Omschrijving

We voeren de provinciale bevoegd gezag rol uit voor taken die voortkomen uit de Omgevingswet, Mijnbouwwet, Luchtvaartwet en de Omgevingsverordening Limburg. 

De werkzaamheden bestaan uit het verlenen van vergunningen en ontheffingen, het afhandelen van meldingen en het houden van toezicht hierop. Bij overtredingen hierop en bij illegale activiteiten treden we handhavend op volgens de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht. Het afhandelen van handhavingsverzoeken en klachten/meldingen maakt hier ook onderdeel van uit. 
De wijze waarop de bevoegd gezag rol wordt ingevuld, staat beschreven in de Uitvoering- en handhavingsstrategie 2024 en in het VTH-uitvoeringsprogramma 2027. 

Om te komen tot een robuuster VTH-stelsel en de robuustheid te borgen, zijn de aanbevelingen van de Zuidelijke Rekenkamer geïmplementeerd. Er is structureel geïnvesteerd in de uitvoeringscapaciteit van de Omgevingsdienst Zuid Limburg en het cluster VTH. 

De ODZL en de Omgevingsdienst Noord- en Midden-Limburg (ODNML) moesten op 1 april 2026 aan alle robuustheidscriteria voldoen. Het ministerie van I&W heeft in Q3 van 2026 beoordeeld of de omgevingsdiensten aan deze criteria voldoen. Wat betreft beide omgevingsdiensten is de inschatting dat hieruit geen aanvullende financiële consequenties voor de Provincie voortvloeien. Met het Statenbesluit van 21 maart 2025 zijn immers tot en met 2027 structureel additionele middelen aan de ODZL toegekend. Daarnaast levert de Provincie in 2027 slechts een financiële bijdrage aan de bedrijfsvoeringskosten van de ODNML. 

Rol Provincie: toetser, bevoegd gezag, financier

Kwaliteit

We zetten in op het voorkomen van aantasting van of voorkomen van het ontstaan van risico’s voor de fysieke leefomgeving. 

We leveren een bijdrage aan een gezonde en veilige leefomgeving door het opstellen van heldere, transparante en handhaafbare vergunningen. Dit doen we zoveel mogelijk binnen de gestelde beslistermijn. 

We proberen de aantasting van en de kans op het ontstaan van risico's voor de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk te beperken door onze toezichtcapaciteit risicogericht en zo effectief mogelijk in te zetten. 

Als er overtredingen geconstateerd worden treden we handhavend op. Dit doen we op een transparante manier die aansluit bij de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht. 

Alle werkzaamheden worden volgens het VTH Uitvoeringsprogramma 2027 uitgevoerd. 

Tijd

De uitvoering van de TH-taken vindt zoveel als mogelijk plaats binnen de daarvoor geldende termijnen. 

Voor 2027 voorzien we dat de wettelijke termijnen voor vergunningverlening niet altijd gehaald zullen worden. Dit komt door de grote hoeveelheid vergunningaanvragen, Woo-verzoeken en juridische procedures waardoor achterstand in de afhandeling ontstaat en niet wordt bijgehaald.  

Bij het onderdeel stikstof ligt de oorzaak vooral bij de complexe regelgeving rondom dit onderwerp en een steeds veranderende juridische werkelijkheid die vervolgens in de diverse beleidskaders moet landen om tot uitvoering te kunnen komen. Voorbeelden hiervan zijn recente uitspraken over de PAS-melders en de recent verschenen Kamerbrief “Weer ruimte voor boer, natuur en bouw” waarvan de gevolgen op dit moment nog in studie zijn. 

Diezelfde onduidelijkheid geeft voor diverse groeperingen aanleiding om intrekkingsverzoeken of ingebrekestellingen in te dienen. Ook wordt er veel tijd gestoken in het zoeken naar maatwerkoplossingen voor initiatieven die per saldo leiden tot een stikstofreductie, maar die door een (tijdelijke) verhoging in de aanlegfase geen vergunning kunnen krijgen. 

Er is een groot capaciteitstekort aan ervaren vergunningverleners stikstof op de arbeidsmarkt. Door verschillende wervingsmethodes, waaronder headhunting, wordt er actief gezocht naar mogelijkheden om het capaciteitstekort te verminderen. Op dit moment worden er ook intern mensen opgeleid tot vergunningverlener stikstof.

Bij het onderdeel flora en fauna blijft het aantal vergunningaanvragen elk jaar toenemen. Hier is een directe lijn te zien met de verduurzamingsopgave waardoor gebouwbewonende soorten getroffen worden. Ook zien we een stijgende complexiteit van de inhoud van de aanvragen en een verharding in de maatschappij. Het aantal aanvragen en de behandeltijd per vergunning neemt daardoor toe. Hiernaast zijn dit thema's waar de interesse van de maatschappij ligt. In tegenstelling tot thema's waar ‘bekende partijen’ Woo-verzoeken indienen, zijn het hier met name ook de betrokken burgers die ageren. Dit vergt een tijdige kwalitatieve en kwantitatieve aanvulling van de uitvoeringscapaciteit die we structureel willen gaan inzetten om niet in slagkracht te verminderen,  

In 2027 wordt een grote opgave voorzien in het vernieuwen van alle al verleende toestemmingen faunabeheer. Er wordt actief bijgedragen aan de goedkeuring van nieuwe faunabeheerplannen waar opvolgend vergunningverlening plaatsvindt. Omdat het huidige faunabeheerplan en bijbehorende vergunningen (ongeveer 40 stuks) geldig zijn tot en met 31 december 2026 wordt een piekbelasting verwacht in 2027. Momenteel worden de mogelijkheden tot een uitbreiding van de (tijdelijke) uitvoeringscapaciteit bezien. 

Geld

Het budget voor product 4.2.2. Vergunningen, toezicht en handhaving bedraagt € 23,81 mln. Dit bestaat uit € 15,72 mln. aan reguliere middelen en € 8,09 mln. aan personeelskosten. De reguliere middelen worden ingezet voor uitvoering van VTH-taken, en onze bijdrage aan de ODZL en ODNML.

Nieuwe middelen
Voor de uitvoering van het Beleidskader Nieuwe energie en schoon leefmilieu zijn in deze begroting voor 2027 de volgende lasten opgenomen om de onder ‘Kwaliteit’ genoemde resultaten te kunnen behalen:

  • € 0,11 mln. ophoging provinciale bijdrage in de bedrijfsvoeringskosten van de ODNML 2027 (GS 5-5-2026). Dit betreft een structurele ophoging i.v.m. de doorgroei van de ODNML naar volledige begrotingsomvang.

Dit bedrag worden gedekt uit het begrotingsresultaat 2027 e.v. jaren.