2. Samen leven en bestaanszekerheid
Doelenboom
Terug naar navigatie - 2. Samen leven en bestaanszekerheid - DoelenboomDe indicatoren in dit hoofdstuk relateren allemaal aan de maatschappelijke opgaven, doelstellingen en resultaten uit de doelenboom beleidskader 'Samen leven en bestaanszekerheid' (pdf, 65 kB).
Terugdringen van armoede en laaggeletterdheid
Terug naar navigatie - - Terugdringen van armoede en laaggeletterdheidMaatschappelijke opgave
Terug naar navigatie - Terugdringen van armoede en laaggeletterdheid - Maatschappelijke opgaveOp 10 december 2024 zijn de nieuwe cijfers van het internationale PIAAC-onderzoek gepubliceerd. De nieuwe cijfers geven niet alleen inzicht in de taalvaardigheden van inwoners, maar ook in de rekenvaardigheden. Moeite hebben met lezen, schrijven en/of rekenen noemen we gezamenlijk beperkte basisvaardigheden.
De onderstaande indicator betreft het aandeel mensen van 16 tot 75 jaar met beperkte basisvaardigheden in 2022/2023 in de Limburgse regio's.
Mensen die moeite hebben met basisvaardigheden noemden we voorheen laaggeletterd. Tegenwoordig kiezen het ministerie van OCW en het Expertisepunt Basisvaardigheden voor ‘hebben moeite met basisvaardigheden’.
Veel situaties en handelingen in het dagelijks leven vragen om een combinatie van verschillende basisvaardigheden. Met voldoende beheersing van de basisvaardigheden kan een volwassene zich zelfstandig redden in de maatschappij, deze persoon is zelfredzaam (Berenschot & ITTA UvA, 2023).
Het PIAAC-onderzoek wordt ongeveer een keer per 10 jaar geactualiseerd.
Terugdringen van armoede en laaggeletterdheid (MO 2)
Deze tabel bevat regionale statistieken over huishoudens met een relatief laag inkomen. Voor de indeling naar hoogte van het inkomen wordt vanaf 2024 de volgende inkomensgrens gehanteerd: het beleidsmatig minimum. De tabel bevat gegevens over het aantal huishoudens dat tenminste 1 jaar van een inkomen onder de gebruikte inkomensgrens moest rondkomen. Daarom zijn de cijfers met terugwerkende kracht vanaf 2016 aamgepast.
De gegevens hebben betrekking op alle particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar. Studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden zijn buiten beschouwing gebleven. Peildatum voor de gemeentelijke indeling is 1 januari 2025.
Sociaal minimum
Het beleidsmatig of sociaal minimum bestaat uit de netto bijstandsuitkering of (voor ouderen) de netto AOW-uitkering aangevuld met eventuele kinderbijslag, kindgebonden budget, zorgtoeslag, huurtoeslag, en (voor sommige jaren) incidentele koopkrachttegemoetkomingen. De nominale premie zorgverzekering wordt daarbij in mindering gebracht. Bijzondere bijstand en kinderopvangtoeslag blijven buiten de door het CBS gebruikte afbakening. Het sociaal minimum is het wettelijk bestaansminimum dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld.
Cijfers over laag inkomen worden vanaf 2024 niet meer geactualiseerd.
Gegevens beschikbaar vanaf: 2011.
Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel voor 2011 t/m 2023 zijn definitief. De cijfers voor 2024 zijn voorlopig.
Gebied |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Noord-Limburg |
12,5% |
12,4% |
12,0% |
11,6% |
11,6% |
11,0% |
10,8% |
10,8% |
10,4% |
Midden-Limburg |
12,3% |
12,1% |
11,8% |
11,5% |
11,6% |
11,0% |
10,7% |
10,7% |
10,3% |
Zuid-Limburg |
16,1% |
15,9% |
15,6% |
15,3% |
15,5% |
15,1% |
14,7% |
14,8% |
14,5% |
De onderstaande grafiek geeft voor Limburg vanaf peiljaar 2021 de ontwikkeling weer van het aandeel huishoudens met langdurige geregistreerde problematische schulden. Er is sprake van langdurige problematische schulden als een huishouden drie peilmomenten op rij (op 1 januari in het peiljaar én op 1 januari in de twee peiljaren ervoor) te maken had met geregistreerde problematische schulden.
De Limburgse trend volgt de landelijke trend. Het aandeel huishoudens met problematische schulden ligt in Limburg gemiddeld 0,5% lager dan het landelijk gemiddelde.
De registratie en definitie van schulden veranderd landelijk regelmatig. De provincie volgt hierin de expertise van het CBS. Eventuele afwijkingen in eerder gepresenteerde data worden door CBS toegelicht op het dashboard SchuldenproblematiekInBeeld.
Doelstellingen
Terug naar navigatie - Terugdringen van armoede en laaggeletterdheid - DoelstellingenIn 2027 zijn er minder laaggeletterden, laagdigivaardigen en mensen in armoede dan in 2023 (D 7)
Dit betreft het in 2023 en 2024 door Limburgse bibliotheken aantal bereikte personen vanuit de kernfunctie 'educatie en ontwikkeling'. Deze doelgroep bestaat niet alleen uit laaggeletterden, maar ook uit andere personen die hun basisvaardigheden willen versterken.
Het jaar van de nulmeting is 2023.
In 2027 zijn er minder laaggeletterden, laagdigivaardigen en mensen in armoede dan in 2023 (D 7)
Dit betreft het aantal personen dat in een jaar bij een Limburgse bibliotheek effectieve ondersteuning heeft gekregen bij een Informatiepunt Digitale Overheid (IDO).
Het jaar van de nulmeting is 2023.
Deze tabel bevat regionale statistieken over huishoudens met een relatief laag inkomen. Voor de indeling naar hoogte van het inkomen wordt vanaf 2024 de volgende inkomensgrens gehanteerd: het beleidsmatig minimum. De tabel bevat gegevens over het aantal huishoudens dat tenminste 1 jaar van een inkomen onder de gebruikte inkomensgrens moest rondkomen. Daarom zijn de cijfers met terugwerkende kracht vanaf 2016 aamgepast.
De gegevens hebben betrekking op alle particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar. Studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden zijn buiten beschouwing gebleven. Peildatum voor de gemeentelijke indeling is 1 januari 2025.
Sociaal minimum
Het beleidsmatig of sociaal minimum bestaat uit de netto bijstandsuitkering of (voor ouderen) de netto AOW-uitkering aangevuld met eventuele kinderbijslag, kindgebonden budget, zorgtoeslag, huurtoeslag, en (voor sommige jaren) incidentele koopkrachttegemoetkomingen. De nominale premie zorgverzekering wordt daarbij in mindering gebracht. Bijzondere bijstand en kinderopvangtoeslag blijven buiten de door het CBS gebruikte afbakening. Het sociaal minimum is het wettelijk bestaansminimum dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld.
Cijfers over laag inkomen worden vanaf 2024 niet meer geactualiseerd.
Gegevens beschikbaar vanaf: 2011.
Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel voor 2011 t/m 2023 zijn definitief. De cijfers voor 2024 zijn voorlopig.
De onderstaande grafiek geeft voor Limburg vanaf peiljaar 2021 de ontwikkeling weer van het aandeel huishoudens met langdurige geregistreerde problematische schulden. Er is sprake van langdurige problematische schulden als een huishouden drie peilmomenten op rij (op 1 januari in het peiljaar én op 1 januari in de twee peiljaren ervoor) te maken had met geregistreerde problematische schulden.
De Limburgse trend volgt de landelijke trend. Het aandeel huishoudens met problematische schulden ligt in Limburg gemiddeld 0,5% lager dan het landelijk gemiddelde.
De registratie en definitie van schulden veranderd landelijk regelmatig. De provincie volgt hierin de expertise van het CBS. Eventuele afwijkingen in eerder gepresenteerde data worden door CBS toegelicht op het dashboard SchuldenproblematiekInBeeld.
Resultaten
Terug naar navigatie - Terugdringen van armoede en laaggeletterdheid - ResultatenTenminste 30 projecten in uitvoering op het gebied van armoede en laaggeletterdheid (R 33)
Het doel is om in deze beleidsperiode ten minste 30 projecten in uitvoering te hebben op het gebied van armoede en laaggeletterdheid. Tot en met 2025 (VJN 2026) waren reeds 29 projecten ondersteund op het gebied van armoede dan wel laaggeletterdheid. Vanaf januari 2026 t/m mei 2026 zijn er in totaal nieuwe 11 projecten ondersteund, waardoor er cumulatief vanaf 2024 40 projecten zijn ondersteund.
Toelichting 11 nieuwe projecten:
- Er zijn 2 nieuwe projecten op het gebied van armoede ondersteund.
1 op basis van onze Nadere Subsidieregels Leefbaarheidsaanpak 2024-2027 en 1 op basis van de Nadere Subsidieregels Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027.
- Er zijn 9 nieuwe projecten op het gebied van laaggeletterdheid ondersteund.
4 op basis van onze Nadere Subsidieregels Leefbaarheidsaanpak 2024 - 2027 en 5 op basis van de Nadere Subsidieregels Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027.
Jeugd die veilig, kansrijk en gezond opgroeit
Terug naar navigatie - - Jeugd die veilig, kansrijk en gezond opgroeitMaatschappelijke opgave
Terug naar navigatie - Jeugd die veilig, kansrijk en gezond opgroeit - Maatschappelijke opgaveDe weergegeven indicator betreft het aantal kinderen dat geboren wordt (na een zwangerschapsduur van 24 weken of meer) in een gezin waarvan de moeder op basis van een combinatie van verschillende risico- en beschermende factoren te maken heeft met een meervoudig kwetsbare situatie.
Het betreft een indicator die door het RIVM wordt gevolgd voor het actieprogramma Kansrijke Start. In 2024 heeft RIVM deze indicatoren-set herzien. Hierbij werd ook de indicator “Aantal kinderen dat geboren wordt in een gezin in een kwetsbare situatie” aangepast. In deze publicatie van de P&C-monitor presenteren we dan ook de herziene indicator.
Doelstellingen
Terug naar navigatie - Jeugd die veilig, kansrijk en gezond opgroeit - DoelstellingenHet betreft het percentage jongeren (15-27 jaar) die betaald werk hebben. Het percentage betreft ook jongeren die naast hun betaalde baan onderwijs volgen, een uitkering ontvangen of geregistreerd staan als werkzoekende.
Bij oplevering van de nieuwe cijfers van 2024 werd een onjuistheid geconstateerd in de eerder gepresenteerde cijfers. In de onderstaande grafiek zijn deze percentages gecorrigeerd.
In 2027 zijn er meer jongeren die voldoende bewegen en gezond eten dan in 2023 (D 9)
Het betreft het percentage jongeren uit het tweede en vierde leerjaar (12 – 17 jaar) van het voortgezet onderwijs dat vijf of meer dagen per week minstens 1 uur sport of beweegt.
Het landelijk gemiddelde betreft 44,7%.
De nulmeting betreft het jaar 2023.
De Gezondheidsmonitor Jeugd van het RIVM / GGD wordt eens in de vier jaar herhaald.
In 2027 zijn er relatief meer bewust gekozen zwangerschappen dan in 2023 (D 10)
Het cijfer betreft het totaal aantal tienermoeders (19 jaar en jonger per 1 januari van het referentiejaar). De ontwikkeling van het aantal tienermoeders geeft een indicatie van de mate van bewust gekozen zwangerschappen. De nulmeting betreft het jaar 2023.
Het jaar 2023 is aangepast ten opzichte van de NJN 2025, als gevolg van een administratieve correctie.
De ontwikkeling van het aantal abortussen geeft een indicatie van de mate van bewust gekozen zwangerschappen. Het jaar van de 0-meting is 2023.
In 2027 worden kinderen uit een kwetsbare thuissituatie eerder herkend, erkend en ondersteund door hun netwerk (D 11)
Veilig Thuis
Veilig Thuis-organisaties zijn het advies- en meldpunt voor (vermoedens van) huiselijk geweld en kindermishandeling. Slachtoffers, omstanders en professionals kunnen contact opnemen met Veilig Thuis als zij een vermoeden hebben van kindermishandeling en/of huiselijk geweld. Veilig Thuis kan advies en ondersteuning geven over wat de beller zelf kan doen. Is dit niet mogelijk of is de situatie te complex of ernstig? Dan kan de beller een melding doen en komt Veilig Thuis in actie.
Advies: Een op de behoefte van de adviesvrager afgestemde set van aanwijzingen, raadgevingen en tips die Veilig Thuis met de adviesvrager deelt, met als doel de adviesvrager in staat te stellen zelf verder te kunnen handelen in situaties van huiselijk geweld en/of kindermishandeling of bij een vermoeden daarvan. De adviesvrager blijft zelf verantwoordelijk voor eventuele verdere stappen, Veilig Thuis onderneemt geen enkele verdere actie richting de directbetrokkenen bij het huiselijk geweld of de kindermishandeling.
Melding: Het kenbaar maken aan Veilig Thuis van een situatie of vermoeden van huiselijk geweld en/of kindermishandeling met vermelding van de persoonsgegevens van de betrokkene(n). Het verschil met een advies is dat bij een melding de verantwoordelijkheid voor het zicht op de veiligheid van de directbetrokkenen is overgedragen van de melder aan Veilig Thuis.
Handle with care meldingen vanuit Veilig Thuis
Handle With Care is een initiatief van Veilig Thuis, politie en leerplicht om leerlingen tussen de 4 en 12 jaar te beschermen tegen huiselijk geweld. Het doel is om kinderen die thuis een ernstig incident op het gebied van huiselijk geweld meemaken, op school snel van sociale steun te voorzien. Deze steun is belangrijk om de korte- en langetermijneffecten van deze ervaring te verminderen.
De Handle with Care signalen worden vanuit Veilig Thuis doorgezet naar leerplicht. Dit betreft alleen de regio Zuid-Limburg, omdat Handle with Care nog niet actief is in Noord- en Midden-Limburg. In 2025 zijn 715 Handle with Care signalen vanuit Veilig Thuis doorgezet naar leerplicht. Dit betreft alleen de regio Zuid-Limburg.
Het aantal Handle with Care signalen kan in de praktijk afwijken, omdat er nog een aantal signalen wordt uitgefilterd van kinderen die buiten het project vallen (bijvoorbeeld kinderen in de brugklas, kinderen die geen onderwijs krijgen door een 5B-vrijstelling of kinderen die in een andere regio naar school gaan).
De cijfers Handle with Care zijn in afwijking met de VJN2026 nu aangeleverd op basis van schooljaar i.p.v. kalenderjaar, waardoor de cijfers kunnen afwijken t.o.v. de VJN2026
2023 is het jaar van de nulmeting. De methode is in dat jaar gestart waardoor er geen cijfers over voorgaande jaren beschikbaar zijn. Tot september deed alleen Heerlen mee. Van september t/m december ook de rest van Parkstad.
Publieke en maatschappelijke organisatie |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Handle With Care |
- |
- |
- |
- |
221 |
665 |
715 |
Veilig Thuis |
6.170 |
6.835 |
6.935 |
8.060 |
8.340 |
8.935 |
10.115 |
Resultaten
Terug naar navigatie - Jeugd die veilig, kansrijk en gezond opgroeit - Resultaten10.000 jongeren uit kansarme gezinnen komen in aanraking met sport- en cultuuraanbod (R 34)
Kinderen krijgen rechtstreeks van het Jeugdfonds Sport en Cultuur ondersteuning of in gemeente Venlo via de gemeente. Het aantal unieke kinderen dat ondersteuning heeft ontvangen ligt lager dan het totaal aantal goedgekeurde aanvragen voor sport- en cultuur-activiteiten omdat sommige kinderen meermaals aanvragen per jaar en/of een combinatie doen van sport en cultuur. In 2025 was er sprake van 8.448 goedgekeurde aanvragen en dit betrof 7.134 unieke kinderen.
Het jaar van de nulmeting is 2023. Het cijfer van het jaar 2026 betreft een voorlopig cijfer tot mei 2026.
5 lopende projecten waarin ‘VSV’ en ‘NEET-jongeren’ worden geholpen aan een passend perspectief (R 35)
De cijfers tonen het aantal projecten vanaf 2023 die in uitvoering zijn.
In mei 2026 waren 2 projecten in uitvoering van de oorspronkelijk 5 projecten die in dit kader gestart zijn vanuit de Sociale Agenda Limburg 2020 - 2023 (lijn 2, Kans op ontwikkeling en werk).
Het jaar van de nulmeting is 2023.
45 GBT-scholen in Limburg waarmee er 10.000 kinderen gezond ontbijten en lunchen (R 36)
De cijfers tonen per jaar het aantal Gezonde Basisscholen van de Toekomst in Limburg en het aantal kinderen dat op deze scholen hierdoor in aanraking komt met het concept van de Gezonde Basisschool van de Toekomst.
Het jaar van de nulmeting is 2024. De cijfers over 2026 betreffen de periode tot en met 26 mei 2026.
Gezonde basisschool toekomst |
2024 |
2025 |
2026 |
|---|---|---|---|
Aantal GBT-scholen |
31 |
37 |
41 |
Aantal kinderen dat in aanraking komt met GBT |
6.279 |
7.344 |
7.993 |
Participatie van 8 nieuwe gemeenten in Keigezond Limburg (R 37)
De netwerkaanpak Keigezond Limburg is gebaseerd op de aanpak Kind naar Gezonder Gewicht, zoals beschreven in het ‘Landelijk model ketenaanpak voor kinderen met overgewicht en obesitas’ (VU/Care for Obesity 2018). Deze aanpak richt zich op passende ondersteuning en zorg voor kinderen met overgewicht en obesitas. Het kind en de samenwerking tussen het zorg- en sociaal domein staan centraal. Overgewicht of obesitas is aanleiding om in gesprek te gaan en vanuit daar wordt gekeken naar achterliggende oorzaken, de huidige situatie en de nodige ondersteuning voor het kind en gezin.
Steeds meer kinderen/jongeren hebben overgewicht en obesitas. Daardoor hebben zij al op jonge leeftijd een groot risico op diabetes mellitus, hart- en vaatziekten en leververvetting. Ze hebben een lagere levensverwachting en een lagere kwaliteit van leven dan leeftijdgenoten zonder overgewicht. De oorzaak van het overgewicht is bijna altijd gerelateerd aan de leefstijl. Er is al veel inzet op preventie van overgewicht. Echter, de hoge getallen tonen het belang van een effectievere, integrale aanpak van overgewicht onder de jeugd.In dat kader besloten een aantal initiërende partners in 2020 om samen vorm te geven aan een netwerkaanpak voor kinderen met overgewicht & obesitas. Het resultaat van deze samenwerking is Keigezond Limburg!
Het project Keigezond Limburg werd tot 1 september 2024 financieel ondersteund (subsidie) door de Provincie Limburg.
Het jaar van de nulmeting is 2023. De cijfers 2026 betreffen de situatie per 1 juni 2026.
Minimaal 2.500 kinderen worden bereikt met Keigezond Limburg (R 38)
De netwerkaanpak Keigezond Limburg is gebaseerd op de aanpak Kind naar Gezonder Gewicht, zoals beschreven in het ‘Landelijk model ketenaanpak voor kinderen met overgewicht en obesitas’ (VU/Care for Obesity 2018). Deze aanpak richt zich op passende ondersteuning en zorg voor kinderen met overgewicht en obesitas. Het kind en de samenwerking tussen het zorg- en sociaal domein staan centraal. Overgewicht of obesitas is aanleiding om in gesprek te gaan en vanuit daar wordt gekeken naar achterliggende oorzaken, de huidige situatie en de nodige ondersteuning voor het kind en gezin.
Steeds meer kinderen/jongeren hebben overgewicht en obesitas. Daardoor hebben zij al op jonge leeftijd een groot risico op diabetes mellitus, hart- en vaatziekten en leververvetting. Ze hebben een lagere levensverwachting en een lagere kwaliteit van leven dan leeftijdgenoten zonder overgewicht. De oorzaak van het overgewicht is bijna altijd gerelateerd aan de leefstijl. Er is al veel inzet op preventie van overgewicht. Echter, de hoge getallen tonen het belang van een effectievere, integrale aanpak van overgewicht onder de jeugd.In dat kader besloten een aantal initiërende partners in 2020 om samen vorm te geven aan een netwerkaanpak voor kinderen met overgewicht & obesitas. Het resultaat van deze samenwerking is Keigezond Limburg!
Het provinciaal subsidie voor de uitvoering van Keigezond Limburg is per 1 september 2024 gestopt (einde projectperiode). Er wordt momenteel een nieuwe subsidieaanvraag voorbereid, we verwachten dat deze aan ons wordt voorgelegd in Q2/Q3 2026.
Het jaar van 0-meting is 2024. De cijfers over 2025 betreffen de periode per 1 november 2025 en zijn het cumulatieve aantal kinderen vanaf 2024.
Minimaal 1350 gevolgde trajecten ‘Voorzorg’ en ‘Nu Niet Zwanger’ (R 39)
De interventie nu niet zwanger ondersteunt zeer kwetsbare mensen om een bewuste keuze te maken over het moment van een zwangerschap, zodat zij niet ongepland en tegen hun wens zwanger raken. De interventie "voorzorg" is een intensief huisbezoek programma als onderdeel van het programma kansrijke start voor (zeer) kwetsbare vrouwen de zwanger zijn en te maken hebben met een opeenstapeling van problemen.
Het aantal trajecten is de optelsom van een tweetal interventies Nu Niet zwanger en Voorzorg. Het jaar van de nulmeting is 2024.
Minimaal 50 verloskundigen/gynaecologen die zijn opgeleid om conform de methode ‘Centering Pregnancy’ te werken' (R 40)
Centering zwangerschap is een interventie uit het programma kansrijke start en combineert de medische controles rondom een zwangerschap met alle informatie rondom zwangerschap, bevalling en babytijd. De verloskundige zorg wordt gegeven in een groep van zwangeren die rondom dezelfde tijd zijn uitgerekend.
Het cijfer betreft aantal verloskundigen/gynaecologen dat is opgeleid conform de methode.
Het jaar van nulmeting is 2024.
2 projectpilots Kansrijke Start (R 41)
Dit programma richt zich met behulp van interventies op kinderen in de eerste 1000 dagen van hun leven of daaropvolgend. Dit om ieder kind een gelijke start te kunnen geven. Het jaar van nulmeting is 2023.
Het cijfer van 2026 betreft de periode tot en met 18 mei en is het cumulatieve aantal vanaf 2023.
Minimaal 800 gestarte trajecten Stevig Ouderschap (R 42)
Stevig Ouderschap is een interventie uit het programma Kansrijke Start (-9 maanden - 2 jaar) voor ouders die extra ondersteuning nodig hebben. Het betreft een interventie die 1 op 1 werkt en het gaat hier om huisbezoeken. Mensen worden doorverwezen door de gynaecoloog en/of huisarts.
Dit betreft een interventie die in 2024 alleen door de GGD Zuid werd aangeboden en niet door de GGD voor Midden- en Noord Limburg. Het jaar van de nulmeting is 2024.
5 Limburgse consultatiebureaus werken via methode ‘Centering Ouderschap’ (R 43)
De interventie "Centering ouderschap" wordt gemonitord door de GGD. Zij geven aan dat de interventie in een aantal gemeenten loopt. Bij de GGD Midden- en Noord Limburg loopt Centering Ouderschap in 8 gemeenten (van de 15). Daarbij zijn er een aantal kleinere gemeenten die gezamenlijk uitvoering geven aan Centering Ouderschap. Ook is het zo dat de uitvoering van Centering Ouderschap in een aantal gemeenten een uitdaging is vanwege de beperkte capaciteit (in de Jeugdgezondheidszorg als ook in het sociaal domein). Er zijn al veel meer consultatiebureaus in Midden- en Noord Limburg die werken met de interventie Centering ouderschap dan de opgave in het beleidskader (5 consultatiebureau werken met deze interventie in 2027). Bij de GGD Zuid Limburg is de interventie Centering Ouderschap nog niet in uitvoering. Het jaar van de nulmeting is 2024.
Alle Limburgse scholen nemen deel in Handle with Care netwerk (R 44)
In 2025 zijn alle Zuid-Limburgse basisscholen aangesloten op Handle with Care.
In 2023 was de regio Parkstad begonnen, maar de regio's Maastricht-Heuvelland en Westelijke Mijnstreek nog niet. De actuele gegevens zijn gebaseerd op de regio's Maastricht-Heuvelland, Westelijke Mijnstreek en Parkstad.
De aangereikte cijfers voor de NJN zijn gebaseerd op een kalenderjaar, terwijl deze bij de VJN2026 waren aangeleverd op basis van schooljaar. Hierdoor wijken de nu aangeleverde cijfers iets af t.o.v. de VJN2026.
Het jaar van de nulmeting is 2023.
Vergroten van de sociale cohesie en gemeenschapszin
Terug naar navigatie - - Vergroten van de sociale cohesie en gemeenschapszinMaatschappelijke opgave
Terug naar navigatie - Vergroten van de sociale cohesie en gemeenschapszin - Maatschappelijke opgaveSociale cohesie is opgebouwd vanuit een veiligheidsmonitor van het CBS (Statline) en bestaat uit verschillende onderdelen over de sociale aspecten van een woonbuurt.
Vanaf 2021 betreft het een achttal stellingen:
• Mensen kennen elkaar nauwelijks
• Mensen gaan prettig met elkaar om
• Gezellige buurt waar men elkaar helpt
• Voel mij thuis bij mensen in deze buurt
• Veel contact met andere buurtbewoners
• Tevreden met samenstelling bevolking
• Durf mijn huissleutel te geven
• Mensen spreken elkaar aan op gedrag
Tot en met 2019 is er gebruikgemaakt van de onderstaande set stellingen:
• Mensen kennen elkaar nauwelijks
• Mensen gaan prettig met elkaar om
• Gezellige buurt met veel saamhorigheid
• Voel mij thuis bij mensen in deze buurt
• Veel contact met andere buurtbewoners
• Tevreden met samenstelling bevolking
Tot en met 2017 werd de Veiligheidsmonitor jaarlijks uitgevoerd. Daarna vindt de Veiligheidsmonitor plaats in de oneven jaren: 2019, 2021, 2023 en 2025. De volgende meting vindt plaats in 2027.
In 2025 (6,3) is voor de tweede keer op rij een daling te zien in de beleving van de sociale cohesie ten opzichte van 2021 (6,5).
Doelstellingen
Terug naar navigatie - Vergroten van de sociale cohesie en gemeenschapszin - DoelstellingenKwalitatieve doelstellingen
In december 2024 is het Limburgs actieplan vrijwilligers officieel gelanceerd, waarna in het eerste kwartaal van 2025 is gestart met de implementatie. De rol van de Provincie is met name verbindend, faciliterend en ondersteunend van aard. De voortgang kan als voortvarend worden bestempeld, waarbij meerdere actiepunten met succes zijn gerealiseerd. Zo is er een online portretreeks gestart, waarin de verhalen en ervaringen van vrijwilligers uit verschillende domeinen worden belicht. Verder wordt er doorlopend gewerkt aan optimalisatie en toegankelijkheid van bestaande subsidieregelingen, is de Provincie een samenwerking aangegaan met het Oranje Fonds voor het ‘Limburg Samen Sterk Fonds’ en vond in december 2025 voor de eerste keer het Vrijwilligersontbijt plaats. In 2026 en 2027 wordt de uitvoering van de acties van het Limburgs Actieplan Vrijwilligers verder voortgezet.
In 2027 voelen bewoners in geselecteerde buurten en wijken zich meer thuis dan in 2023 (D 12)
Deze tabel bevat cijfers over leefbaarheid en overlast in de woonbuurt, veiligheidsbeleving, slachtofferschap traditionele criminaliteit, slachtofferschap online criminaliteit, oordeel van burgers over de politie, en preventie van criminaliteit. De cijfers (vanaf 2012 - tweejaarlijks beschikbaar) laten een stabiel beeld zien.
In 2027 is er in de geselecteerde wijken/buurten meer buurtcontact dan in 2023 (D 13)
Deze tabel bevat cijfers over leefbaarheid en overlast in de woonbuurt, veiligheidsbeleving, slachtofferschap traditionele criminaliteit, slachtofferschap online criminaliteit, oordeel van burgers over de politie, en preventie van criminaliteit. De cijfers (vanaf 2012 - tweejaarlijks beschikbaar) laten een stabiel beeld zien. Het landelijke gemiddelde percentage bedraagt 37,2 %.
In 2027 zijn er meer vrijwilligers- en bewoners-initiatieven dan in 2023 (D 14)
Deze indicator geeft inzicht in het aantal verstrekte subsidies aan vrijwilligers- en bewonersinitiatieven, gebaseerd op specifieke subsidieregelingen binnen de Provincie Limburg. Deze indicator is relevant omdat hij een beeld geeft van de mate waarin de provincie actief bijdraagt aan het stimuleren van maatschappelijke betrokkenheid, sociale cohesie en participatie onder inwoners.
Het jaar van de nulmeting is 2025; vanuit dit referentiejaar zullen de ontwikkelingen in de daaropvolgende jaren systematisch worden gemonitord. In 2025 en 2026 is de dataverzameling gebaseerd op de volgende subsidieregelingen: Archeologie 2025-2027, Bovenlokale Evenementen 2025-2027, Klein Limburgs Erfgoed 2025-2027 en Leefbaarheidsaanpak 2025-2027 lijn 1 en lijn 2.
De gegevens tot en met mei 2026 zijn op dit moment nog niet volledig beschikbaar en zullen in een later stadium dit jaar (september 2026) worden geactualiseerd en aangevuld.
Resultaten
Terug naar navigatie - Vergroten van de sociale cohesie en gemeenschapszin - ResultatenKwalitatieve resultaten
1 symposium organiseren over VN Gehandicaptenverdrag voor gemeenten en de sociale basisinfrastructuur (R 46)
Symposium is georganiseerd, ja/nee (R_46a)
Nee, naar aanleiding van de 2e gewijzigde motie 2973 Fischer c.s. inzake Vervolg implementatie VN-verdrag Handicap zal een symposium worden georganiseerd dat is bedoeld om verbinding te legen tussen de relevante partijen in relatie tot de doelgroep mensen met een beperking en hun positie in onze samenleving te faciliteren en bevorderen. Het symposium vindt in Q3/Q4 van 2026 plaats.
Het cijfer betreft het aantal samenwerkingen met sociale fondsen. Het cijfer betreft een cumulatief aantal per 12 mei 2026 vanaf 2023.
Er is een samenwerking met het Kansfonds en het Oranje Fonds aangegaan.
Het jaar van de nulmeting is 2023.
20 projecten gericht op burgerinitiatieven die participatie en sociale cohesie bevorderen (R 47)
Middels het Samen Sterk Fonds en de Leefbaarheidsaanpak zijn in 2026, 29 projecten financieel ondersteund, die gericht zijn op burgerinitiatieven die participatie en sociale cohesie bevorderen (Peildatum: 20 mei 2026).
Er zijn nog een aantal ingediende aanvragen in behandeling waarover besluitvorming op een later moment zal plaatsvinden.
Het jaar van de nulmeting is 2024.
Een gezonde Limburger door meer bewegen en sporten
Terug naar navigatie - - Een gezonde Limburger door meer bewegen en sportenMaatschappelijke opgave
Terug naar navigatie - Een gezonde Limburger door meer bewegen en sporten - Maatschappelijke opgaveEen gezonde Limburger door meer bewegen en sporten (MO 6)
Percentage Limburgers van 18 jaar en ouder dat de ervaren gezondheid als goed/zeer goed beschouwt.
De gegevens zijn afkomstig uit de Gezondheidsmonitor van de GGD'en, het RIVM en het CBS. De Gezondheidsmonitor vindt sinds 2012 elke 4 jaar plaats. In 2022, tijdens de COVID-19 crisis, is een extra Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen uitgevoerd: de Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022.
Doelstellingen
Terug naar navigatie - Een gezonde Limburger door meer bewegen en sporten - DoelstellingenIn 2027 worden er meer Limburgers bereikt door de sport-/beweegactiviteiten van de sociale basisinfrastructuur dan in 2023 (D 16)
De cijfers vanuit de sporttakplatforms (over 2025) komen pas vanaf 1 juli 2026 beschikbaar bij de verzoeken om vaststelling over 2025. Vanuit de Stimuleringsregeling Bovenlokale Evenementen 2025-2027 zijn in 2025 33 bovenlokale sportevenementen financieel ondersteund.
De subsidieregeling Opleiding Jeugdtrainers 2023-2024 is vervallen per 1 januari 2025. Vanuit de subsidieregeling Topsportevenementen zijn 20.459 Limburgers bereikt.
In 2027 voldoen meer Limburgers aan de beweegrichtlijn dan in 2023 (D 17)
Een persoon voldoet aan de beweegrichtlijn als hij/zij 2,5 uur per week matig intensief beweegt en daarnaast 2 uur per week spier- en botversterkende activiteiten uitvoert. Voor ouderen komen daar nog balansoefeningen bij. Balansoefeningen zijn op dit moment niet meegenomen in de beweegrichtlijn. De hoeveelheid beweging wordt ingeschat op basis van een uitgebreide vraag waarin mensen kunnen aangeven hoe veel uur per week zij besteden aan verschillende activiteiten, zoals lopen of fietsen naar werk of school, huishoudelijke activiteiten, vrije tijd, en sport.
De cijfers betreffen Limburgers van 18 jaar en ouder. Cijfers worden één keer per vier jaar geüpdatet. Laatste update is van 13 maart 2026 (gegevens over verslagjaar 2025 zijn daarmee gepubliceerd).
Resultaten
Terug naar navigatie - Een gezonde Limburger door meer bewegen en sporten - ResultatenMinimaal 1.500 sporters krijgen ondersteuning via de Coöperatie Limburg Sport (R 52)
Met sporters wordt bedoeld 'talenten en topsporters' in Limburg. Ieder talent en topsporter in Limburg, met en zonder een beperking, kan bij de Coöperatie Limburg Sport een aanvraag indienen om voor een talent of topsportstatus in aanmerking te komen. Na toekenning van een status ontvangt de sporter een sporttalentpas van Coöperatie Limburg Sport. De volgende topsport- en talentstatussen zijn mogelijk - A - HP - Selectie - Bonds - IT - NT- Belofte - KNVB-belofte - RS - Q
De Coöperatie Limburg Sport heeft van de Provincie de opdracht gekregen om talenten en topsporters in Limburg te ondersteunen.
Het jaar van de nulmeting is 2024. In 2025 waren 1.734 sporters geregistreerd. Op 3 februari 2026 waren nog 601 herregistraties van de talent- of topsportstatus van de 1.734 in behandeling, waardoor het definitieve aantal geregistreerde en ondersteunde talenten en topsporters nog kan wijzigen. Op de meest recente peildatum, 28 mei 2026, stonden 1.712 sporters geregistreerd, waarvan nog 511 aanvragen in behandeling.
75 bovenlokale sportevenementen zijn ondersteund (R 53)
Het cijfers van de jaren 2025 en 2026 betreffen het aantal bovenlokale sportevenementen dat financieel is ondersteund middels de Stimuleringsregeling Bovenlokale Evenementen 2025-2027 (Peildatum: 8 mei 2026).
Het cijfer van het jaar 2024 betreft het aantal bovenlokale sportevenementen dat financieel is ondersteund middels de Stimuleringsregeling Bovenlokale Evenementen 2020-2024.
Het jaar van de nulmeting is 2024. Vanaf 2024 tot 8 mei 2026 zijn er 65 bovenlokale sportevenementen ondersteund.
Er zijn nog een aantal ingediende aanvragen in behandeling waarover besluitvorming op een later moment zal plaatsvinden.
12 topsportevenementen met een breedtesportprogramma zijn ondersteund (R 54)
2024
De subsidieregeling topsportevenementen 2024 voorzag in het jaar 2024 in de ondersteuning van een drietal majeure topsportevenementen met een activerend breedtesportprogramma. Verder werd de Tour de France Femmes als incidentele subsidieaanvraag buiten de regeling ondersteund. Door middel van de ondersteuning van deze 4 topsportevenementen met activerende breedtesportprogramma’s, zijn veel Limburgers in beweging gebracht en gestimuleerd om in beweging te komen. Met behulp van de subsidieregeling topsportevenementen 2025-2027 wordt beoogd om over de periode 2024-2027, in aanvulling op de subsidieregeling topsportevenementen 2024 en een incidentele subsidieaanvraag van een topsportevenement met breedtesportprogramma, in totaal minimaal 12 topsportevenementen met een breedtesportprogramma te ondersteunen, conform de doelstelling in het kader ‘Samen leven en Bestaanszekerheid’.
Het jaar van de nulmeting is 2024.
2025
De subsidieregeling topsportevenementen 2025-2027 voorzag in het jaar 2025 in de ondersteuning van een viertal majeure topsportevenementen met activerend breedtesportprogramma. Verder werd het WK Gravel als incidentele subsidieaanvraag buiten de regeling om ondersteund. Door middel van de ondersteuning van deze 5 topsportevenementen met activerende breedtesportprogramma’s, zijn veel Limburgers in beweging gebracht en gestimuleerd om in beweging te komen.
2026
Er zijn vier aanvragen ingediend (peildatum 28 mei 2026) maar deze zijn nog in behandeling en nog niet toegekend. Twee verleningen (beschikkingen) worden momenteel voorbereid.
3 sportakkoorden in uitvoering (specifieke doelstellingen per regio volgen nog op later moment) (R 55)
Het proces om de 3 sport- en beweegakkoorden te realiseren is in januari 2025 gestart met bestuurlijke en ambtelijke overleggen in de 3 regio's Noord-, Midden- en Zuid-Limburg . Per regio wordt 1 sport- en beweegakkoord gesloten. Het jaar van de nulmeting is 2025.
In oktober 2025 is het sport- en beweegakkoorden met de regio Midden-Limburg ondertekend en in januari resp. maart 2026 met de regio's Noord- respectievelijk Zuid-Limburg. Vervolgens worden op basis van de ambities van de regio, hoe zij invulling willen geven aan de akkoorden, uitvoeringsplannen per regio opgesteld. Op basis van deze invoeringsplannen dienen de regio's een subsidieverzoek bij de Provincie in, waarna de uitvoering van start gaat. In de regio's Midden- en Zuid-Limburg is de uitvoering gestart. In de regio Noord-Limburg is de start van de uitvoering voorzien in Q3 2026.
Gebied |
2025 |
2026 |
|---|---|---|
Limburg |
0 |
2 |
Limburgse wijken en dorpen zijn leefbaarder en veiliger
Terug naar navigatie - - Limburgse wijken en dorpen zijn leefbaarder en veiligerMaatschappelijke opgave
Terug naar navigatie - Limburgse wijken en dorpen zijn leefbaarder en veiliger - Maatschappelijke opgaveDe Leefbaarometer is een instrument dat tot op laag schaalniveau een inschatting geeft van de leefbaarheid. Het instrument doet dat op basis van een groot aantal kenmerken van de woonomgeving. Deze variëren van de in een gebied gepleegde misdrijven tot de lokale geluidsbelasting. De Leefbaarometer is onderverdeeld in vijf ‘dimensies’ waarbinnen thematisch met elkaar samenhangende indicatoren zijn gegroepeerd. De 'fysieke omgeving' is één van deze dimensies.
De Leefbaarometer kent een totaalscore per gebied. Daarnaast wordt de afwijking t.o.v. het landelijk gemiddelde getoond. Onderstaande grafiek toont in hoeverre de dimensie sociale samenhang (bijv. sociale cohesie en levensfase diversiteit) gemiddeld bijdraagt aan de afwijking t.o.v. het landelijk gemiddelde.
Op wijk- en buurtniveau kan de sociale samenhang een positieve of negatieve bijdrage hebben. Op hogere schaalniveaus zijn die afwijkingen niet zichtbaar. Bezoek daarom de website Leefbaarometer.nl voor kaarten en onderliggende indicatoren.
Deze indicator geeft aan in hoeveel Limburgse gemeenten de deelscore sociale samenhang een positieve bijdrage levert aan de leefbaarheid en bij hoeveel gemeenten dit een negatieve bijdrage betreft ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
De Leefbaarometer is een instrument dat tot op laag schaalniveau een inschatting geeft van de leefbaarheid. Het instrument doet dat op basis van een groot aantal kenmerken van de woonomgeving. Deze variëren van de in een gebied gepleegde misdrijven tot de lokale geluidsbelasting. De Leefbaarometer is onderverdeeld in vijf ‘dimensies’ waarbinnen thematisch met elkaar samenhangende indicatoren zijn gegroepeerd. De 'fysieke omgeving' is één van deze dimensies.
De Leefbaarometer kent een totaalscore per gebied. Daarnaast wordt de afwijking t.o.v. het landelijk gemiddelde getoond. Onderstaande grafiek toont in hoeverre de dimensie overlast en onveiligheid (bijv. ervaren overlast en onveiligheid en aantal vernielingen en orde verstoringen) gemiddeld bijdraagt aan de afwijking t.o.v. het landelijk gemiddelde.
Op wijk- en buurtniveau kan de deelscore overlast en onveiligheid een positieve of negatieve bijdrage hebben. Op hogere schaalniveaus zijn die afwijkingen niet zichtbaar. Bezoek daarom de website Leefbaarometer.nl voor kaarten en onderliggende indicatoren.
Deze indicator geeft aan in hoeveel Limburgse gemeenten de deelscore overlast en onveiligheid een positieve bijdrage levert aan de leefbaarheid en bij hoeveel gemeenten dit een negatieve bijdrage betreft ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
Doelstellingen
Terug naar navigatie - Limburgse wijken en dorpen zijn leefbaarder en veiliger - Doelstellingen
In 2027 is de leefbaarheid en veiligheid in Limburgse wijken, buurten en dorpen beter dan in 2023 (D 15)
Betreft cijfers uit de CBS veiligheidsmonitor. Het Limburgse percentage ligt net boven het landelijke gemiddelde van 16,8% (2025).
Tot en met 2017 werd de Veiligheidsmonitor jaarlijks uitgevoerd. Daarna vindt de Veiligheidsmonitor plaats in de oneven jaren: 2019, 2021, 2023, 2025 en de volgende in 2027.
In verband met wijzigingen in de vraagstelling kunnen eerdere gegevens niet worden meegenomen in de trend.
In 2027 is de leefbaarheid en veiligheid in Limburgse wijken, buurten en dorpen beter dan in 2023 (D 15)
Sociale cohesie is opgebouwd vanuit een veiligheidsmonitor van het CBS (Statline) en bestaat uit verschillende onderdelen over de sociale aspecten van een woonbuurt.
Vanaf 2021 betreft het een achttal stellingen:
• Mensen kennen elkaar nauwelijks
• Mensen gaan prettig met elkaar om
• Gezellige buurt waar men elkaar helpt
• Voel mij thuis bij mensen in deze buurt
• Veel contact met andere buurtbewoners
• Tevreden met samenstelling bevolking
• Durf mijn huissleutel te geven
• Mensen spreken elkaar aan op gedrag
Tot en met 2019 is er gebruikgemaakt van de onderstaande set stellingen:
• Mensen kennen elkaar nauwelijks
• Mensen gaan prettig met elkaar om
• Gezellige buurt met veel saamhorigheid
• Voel mij thuis bij mensen in deze buurt
• Veel contact met andere buurtbewoners
• Tevreden met samenstelling bevolking
Tot en met 2017 werd de Veiligheidsmonitor jaarlijks uitgevoerd. Daarna vindt de Veiligheidsmonitor plaats in de oneven jaren: 2019, 2021, 2023 en 2025. De volgende meting vindt plaats in 2027.
In 2025 (6,3) is voor de tweede keer op rij een daling te zien in de beleving van de sociale cohesie ten opzichte van 2021 (6,5).
In 2027 is de leefbaarheid en veiligheid in Limburgse wijken, buurten en dorpen beter dan in 2023 (D 15)
Betreft het percentage Limburgers die veel overlast ervaren van één of meerdere vormen van sociale overlast:
1. Dronken mensen op straat
2. Verwarde personen
3. Drugsgebruik, bijv. op straat of bij coffeeshops
4. Drugshandel
5. Overlast door buurtbewoners
6. Mensen die op straat worden lastiggevallen
7. Rondhangende jongeren
Tot en met 2017 werd de Veiligheidsmonitor jaarlijks uitgevoerd. Daarna vindt de Veiligheidsmonitor plaats in de oneven jaren: 2019, 2021, 2023, 2025 en de volgende in 2027.
Door wijzigingen in de vraagstellingen en in de onderzoeksopzet zijn de uitkomsten van de Veiligheidsmonitor 2021 en 2023 niet zonder meer te vergelijken met die van de eerdere edities van de Veiligheidsmonitor.
Het percentage van 2025 is nagenoeg gelijk ten opzichte van 2023. Het percentage van de trend in buurten met veel sociale overlast ligt in Limburg net iets onder het landelijke gemiddelde van 14.3%.
Resultaten
Terug naar navigatie - Limburgse wijken en dorpen zijn leefbaarder en veiliger - ResultatenMinimaal 5 nieuwe integrale aanpakken in Limburgse aandachtswijken in uitvoering (R 48)
Door GS zijn in 2024 6 wijken en in 2025 2 dorpen geselecteerd waar samen met de betreffende gemeenten toegewerkt wordt naar intentieovereenkomsten, waarin wordt vastgelegd dat partijen aan de slag willen gaan met een langjarige gebiedsgerichte integrale aanpak in de betreffende wijk/ dorp.
26-6- 2025: Er zijn voor 8 gebiedsgerichte aanpakken (6 wijken en 2 dorpen) intentieovereenkomsten ondertekend als eerste stap om langjarig en integraal in deze gebieden aan de slag te gaan .
02-06-2026: Er zijn voor 8 gebiedsgerichte aanpakken samenwerkingsovereenkomsten getekend waarmee het commitment van partners om langjarig en integraal aan de slag te gaan voor alle 8 gebieden is vastgelegd. De lokale alliantiepartners in de 8 gebieden zijn gestart met/ het opstellen van de uitvoeringsplannen voor de komende periode.
Gebied |
Februari 2025 |
Juni 2025 |
Maart 2026 |
Juni 2026 |
|---|---|---|---|---|
Limburg |
0 |
8 |
8 |
8 |
Deze indicator betreft de sociale leefbaarheidsinitiatieven.
De indicator valt uiteen in de 8 integrale gebiedsgerichte aanpakken en initiatieven vanuit de leefbaarheidsaanpak.
Ten aanzien van de eerste is er nog geen subsidie aangevraagd wel zijn intentie en samenwerkingsovereenkomsten getekend (zie R_48a). Ten aan zien van de initiatieven uit de leefbaarheidsaanpak (schaalniveau A en B) zijn van het totaal aantal toegekende subsidies 186 (zie indicator R_118a en R_119a) 116 subsidies toegekend aan sociale initiatieven.
De peildatum is 13 mei 2026.