs en via acquisitie, allen gericht op de transities.
- In 2027 is er voor Limburg een dekkend financieringsinstrumentarium voor startende ondernemers.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicator die reeds beschikbaar is, is hieronder gepresenteerd.
Aanwezigheid financieringsinstrumentarium voor startende ondernemers, ja/nee (D_22a)
Ja
De onderstaande grafiek geeft weer:
- MKB-bedrijven in Limburg die productinnovaties introduceren (percentage van het mkb). Productinnovatie is een belangrijk onderdeel van innovatie, omdat het nieuwe markten kan creëren en het concurrentievermogen kan verbeteren. Deze indicator wordt berekend als het aantal mkb-bedrijven dat ten minste één productinnovatie heeft geïntroduceerd, hetzij nieuw voor de onderneming, hetzij nieuw voor hun markt, gedeeld door het totale aantal mkb-bedrijven. De scores zijn geïndexeerd op basis van de prestaties van de EU in 2017 voor die indicator.
- MKB-bedrijven in Limburg die bedrijfsprocesinnovaties introduceren (percentage van het mkb). Veel bedrijven innoveren niet door nieuwe producten te verbeteren, maar door hun bedrijfsprocessen te verbeteren. Bedrijfsprocesinnovaties omvatten proces-, marketing- en organisatie-innovatie. Deze indicator wordt berekend als het aantal mkb-bedrijven dat ten minste één bedrijfsprocesinnovatie heeft geïntroduceerd, hetzij nieuw voor de onderneming of nieuw voor hun markt, gedeeld door het totale aantal mkb-bedrijven. De scores zijn geïndexeerd op basis van de prestaties van de EU in 2017 voor die indicator.
Bron: European innovation scoreboard (EIS)
Deze indicator geeft de mate weer waarin het MKB betrokken is bij innovatiesamenwerking. Complexe innovaties zijn vaak afhankelijk van het vermogen om gebruik te maken van diverse informatie- en kennisbronnen of om mee te werken aan de ontwikkeling van een innovatie. De indicator meet de uitwisseling van kennis tussen openbare onderzoeksinstellingen en bedrijven, en tussen bedrijven en andere bedrijven. De y-as laat de jaarlijkse prestatie van Limburg op deze indicator zien. Hierbij is de gemiddelde prestatie van EU landen in 2017 de 'baseline' en dus 100.
Bron: European innovation scoreboard (EIS)
Aantal startende innovatieve bedrijven vanuit: (i) Brightlands ecosystemen (D_23a (i))
De onderstaande grafieken geven het aantal startende innovatieve bedrijven of wel start up (vestigingen van nieuw opgerichte bedrijven) vanuit de Brightlands ecosystemen weer.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
- LIOF voert voor de Provincie Limburg het MKB-innovatieprogramma ‘Limburg Toekomstbestendig’ uit. De operationele looptijd van het programma eindigt in 2025. In 2025 wordt het programma geëvalueerd en gestart met een mogelijke opvolging van het programma.
- In 2025 hebben we bedrijven ondersteund bij innovatieve grensoverschrijdende samenwerkingsprojecten in euregionaal verband.
- In 2025 hebben wij via onze instrumenten ondernemingen gestimuleerd om (in samenwerking met kennisinstellingen) innovatieve projecten te starten op één of meer van de vijf maatschappelijke transities.
- In 2025 hebben wij acht nieuwe start-ups en scale-ups ondersteund met inzet van fondsen en programma's in Limburg.
- In 2025 gaan we voor het Limburgse MKB door met de mogelijkheden die de Actieagenda MKB-Dienstverlening 2024-2026 van het Rijk ons biedt.
- In 2025 is de opdracht verstrekt voor de oplevering van een jaarlijkse rapportage vestigingsklimaat.
- In 2025 hebben we nauw contact met het MKB en organiseren we diverse evenementen speciaal voor deze doelgroep.
Einstein Telescope
- Er zijn definitieve afspraken gemaakt met België en Duitsland over de wijze waarop het consortium de samenwerking in de bidbook / haalbaarheidsfase en de daarop volgende bouwfase gaat uitvoeren.
- Er ligt een stevig R&D en valorisatieprogramma waarbij een prominente rol is weggelegd voor de ET Pathfinder als laboratorium voor de Einstein Telescope sleutel technologieën.
- Er ligt een goed uitvoeringsplan om MBO en HBO in zowel nationale als Euregionale context in de meest brede zin aan te laten sluiten op de kennis en kunde die nodig is om de Einstein Telescope te ontwikkelen, te bouwen en te onderhouden onder de noemer Einstein Academy.
- De noodzakelijke haalbaarheidsonderzoeken ten behoeve van het bidbook zijn grotendeels uitgevoerd en er ligt een plan om de ruimtelijke inpassing en aanleg uit te voeren.
- Er ligt een goede nationale en euregionale lobbystrategie om de positie van de EMR als vestigingsplek van de Einstein Telescope in ons voordeel te beslechten.
Tijd
- Deze activiteiten zijn continu doorlopend en duren de volledige collegeperiode.
- Er heeft een versnellingsactie op fundraising plaatsgevonden, waardoor een groter beroep op de cofinancieringsmiddelen voor Europese projecten is gedaan.
- Er is nu meer zicht op het scala aan activiteiten binnen het project Einstein Telescope in de tijd. Vandaar dat de middelen eveneens gefaseerd worden.
Geld
Voor de uitvoering van product 3.2.1. Innovaties voor de maatschappelijke opgaven wordt vanwege het vergrote aantal aanvragen om aanvullende provinciale cofinanciering in 2025 een totaalbedrag van € 0,21 mln. doorgeschoven vanuit de begroting 2026 en 2027 naar de begroting van 2025. Dit betreft de cofinanciering van de volgende samenwerkingsprojecten die aanspraak maken op Europese fondsen: PV Resillience, Biozet, K2C en CirChea.
De cofinanciering van Europese projecten ten aanzien van het project Einstein Telescope zijn voorzien in 2026. Daarom schuiven wij een bedrag van € 3,5 mln. naar 2026. Voor de uitbreiding van de formatie ten behoeve van Smart Skills Lab wordt een bedrag van € 0,28 mln. toegevoegd aan de personeelskosten.
De personeelskosten gaan met € 0,07 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje -
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
Brightlands
- Het Brightlands office bundelt de lobby en PA-inspanningen op een selectie van onderwerpen.
- Het merk 'Brightlands' is met meer focus landelijk gepositioneerd.
- Het startup versnellingsprogramma 'Brightlands Startup League' is in 2025 volledig actief en stimuleert en ondersteunt startende innovatieve ondernemers in de Brightlands community. Op basis van de ervaringen en geleerde lessen stellen we de aanpak waar nodig bij.
- We stimuleren actief, ook als aandeelhouder, dwarsverbanden tussen Brightlands campussen onderling én met de relevante regionale programma’s. Met de inzet van de bestuurlijk kwartiermaker is de samenwerking tussen en het draagvlak onder de Brightlands campussen verbeterd.
- In het Statenbesluit 'Brightlands - visie en rol Provincie Limburg' c.s. is vastgelegd wat de inzet van de Provincie gaat zijn in de periode tot 2030.
- Over de realisatie van de inhoudelijke doelen rapporteren wij in de Brightlands Rapportage (in het kader van de Regeling Grote Project). Daarin zijn ook de beoogde resultaten benoemd. Via de Brightlands Rapportage worden de Staten jaarlijks geïnformeerd voor 1 juli. In 2025 zullen de voorbereidingen gestart worden voor de evaluatie die in 2026 uitgevoerd zal worden.
Brightlands Chemelot Campus
- Ook in 2025 heeft de directie ingezet op een continuering van de strategie van de campus richting 5.000 kenniswerkers, maar gegeven de situatie in de wereld van de chemie en materialen is de kans groot dat dit doel een aantal jaren later behaald zal worden dan in 2030.
- De Business Development aanpak is aangescherpt zowel gericht op nieuwe klanten als op behoud van bestaande klanten. Brightlands Circular Space (BCS) is verder doorontwikkeld en de bouw is gestart.
- In maart 2025 is de samenwerking met het Ministerie van Defensie, Ministerie van Economische Zaken, LIOF, de Brightlands Chemelot Campus en de Provincie Limburg bekrachtigd middels het tekenen van een intentieovereenkomst tot het vestigen van een Limburgse innovatiehub voor slimme materialen.
- Door de campus is verder gewerkt aan de versterking van de campusorganisatie, zowel via verbetering van de werkprocessen als het verstevigen van het management- en medewerkersbestand. Er is een nieuwe CFO benoemd vanwege vertrek van de vorige CFO.
- De Provincie en gemeente Sittard-Geleen hebben in 2025 met dsm-firmenich overeenstemming bereikt over het aankopen van de eigendommen van dsm-firmenich op Graetheide en De Lexhy. Daarmee is onder andere de mogelijke locatie voor de toekomstige uitbreiding van de campus verzekerd.
Brightlands Campus Greenport Venlo
In het eerste kwartaal is de campusorganisatie gestart met de uitvoering van het jaarplan 2025, welke is vastgesteld in de aandeelhoudersvergadering van december 2024.- Zo is er verder gewerkt aan het ontwikkelen en uitvoeren van research & development projecten met diverse partijen.
- In 2025 en verder wordt extra inzet gepleegd om de start-up community verder uit te bereiden en de positionering van Brightlands in het Europese start-up ecosysteem van gezonde, plantaardige voeding fors te verstevigen door aansluiting bij het EIT-Food netwerk. De voorbereidingen daartoe worden nu getroffen.
- De voorbereidingen voor het Roboticalab op de campus zijn van start gegaan.
- Er is gewerkt aan het verder ontwikkelen van CHILL@Venlo.
- Op de campus zijn vele evenementen georganiseerd die de innovatiecommunity verbinden. Ook is er vanuit de campus een actieve bijdrage geleverd aan events buiten de campus, denk hierbij aan de masterclasses en investorsday’s van bijvoorbeeld Brightlands Startup League.
- De vastgoedorganisatie (CVGV) is verder gegaan met de belangrijkste opgave rondom het onderhoud van de Villa Flora, namelijk het dak. Ook focust de vastgoedorganisatie zich op een verdere toename van het aantal bedrijven om zo te komen tot een hogere bezettingsgraad van het vastgoed en uitgifte van kavels. Hierbij is het van belang om ondernemers en organisaties te vinden die passen bij de inhoudelijke thema’s van de campus bijvoorbeeld met onderzoek en innovaties.
Brightlands Maastricht Health Campus
- De campusorganisatie is in blijven zetten op de valorisatie van UM en MUMC+ kennis en kunde naar ondernemerschap en werkgelegenheid, de fysieke ontwikkeling is hierbij ondersteunend.
- Het vinden van samenwerkingspartners en vervolgens het indienen van voorstellen richting programma's en fondsen van Rijk en EU is een van de belangrijkste activiteiten.
- De campusorganisatie heeft haar inzet op het gebied van het ondersteunen van ondernemerschap verder uitgebouwd. De bloeiende science-business community op de campus, waarin ideeën uitgroeien tot tastbare innovaties, is verder versterkt door o.a. inzet op specifieke communities per vakgebied, zoals medische technologie. De campusorganisatie doet dit ook in samenwerking met de andere campussen.
- Met een hoog aantal publicaties van onderzoeks-output door UM en MUMC+ zijn voor verschillende spin-offs en start-ups verdere stappen gezet in het toegankelijk maken van nieuwe innovaties voor de patiënt. Zo biedt bijvoorbeeld een recente studie over de langetermijneffecten van de BalanceBelt mogelijkheden om dit evenwichts-ondersteuningshulpmiddel vergoed te krijgen bij zorgverzekeraars.
Brightlands Smart Services Campus
De strategische koers tot 2030, die momenteel wordt herijkt, richt zich op het versterken van het ecosysteem en het ontwikkelen van een toekomstbestendig verdienmodel. De campusorganisatie streeft daarbij naar een structureel positief financieel resultaat uit verhuur van vastgoed vanaf 2030, en een maatschappelijk verantwoorde last op event-activiteiten. Vanaf 2025 zijn vier domeinen leidend:- Zorg & Gezondheid - De campus is mede-initiatiefnemer van de Health AI & Data Alliance Limburg, een samenwerking tussen zes Limburgse ziekenhuizen en Brightlands om met AI en data impactvolle zorgoplossingen te realiseren. Hierbij draait het om slimme data-toepassingen, toegankelijkheid van zorg en innovatie in regionale zorgprocessen. De campus faciliteert onderzoek, coördineert programma’s en werkt gericht aan het aantrekken van nieuwe partners en projecten in samenwerking met andere Brightlands-campussen.
- Publieke Dienstverlening - Digitalisering en AI-oplossingen voor overheden worden ontwikkeld binnen onder meer het Public Services Lab en het ELSA Lab Armoede & Schulden. Projecten zijn gericht op het verbeteren van de kwaliteit en efficiëntie van de publieke sector. Nieuw is de geplande realisatie van een Public Smart Safety Center als innovatieplek voor digitale overheidsdiensten.
- Circulaire Industrie - In samenwerking met andere Brightlands-campussen wordt gewerkt aan het versnellen van de circulaire transitie in de (maak)industrie, onder andere via het ELSA Lab Antigreenwashing. AI en data worden gebruikt om processen te verduurzamen en misleiding (‘greenwashing’) te voorkomen.
- Innovatief MKB - De campus ontwikkelt specifieke ondersteuning voor het regionale MKB, met initiatieven zoals de Digitale Werkplaats en het Innovation Powerhouse. Focus ligt op digitale skills, AI-toepassingen, cybersecurity en ondernemerschap binnen het Limburgse bedrijfsleven, speciaal met het oog op (door)groei en vernieuwingskracht.
BSSC werkt integraal via een multiple-helix-benadering (bedrijven, kennis- & onderwijsinstellingen, overheid én maatschappelijke partners). Community development is een erkende kerntaak zonder directe inkomsten, maar wel met een magneetfunctie voor het aantrekken van economische activiteit. Het organiseren van circa 240 events per jaar alsmede actieve netwerken en samenwerkingsverbanden (bijv. met de Universiteit Maastricht en regionale innovatie-allianties) versterken het regionale ecosysteem. Samenvattend kan gesteld worden dat BSSC in 2025 weliswaar geen pure opstartcampus meer is, maar zeker nog niet volledig volwassen mag worden genoemd. Er wordt doelgericht gewerkt aan verdere professionalisering van organisatie, vastgoedbeheer, evenementen en ecosysteemontwikkeling. Er zijn strategische keuzes gemaakt om te focussen op sectoren waar Limburg en de regio zich blijvend en onderscheidend kunnen profileren. De campus heeft zich daarmee stevig op de kaart gezet als innovatiehub voor data, AI en digitalisering in Zuid-Nederland, met duidelijk groeiende maatschappelijke en economische meerwaarde.
Tijd
De Statenbesluiten hebben betrekking op de periode 2023-2030. De inzet van de Provincie is uitgezet voor dezelfde periode.
Geld
Voor de uitvoering van product 3.2.2. Brightlands wordt het budget in 2025 verhoogd met € 0,65 mln. ten behoeve van nieuwe subsidieaanvragen gericht op initiatieven binnen het Brightlands ecosysteem te weten: EIT Food Fanhub, Stichting Kokkerelli en Brightlands Startup Challenge. Deze middelen worden gedekt uit de programmareserve Brightlands.
De personeelskosten gaan met € 0,04 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
GroenGeld (indicator)
Oranje
3.3. Een gezonde arbeidsmarkt
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken? - 3.3. Een gezonde arbeidsmarkt- In 2027 is de flexibiliteit en robuustheid van de onderwijsinfrastructuur (MBO, HBO en WO) in Limburg versterkt en vergroot.
- In 2027 is er een Leven Lang Ontwikkelen-infrastructuur die de inwoners van Limburg in staat stelt om hun kennis en vaardigheden op peil te houden.
- In 2027 werken onderwijs, bedrijfsleven en overheid samen aan de kritische factor human capital bij het doen slagen van de transities.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.
Aanwezigheid van de LLO-infrastructuur, ja/nee (D_25a)
Ja. De LLO-infrastructuur is ondergebracht in twee initiatieven:
Leo Loopbaan: het loket voor de Limburger rondom loopbaan en ontwikkeling
Limburg Leert: het loket voor Limburg voor om- en bijscholing
Het aantal publiek private samenwerking van het beroepsonderwijs en het bedrijfsleven binnen de transities (D_26a)
Deze afbeelding toont de locaties in Limburg waar publiek beroepsonderwijs en bedrijfsleven met elkaar samenwerken. Deze publiek private samenwerkingen kennen verschillende vormen. De getoonde samenwerkingen staan los van eventuele provinciale ondersteuning.

Bron: Provincie Limburg
De bruto arbeidsparticipatie is het percentage mensen van de werkende leeftijd dat werkt óf op zoek is naar werk en hier ook beschikbaar voor is. Het gaat dus om het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de potentiële beroepsbevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking). Met beroepsbevolking wordt bedoeld: personen die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking). Met niet-beroepsbevolking bedoelen we: personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn. Deze indicator heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. De arbeidsparticipatie is op dit moment historisch hoog. Dit is zowel in Limburg als in de rest van Nederland het geval.
Deze grafiek bevat het aantal leerlingen en studenten in het primair onderwijs (po), voortgezet onderwijs (vo), middelbaar beroepsonderwijs (mbo), voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo) en hoger onderwijs (ho) naar onderwijssoort, onderwijsniveau en woonregio op 1 oktober van een betreffend school-/studiejaar.
De grafiek toont het aantal mbo-studenten per sectorkamer per 1 oktober. De ontwikkeling van het aantal studenten is een belangrijke indicator voor de toekomstbestendigheid van het onderwijs. Bij een dalende trend zal een opleiding op enig moment onder druk komen te staan.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
In 2025 zijn de volgende activiteiten gepland:
- In 2025 is de Bestuurstafel Onderwijs met alle hoger- en beroepsonderwijsinstellingen minimaal twee keer bij elkaar gekomen.
- In 2025 heeft er minimaal één bestuurlijk overleg met strategische arbeidsmarktpartners (o.a. UWV, arbeidsmarktregio's, werkgeversverenigingen en vakbonden) plaatsgevonden.
- In 2025 vindt er een arbeidsmarktevent plaats met relevante arbeidsmarkt- en onderwijspartners.
- In 2025 zijn er minimaal twee arbeidsmarkt- of onderwijsprojecten met Limburgse partners ingediend binnen Rijks- of Europese regelingen.
- In 2025 is de Vakmanschapsagenda verder uitgewerkt in concrete thema's en zijn de drie Limburgse mbo's aan de slag met de uitvoering.
- In 2025 is de financiering van GrensInformatiePunten (GIP's) structureel geborgd.
- In 2025 is gestart met de uitvoering van het actieplan Talent Charter, een geïntensiveerde arbeidsmarktaanpak die inzet op het identificeren, aantrekken, ontwikkelen, verzilveren, onderhouden en behouden van talent.
De uitvoering van bovenstaande activiteiten ligt op schema en het is de verwachting dat alle activiteiten gerealiseerd gaan worden. Met dien verstande dat bij de bespreking van de Voorjaarsnota 2025 conform Amendement 196 is besloten dat Talent Charter als Statenvoorstel nog ter besluitvorming aan Provinciale Staten wordt voorgelegd.
Tijd
De uitvoering van de genoemde resultaten ligt op schema en is naar verwachting per ultimo 2025 gerealiseerd.
Geld
Het budget voor product 3.3.1. Een gezonde arbeidsmarkt bedraagt € 5,19 mln.
Faseringen
Wij schuiven een bedrag van € 0,75 mln. lasten inclusief de dekking vanuit de programmareserve Onderwijs en Arbeidsmarkt door naar de begroting van 2026. Voor de cofinanciering van nationale en Europese projecten wordt er een lagere inzet verwacht dan momenteel geraamd in de begroting 2025. Dit komt doordat niet alle projecten worden toegekend in 2025. Derhalve worden deze middelen overgeboekt naar 2026. Deze middelen zijn in 2026 nodig voor de cofinanciering van projecten in nationale en Europese regelingen.
Daarnaast schuiven we € 0,51 mln. baten inclusief de toevoeging aan de programmareserve Onderwijs en Arbeidsmarkt door naar de begroting 2027. Er is in 2024 een garantiesubsidie verleend aan de Coöperatie Leo Loopbaan. Zodra alle middelen vanuit het Just Transition Fund (JTF) zijn uitbetaald, zal de provinciale subsidie worden vastgesteld op nihil en vloeien deze terug naar de programmareserve Onderwijs en Arbeidsmarkt. Naar verwachting zal dit medio 2027 gebeuren. Derhalve worden de hiervoor geraamde baten en toevoeging aan de programmareserve overgeboekt naar 2027.
Nieuwe middelen
Om de ingezette kwalitatieve doorontwikkeling in de komende jaren krachtig door te zetten, het GIP-netwerk verder te versterken en de kwetsbaarheid te verminderen, worden de structurele bijdragen aan de GIP's verhoogd met € 0,37 mln. Hiervan wordt € 0,13 mln. in 2025 gedekt uit de cofinancieringsmiddelen voor arbeidsmarkt en onderwijs en € 0,24 mln. uit de Specifieke Uitkering Grensinformatiepunten van het Rijk. Vanaf 2026 vindt structureel dekking plaats voor het provinciale gedeelte € 0,13 mln. uit het begrotingsresultaat.
Overige bijstellingen
De personeelskosten gaan met € 0,03 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
GroenGeld (indicator)
Oranje
3.4. Verduurzaming en circulaire economie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken? - 3.4. Verduurzaming en circulaire economie- Tegen 2027 heeft de Limburgse economie een grotere mate van circulariteit bereikt door de implementatie van R-strategieën, waarmee we in lijn zijn met de nationale doelstelling van 50% circulariteit tegen 2030.
- In 2027 werken we met onderwijs, bedrijfsleven en overheid intensief samen om de circulaire transitie te versterken.
- In 2027 zijn de ruimtelijke, juridische, digitale en financiële randvoorwaarden zo ingericht om de uitrol van kansrijke ontwikkelingen mogelijk te maken.
Wat merkt de Limburger ervan?
De mondiale klimaat- en natuurdoelen zijn niet haalbaar zonder het grondstoffengebruik terug te dringen. Daarnaast is vanwege geopolitieke ontwikkelingen de beschikbaarheid van grondstoffen in de toekomst geen vanzelfsprekendheid en kunnen daarmee samenhangende prijsfluctuaties nadelig uitpakken voor burgers en bedrijven. De noodzaak om minder en efficiënter grondstoffen te gebruiken is dan ook zowel vanuit economische- als vanuit milieuoverwegingen evident en dat is precies waar de transitie naar een circulaire economie zich op richt. Door slim productontwerp zijn minder of minder schadelijke grondstoffen nodig, is reparatie mogelijk zodat producten en onderdelen langer meegaan en is hoogwaardige recycling eenvoudiger te realiseren waardoor over de hele levensduur minder grondstoffen nodig zijn. En naarmate bedrijven meer circulair opereren, zijn ze meer toekomstbestendig.
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen. De indicatoren die reeds beschikbaar zijn, zijn hieronder gepresenteerd.
Beschrijving van de mate waarin onderwijs, bedrijfsleven en overheid samenwerken op het gebied van circulariteit (D_28a)
We verkennen hoe de arbeidsmarktvraag voor de circulaire economie (kwantitatief en kwalitatief) eruit ziet om een scherper beeld te kunnen schetsen hoe het onderwijsaanbod optimaal aan te laten sluiten. De verkenning wordt in Q3 2025 opgeleverd. De 5 universiteiten in de euregio werken op initiatief van de Provincie samen aan een trinationaal curriculum circulaire economie. Het MBO in Limburg ontwikkelt open-source modules circulaire economie.
Beschrijving van de door de Provincie ingerichte ruimtelijke, juridische, digitale en financiële randvoorwaarden (D_29a)
Om hier stappen te kunnen zetten sluiten we aan bij relevante tafels en instrumenten. In de concept POVI is circulaire economie als provinciaal belang aangemerkt. Met Limburg Toekomstbestendig (LIOF), de fondsen en onze provinciale subsidieregeling economie en concurrentiekracht ondersteunen we het bedrijfsleven vanuit onze provinciale rol in de transitie naar circulaire economie. Voor het optimaliseren van de juridische randvoorwaarden zijn we vooral afhankelijk van Europese en rijkswetgeving. Hiertoe voeren wij lobby samen met andere provincies en nemen we deel aan relevante Europese netwerken zoals European Chemical Regions Network (ECRN), Vanguard Initiative en S3platform chemie.
In onderstaande figuur is de toegevoegde waarde opgenomen, gegenereerd met economische activiteiten die gelinkt kunnen worden aan één van de verschillende R strategieën. De R-strategieën, ook wel R-ladder genoemd, zijn circulariteitsstrategieën die bijdragen aan het verminderen van het gebruik van primaire abiotische grondstoffen. Hieronder vallen R1 rethink (heroverwegen), R2 reduce (verminderen), R3 reuse (hergebruik), R4 repair (repareren) en R5 recycle (materialen hergebuiken).
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
Om de vier prioritaire bedrijfsketens te versterken naar een grotere mate van circulariteit wordt:
- In 2025 is het circulair bouwend programma Zuid-Nederland samen met Limburgse partners uitgevoerd. Circulaire en duurzame bouw wordt hierdoor aangejaagd.
- In 2025 wordt ondersteuning gegeven aan vier inspirerende Limburgse praktijkvoorbeelden voor de circulaire economie. Wij zoeken hierbij de aansluiting bij projecten die uitstraling hebben door hun impact voor de circulaire economie. En naar projecten die zowel een bijdrage leveren aan de circulaire (maak) economie als aan andere provinciale doelstellingen zoals Limburg Centraal.
- In 2025 is het Impulsprogramma Biocirculaire Economie Limburg (IBEL) voor Limburg uitgevoerd en geëvalueerd.
- In 2025 is innovatie van het MKB om de transitie naar een circulaire economie te versnellen gestimuleerd door inzet van programma Limburg toekomstbestendig en door het benutten van regionale investeringsfondsen. LIOF voert het programma uit en beheert de fondsen.
- In 2025 treedt Provincie Limburg op als ‘eerste klant’ (launching customer) via onze eigen inkoop (o.a. in de grond-, weg en waterbouw en facilitaire diensten). Op deze manier is innovatie en circulariteit binnen de leveranciersketen bevorderd.
- In 2025 zijn Nationale en Europese financieringsprogramma’s optimaal benut voor de provinciale doelen op het gebied van verduurzaming en circulaire economie.
- In 2025 is onze provinciale rol, ten aanzien verbetering mobiliteit in en rondom de Chemelot site, communicatie en participatie, samen met partners ingevuld. Hiermee ondersteunen we Chemelot in de ambitie om in 2050 klimaatneutraal en circulair te zijn. Met het geactualiseerd Limburgs Bod voor een duurzaam Chemelot blijven we de urgentie van circulair en duurzaam ondernemen agenderen bij het Rijk. Onze focus ligt op versnelling van verduurzaming en het toekomstbestendig maken van Chemelot als cruciale economische schakel voor Nederland en Noordwest-Europa. Daartoe doen we cruciale en strategisch samenhangende investeringen in de energie- en grondstoffentransitie van Chemelot en in de ontwikkeling van Graetheide en de Lexhy.
- In 2025 wordt verder uitvoering gegeven aan het EU project CHEERS4EU ter versnelling van circulaire economie d.m.v. circulaire hubs.
- In 2025 hebben we inzicht verkregen in de ruimtelijke randvoorwaarden voor de circulaire economie in Limburg.
- In 2025 zijn open source modules circulaire economie voor het mbo ontwikkeld en wordt ingezet in het mbo.
- In 2025 is een aanvraag ingediend met Limburgse partners voor het EU- LIFE programma ter versnelling van de uitvoeringskracht van Limburg.
Tijd
Naar verwachting zullen de genoemde resultaten per ultimo 2025 zijn gerealiseerd waarbij de inzet op en de uitvoering van meerdere programma's doorlopen in de tijd. Een deel van de activiteiten in het kader van communicatie en kennisdeling zullen plaatsvinden in 2026 zoals Vanguard en ERCN.
Geld
Voor de uitvoering van dit product 3.4.1 Verduurzaming en circulaire economie wordt het budget in 2025 verhoogd met € 0,47 mln. Deze middelen zijn bestemd voor de kosten ten behoeve van de aankoop Gronden Graetheide en de Lexhy. Deze middelen worden gedekt uit de programmareserve Economie en Energie.
Wij schuiven een bedrag van € 0,02 mln. naar de begroting van 2026, omdat een deel van de activiteiten in het kader van communicatie en kennisdeling plaatsvindt in 2026.
De personeelskosten gaan met € 0,04 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje
3.5. Gezonde toekomst voor de land- en tuinbouw in Limburg
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat willen we bereiken? - 3.5. Gezonde toekomst voor de land- en tuinbouw in Limburg- In 2027 is er meer kennis over de land- en tuinbouw in Limburg en daardoor begrip ten aanzien van de sector en de transities.
In 2027 zijn er 120 agrarische koplopers en innovatoren ondersteund met het marktrijp maken van kansrijke innovaties en concepten ten behoeve van de transities. Daarnaast zal er eind 2025 een uitgebalanceerd pakket beschikbaar zijn ten behoeve van de transities in de landbouw. Hierbij besteden we minimaal de helft van het beschikbare budget aan oplossingen die duurzaam en diervriendelijk zijn.
We werken aan een communicatiestrategie, waarmee we gaan zorgen voor actieve informatie naar de Limburgse agrariërs ten aanzien van kennis- en informatieoverdracht en regelingen. Daarnaast beogen we met de communicatiestrategie ook educatieve en kleinschalige initiatieven te ondersteunen gericht op de relatie tussen boer en burger.
Tot slot werken we aan een platform waar partijen die betrokken zijn bij het perspectief van de blijvende ondernemer in Limburg met elkaar spreken over de strategie en aanpak om deze ondernemers te ondersteunen met het uitstippelen van de toekomstontwikkeling van hun bedrijf.
Wat merkt de Limburger ervan?
Aan de hand van indicatoren maken wij zichtbaar of we op koers liggen met het behalen van onze doelstellingen voor deze Statenperiode. Hierbij is de Provincie natuurlijk ook afhankelijk van partners en andere autonome ontwikkelingen.
Dit betreft de ontwikkeling van de Agrarische Blijversaanpak Limburg, de ondersteuning van het Regionaal Voedselsysteem Limburg en de fieldlab Vitale Kip.
Onderstaande grafiek laat de cijfers tot en met juni 2025 zien. In de tweede helft van 2025, 2026 en 2027 wordt deze grafiek aangevuld zodat de trend zichtbaar wordt.
Het betreft hier Europese, (inter-) provinciale, nationale, (eu-)regionale netwerken, platforms en (thema-) werkgroepen.
Onderstaande grafiek laat de cijfers tot en met juni 2025 zien. In de tweede helft van 2025, 2026 en 2027 wordt deze grafiek aangevuld zodat de trend zichtbaar wordt.
Hieronder valt de "Week van ons Eten", waar elke dag diverse activiteiten hieromtrent plaatsvinden, alsmede de informatieve landbouw-module in de pilot van het traject van Goed Gezien op middelbare scholen. Verkenningen rondom een regeling inzake boer-burger initiatieven vinden plaats.
Onderstaande grafiek laat de cijfers tot en met juni 2025 zien. In de tweede helft van 2025, 2026 en 2027 wordt deze grafiek aangevuld zodat de trend zichtbaar wordt.
-
Omschrijving (label)
Najaarsnota 2025Kwaliteit
De Handreiking van de Agrarische Blijversaanpak Limburg is begin 2025 opgeleverd. We zijn nu aan de slag om met de mede-initiatiefnemers de zogenaamde 'proef op de som' fase in te richten, deze is na de zomer van 2025 gestart en zal ongeveer een jaar gaan duren.
Het programma Natuurinclusief Limburg wordt in 2025 verder verbreed met steun van de Provincie Limburg. Naast de uitvoering van de biodiversiteitsmonitor voor de melkveehouderij willen we nu ook opschaling van deze monitor in de akkerbouw en introductie naar andere vormen van land- en tuinbouw zoals fruitteelt, waaronder wijnbouw. Daarnaast vragen we de uitvoerende organisatie om te gaan zoeken naar inspiratiebedrijven voor natuurinclusieve bedrijfsvoering en deze te equiperen om als leerbedrijf te fungeren voor anderen.
De stimulering van wijnbouw en kleine teelten krijgt verder vorm in 2025, in de tweede helft van 2025 is de uitvoeringsaanpak gereed, inclusief stimuleringsmiddelen.
We ondersteunen diverse fieldlabs, op het vlak van land- en tuinbouw, met Limburgse inbreng om zich te ontwikkelen. Hierbij zijn ook diverse initiatieven die zich voorbereiden op een aanvraag ten aanzien van de regeling van LVVN, welke voorziet in meerjarige financiering van fieldlabs.
De communicatiestrategie krijgt in 2025 verder vorm. Er zal medio 2025 een tender uitgezet worden voor de uitvoering van de communicatiestrategie en eind 2025 wordt er een regeling opengesteld ten aanzien van kleinschaliger initiatieven die het verhaal van de boer dichter bij de burger brengen.
Vanuit het GLB-NSP zijn in 2024 en 2025 enkele regelingen, succesvol, opengesteld. De regeling voor productieve investeringen was dermate succesvol dat er middelen van 2026 naar voren zijn gehaald. We willen in 2025 beoordelen of het mogelijk is om vanuit 100% provinciale middelen alsnog een vergelijkbare regeling open te stellen in 2026. Daarnaast gaan de komende periode nog de regelingen voor EIP (samenwerken voor innovatie) en Kennisverspreiding & Informatie open.
Het Regionaal Voedselsysteem Limburg bevindt zich in een cruciale fase. Om de organisatie de stap te kunnen laten maken naar zelfstandig operationeel, verlengen we het strategisch partnerschap. Hierbij werken we gezamenlijk met de andere strategisch partners aan een robuuste organisatie.
Voor het IBEL programma én het programma LimburgToekomstBestendig worden in 2025 evaluaties uitgevoerd en opgeleverd. Op basis van deze evaluaties wordt beoordeeld in welke vorm er mogelijk opvolging gegeven wordt aan dergelijke programma's in 2026.
De uitvoeringsstrategie van de Toekomstvisie Tuinbouw Limburg+ is verder in ontwikkeling, waarbij wordt gewerkt aan een governance en uitvoeringsstrategie welke in 2025 wordt opgeleverd. Hierbij is ook de samenwerking met Noord-Brabant geïntensiveerd.
Op het vlak van energie vóór en ván de landbouw zijn de gesprekken nog lopende met het Rijk ten aanzien van het samenwerkingsproject in Limburg om de toepassing van geothermie mogelijk te maken.
Daarnaast worden de kansen van groengasproductie vanuit de landbouw in beeld gebracht en de mogelijkheden daartoe verkend.
Tijd
De planning ten aanzien van de beoogde inspanningen rondom de Toekomstvisie Tuinbouw Limburg+ zal in plaats van in 2025 met name worden uitgerold in 2026.
De aanbesteding van de communicatiestrategie zal einde 2025 worden gedaan. De budgetten voor de uitvoering zullen daarom pas in 2026 nodig zijn.
De finale goedkeuring van een aantal Europese projecten zal pas zijn beslag krijgen (inclusief de cofinancieringsvraag) in 2026.
Voor de uitwerking van het wijnonderzoek is nog verder onderzoek nodig op het vlak van behoeftepeiling. De verwachting is dat dit nog dit jaar afgerond kan worden, waarna in 2026 tot uitvoering overgegaan kan worden.
Geld
Voor de uitvoering van product 3.5.1. Gezonde toekomst voor de land- en tuinbouw in Limburg wordt het budget in 2025 verlaagd met € 3,49 mln. Dit gaat om de volgende wijzigingen in de begroting:
Faseringen- Voor de uitvoering van het beleidskader Werken aan een Toekomstbestendige Economie hoofdstuk Gezonde Toekomst voor de Land- en Tuinbouw in Limburg wordt er € 1,15 mln. inclusief de dekking vanuit de programmareserve Landbouw overgeboekt naar 2026. Dit betreft het volgende:
- Toekomstvisie Tuinbouw Limburg+ € 0,32 mln.;
- communicatiestrategie € 0,28 mln.;
- cofinanciering Europese projecten € 0,35 mln.;
- wijnbouw € 0,20 mln.
- Wegens het later uitvoeren en ook later factureren van uitvoeringskosten van Stimulus en RVO worden de resterende middelen 2025 van € 1,26 mln. doorgeschoven naar het einde van de GLB/NSP (Gemeenschappelijk Landbouw Beleid/ Nationaal Strategisch Plan) periode begrotingsjaar 2028. De start van het GLB/NSP was in 2023 en loopt tot en met 2027. De verwachting is dat de facturering zal naijlen en daarom wordt budget doorgeschoven naar de begroting 2028.
- De regeling voor EIP (samenwerken voor innovatie) en Kennisverspreiding & Informatie wordt dit najaar opgesteld (GS 5-8-2025). De subsidievaststelling van deze regeling wordt begin 2026 verwacht. Derhalve wordt € 0,85 mln. overgeboekt naar 2026 voor de afrekening van deze regeling.
Vrijval middelen
- Voor het Geothermieproject wordt een lagere besteding verwacht in 2025, omdat een tweetal projecten zijn komen te vervallen. Derhalve vloeit er € 0,17 mln. terug naar de programmareserve Landbouw.
- Enkele kleinere posten worden naar verwachting niet uitgevoerd en de post procesmiddelen wordt niet gebruikt in 2025. Derhalve vloeit er € 0,07 mln. terug naar de programmareserve Landbouw.
Overige bijstellingen
De personeelskosten gaan met € 0,02 mln. omhoog vanwege de loonstijgingen volgens de CAO Provincies.
Kwaliteit (indicator)
GroenTijd (indicator)
OranjeGeld (indicator)
Oranje - Voor de uitvoering van het beleidskader Werken aan een Toekomstbestendige Economie hoofdstuk Gezonde Toekomst voor de Land- en Tuinbouw in Limburg wordt er € 1,15 mln. inclusief de dekking vanuit de programmareserve Landbouw overgeboekt naar 2026. Dit betreft het volgende:
Uitvoering begroting 2025: budgetrealisatie
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Uitvoering begroting 2025: budgetrealisatieDe lasten van de gewijzigde begroting 2025 voor dit programma tot aan deze najaarsnota bedragen € 83,43 mln., bestaande uit € 72,04 mln. reguliere middelen, € 6,38 mln. personeelskosten en € 5,02 mln. kapitaallasten.
In onderstaande grafiek presenteren wij alleen de reguliere middelen vanwege de beïnvloedbaarheid van deze posten. Het betreft de bestedingen en juridische verplichtingen tot 8 september 2025 (gerealiseerd) en de op dat moment resterende vrije ruimte binnen de vastgestelde budgetten.
De realisatie van de exploitatiemiddelen over 2025 bedraagt tot 8 september 2025 afgerond 32%. Van het resterende deel € 49,23 mln. wordt bij deze najaarsnota een totaalbedrag van € 17,60 mln. (24%) doorgeschoven naar 2026 en verdere jaren. In het vierde kwartaal van 2025 verwachten we nog nieuwe verplichtingen aan te gaan voor Europese projecten met cofinanciering.

Wat mag het kosten?
Terug naar navigatie - 3. Werken aan een toekomstbestendige economie - Wat mag het kosten?In deze Najaarsnota 2025 wordt het budget voor het programma Werken aan een toekomstbestendige economie aangepast op basis van de hierboven beschreven voortgang.
Wij stellen voor om € 1,70 mln. extra geld toe te voegen aan het budget voor de volgende onderdelen:
- Duurzame verankering TEFAF € 0,15 mln.
- Verhoging Knelpuntenfonds € 0,20 mln.
- Voor nieuwe initiatieven binnen het Brightlands ecosysteem € 0,65 mln.
- Financiering Grensinfopunten € 0,36
- Kosten voor aankoop gronden Greatheide en de Lexhy € 0,47 mln.
Daarnaast gaan de personeelskosten elk jaar met € 0,26 mln. omhoog, vanwege de CAO loonstijgingen. Voor de uitbreiding van de formatie Smart Skills Lab wordt een bedrag van € 0,28 mln. toegevoegd aan de personeelskosten.
Tot slot wordt een bedrag van € 17,60 mln. doorgeschoven naar het budget van 2026 en de jaren daarna. Het gaat hier voor een groot gedeelte om de SPUK-gelden MAA. Een bedrag van € 0,21 mln. wordt naar voren gehaald uit de jaren 2026 en 2027 voor de samenwerkingsprojecten die aanspraak maken op Europese fondsen.
Door deze wijzigingen daalt het totale budget van het programma (lasten en stortingen in de reserves) van € 96,78 mln. naar € 81,75 mln.
Voor meer informatie verwijzen wij naar de toelichtingen op product-niveau onder ‘Wat gaan we daarvoor doen?’, bij het onderdeel Geld.